Varkenshouder+uit+Oirschot+is+geraffineerd+bezig+met+mest
Reportage
© Studio Van Assendelft

Varkenshouder uit Oirschot is geraffineerd bezig met mest

Bert Rijnen uit Oirschot zette twaalf jaar geleden de eerste stap om mest op zijn bedrijf te verwerken. Doelgericht en bij elke nieuwe stap bewust kiezend voor bewezen technieken. De indamper maakt het raffineren van mest vrijwel rond.

In het buitengebied van Oirschot springen de twee bolstaande overkappingen op ronde silo's bij Eco-Energy Oirschot als eerste in het oog. Die groene vergistingstanks zijn omgeven door loodsen en stallen van varkenshouderij Rijnen. Opvallend is ook dat er wat water in de sloot staat bij de toegangsweg van het bedrijfscomplex.

In het kantoorgedeelte bij het bedrijf met 430 zeugen en 4.500 vleesvarkens zijn eigenaar Bert Rijnen en Kees van Ham, Adviseur Intensief bij DLV Advies, in overleg. 'We hadden graag een open dag georganiseerd om onze nieuwste stap in het raffineren van mest te laten zien', zegt Rijnen. 'Onze opgedane kennis en ervaring met het doelgericht steeds verder verwerken van mest willen we delen.'


Zo een paar jaar verder

Eco-Energy Oirschot startte in 2008, toen de biogasinstallatie werd opgeleverd. Met het vergisten van een mix van varkensmest en coproducten is de productie van groen gas opgepakt. Al snel werd de eerste warmtekrachtkoppeling (WKK) gekocht om groene elektriciteit te maken. 'Naast het houden van varkens kreeg ik er nieuwe activiteiten bij zoals het aankopen van coproducten die ongeschikt zijn voor het voeden van mens of dier en het verkopen van energie', zegt de varkenshouder. 'Om dat vergistingsproces te optimaliseren, ben je zo een paar jaar verder.'

Het indampproces optimaliseren betekent ook de voorscheiding nog verder finetunen

Bert Rijnen, eigenaar Eco-Energy Oirschot

Een tweede WKK werd aangekocht en het hygiëniseren van digestaat, de reststroom na het winnen van biogas, kwam erbij. 'Het exporteren van digestaat verliep steeds lastiger door aangescherpte regelgeving in Duitsland', zegt Van Ham die Rijnen begeleidt bij het voldoen aan alle mestregels, die nogal eens veranderen. 'Strategisch is gekozen om weer een stap verder te gaan en minder afzetafhankelijk te worden.'


Drooghal

In 2013 verrees een drooghal op het erf. Daarin kwam een installatie met drie mestbanden elk met een lengte van 24 meter en een luchtwasser met wortelwand die 95 procent van de ammoniak bindt en geur en fijnstof afvangt. Met restwarmte van de WKK's werd de dikke fractie gedroogd die met een persvijzel uit het digestaat werd gehaald. Zo werd het drogestofgehalte verhoogd van 30 naar 90 procent.

'Deze kurkdroge mineralenfractie verkopen wij aan een korrelaar. Die maakt er organische mineralenkorrels van met een constante samenstelling. Deze waardevolle meststoffen worden wereldwijd afgezet', zegt Rijnen. 'Die samenwerking verloopt prima en is een opbrengstpost.'


Hoofdbrekens

Maar de afzet van de bulk, de vloeibare mineralenfractie, bleef Rijnen hoofdbrekens kosten. 'Al tien jaar heb ik mijn hoop gevestigd op het erkennen van mineralenconcentraat als kunstmestvervanger. Het lijkt erop dat dit per 2021 gaat gebeuren.'

Daarom heeft de ondernemer in de tussentijd weer stappen gezet richting een totaaloplossing. Het verder ontrafelen van de dunne fractie naar vloeibare meststoffen met waarde en loosbaar water. 'Ik wil minder afhankelijk zijn van landbouwgrond en organische mestproducten op maat voor de akker- en tuinbouw produceren.'


Efficiëntere voorscheiding

In 2018 investeerde Rijnen in een efficiëntere voorscheiding om een betere kwaliteit dunne fractie over te houden. Na wat te hebben geëxperimenteerd met scheidingstechnieken waaronder een centrifuge - 'te veel geweld en werkte niet goed met digestaat' -, koos hij voor een bewezen gecombineerde techniek. Hij schafte een zeefbandpers en een flotatie-unit aan. Hiermee kon het drogestofgehalte in dunne mineralenfractie worden verlaagd van 8 naar 2 procent.

De meest recente aanwinst is een op maat gemaakte indamper. Een indrukwekkende bonk van roestvaststalen buizen en pannen. In vier stappen onder vacuüm en met gebruik van restwarmte wordt 24/7 proceswater gemaakt. Daarnaast blijft een vloeistoffractie met 70 kilo stikstof per ton over en een kaliumrijke vloeistof. 'Het indampproces moeten we de komende tijd verder optimaliseren', licht Rijnen toe. 'Er belandt nu nog te veel droge stof in de kaliumfractie. De voorscheiding moeten we dus nog beter finetunen.'


Extra veiligheid ingebouwd

Het proceswater uit de indamper wordt opgeslagen in een polyester silo. Pas nadat deze waterfractie door een omgekeerde osmose-installatie en ionenwisselaar is gegaan, mag het worden afgevoerd naar de sloot. 'Dat stelt het waterschap als extra veiligheid', weet Van Ham. 'Elke maand laten we watermonsters testen op de parameters in de lozingsvoorwaarden voor oppervlaktewater.'

Een deel van het het proceswater benut Rijnen voor het op peil houden van de vloeistofstroom in de luchtwassers. 'Reinigen van de stallen kan er ook mee, alleen is dat stapje moeilijk rendabel te krijgen.'


POP3-subsidie voor indamptechniek

Het ontwikkelen, testen en aanpassen van de indampinstallatie bij Eco-Energy Oirschot van Bert Rijnen in Oirschot past in het werken naar een biobased economy. Dat hele ontwikkeltraject is uitgevoerd in samenwerking met experts van DLV Advies en ZLTO. Het initiatief is mede mogelijk gemaakt met financiële steun van provincie Noord-Brabant en het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland (POP3-subsidie).

Bekijk meer over:

Weer

  • Zaterdag
    16° / 7°
    65 %
  • Zondag
    16° / 12°
    70 %
  • Maandag
    18° / 12°
    40 %
Meer weer