Rustig+beeld+op+zuivelmarkt
Achtergrond
© Pieter Stokkermans

Rustig beeld op zuivelmarkt

De berekende voorschotmelkprijzen komen in maart 2019 uit op gemiddeld 33,52 euro per 100 kilo standaardmelk. Een daling van 0,33 euro ten opzichte van de vorige maand. De gemiddelde melkprijs in maart 2019 is gelijk aan die van maart 2018.

Dat de gemiddelde melkprijs iets is gedaald, komt vooral door de daling van de Glanbia-melkprijs met 4,80 euro. De voornaamste oorzaak van deze prijsdaling is het feit dat in de februarimelkprijs een seizoenstoeslag zat die niet meer geldt voor maart. Glanbia hanteert een wintertoeslag om de melkproductie voor de binnenlandse markt op peil te houden.

Hochwald en Danone hebben de melkprijs ook verlaagd. De meeste zuivelondernemingen hebben de melkprijs niet gewijzigd. Slechts enkele melkprijzen zijn iets gestegen.

 

Vlakker patroon in prijsontwikkeling

Opvallend is dat de melkprijs in maart 2019 niet alleen gelijk is aan vorig jaar, maar dat deze ook bijna gelijk is aan de melkprijs in 2017 en het gemiddelde van de voorgaande vijf jaren. Seizoensmatig dalen de melkprijzen in het begin van het jaar tot het laagste niveau in april en mei, als de melkproductie piekt. De prijsontwikkeling begin 2019 verloopt echter volgens een vlakker patroon dan in voorgaande jaren het geval was.

Door de aangekondigde melkprijzen van Arla (in april 0,1 euro eraf en in mei ongewijzigd), DMK (april ongewijzigd), Dairy Crest (tot en met mei ongewijzigd) en de Franse zuivelondernemingen lijkt deze stabiele ontwikkeling ook voor de komende maanden te gelden.

Ondanks de aangekondigde prijsverlagingen (april 0,5 euro en mei -0,75 euro) draagt ook de melkprijs van FrieslandCampina bij aan deze stabiele ontwikkeling. De zuivelonderneming verlaagde vorig jaar in dezelfde periode de melkprijzen namelijk meer.

Melkaanvoer stabiel

In de Europese Unie (EU) bleef de melkaanvoer in februari vrijwel stabiel. Over de eerste twee maanden van 2019 was nog wel sprake van een beperkte achterstand van 0,6 procent. Naast de achterblijvende productie in Nederland, was daarbij vooral die in Frankrijk en Duitsland bepalend.

Daartegenover stond stevige groei in Polen en het Verenigd Koninkrijk. Ook de melkproductie in de meeste andere, mondiaal belangrijke, zuivelexporterende landen bleef tot en met februari achter of stagneerde.

In Nieuw-Zeeland groeide de productie nog wel met 4,3 procent, maar deze stagneerde in februari door droogte. In de Verenigde Staten beperkten zwakke marges de groei tot een half procent. Per saldo bleef het geaggregeerde groeicijfer van de belangrijke zuivelexporteurs over de eerste twee maanden van 2019 negatief: -0,4 procent.

Rustig marktbeeld boter

In algemene zin lijkt het huidige aanbod in balans met de vraag, waardoor sprake is van een redelijk rustig marktbeeld. Zo beweegt de botermarkt zich in april vrij stabiel, rond iets hogere prijsniveaus dan in maart. Door voldoende aanbod voor de korte termijn en een vooralsnog beperkte vraag, ontbreekt het de markt in de loop van april aan een uitgesproken richting.

Verwachtingen ten aanzien van toenemende kansen voor EU-exporteurs door hogere wereldmarktprijzen worden bij boter vooralsnog niet waargemaakt.

Bij mager melkpoeder is wel sprake van een gestaag doorlopende EU-export, onder andere naar China. De verdere vraagontwikkeling vanuit export gaf in de tweede helft van april ruimte voor een licht opwaartse beweging in de notering. Intussen blijft de markt voor volle melkpoeder onveranderd stabiel.

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    9° / 3°
    50 %
  • Zaterdag
    9° / 7°
    80 %
  • Zondag
    10° / 7°
    70 %
Meer weer