Pas+op+met+te+veel+kali+op+grasland
Nieuws
© René Eijsink

Pas op met te veel kali op grasland

Een te hoge kaligift op grasland kan, vooral bij grasrijke rantsoenen, bij koeien leiden tot ziektes zoals kopziekte en melkziekte. Daarom adviseert Jan van Middelaar, adviseur bij PPP Agro Advies, in het voorjaar het opsplitsen van de kunst- en drijfmestgift.

Bij de bemesting is het element kali zeker noodzakelijk, maar een overdaad ervan is schadelijk. 'Kali wordt zeer snel opgenomen door de plant. Meer geven dan gewenst heeft dan ook tot gevolg dat er meer wordt opgenomen dan gewenst', schrijft Van Middelaar op de site van PPP Agro Advies.

Daar staat tegenover dat andere elementen, zoals calcium, magnesium en natrium, minder goed worden opgenomen. In rantsoenen met relatief veel snijmais treed er een flinke verdunning op, maar in grasrijke rantsoenen kan kali zo wel problemen geven. Waarden van meer dan 25 tot 30 gram per kilo droge stof zijn te hoog.

Verdelen

De adviseur raadt aan om de kunstmestgift in tweeën te verdelen. 'Overweeg ook eens om dit met drijfmest te doen en dan maximaal 30 ton per hectare toe te dienen. De rest kan gedurende het jaar worden verdeeld. Veehouders halen op deze manier de piekbelasting van kali uit het voer. De koeien zullen dit belonen met een betere gezondheid.'

Samen met chloor, natrium en zwavel speelt kalium een belangrijke rol in de elektrolytenbalans van koeien. Te veel kalium kan ervoor zorgen dat dieren gevoeliger zijn voor bepaalde ziektes. Kalium maakt het bloed basischer. Dit belemmert de hormonen die de koe nodig heeft om calcium en magnesium vrij te maken vanuit de spijsvertering en de botten. Hierdoor kunnen koeien een gebrek aan magnesium en calcium krijgen. Dit maakt de dieren gevoeliger voor kopziekte en vooral ook voor melkziekte.

Ruwvoer

AgruniekRijnvallei adviseert veehouders om het kaliumgehalte in het ruwvoer goed in de gaten te houden, zeker rond de droogstand. Het kaliumgehalte in graskuilen varieert van 20 tot 45 gram per kilo droge sto, schrijft de coöperatie op haar website. In ouder gras zit over het algemeen minder kalium. Herfstkuilen zitten vaak hoog in kalium en eiwit.

Een hoger kaliumgehalte van het gras kan worden veroorzaakt door droogte, waarbij gras niet goed wil groeien, gevolgd door een groeizame periode in het voor- en najaar. De mineralen in de bodem worden dan beter opgenomen door het gras.

In een goedlopend droogstandsrantsoen wordt vaak een kaliumgehalte aangehouden van 15 gram per kilo droge stof. Van alle producten in een rantsoen heeft graskuil het hoogste kaliumgehalte. Om in het totale rantsoen niet hoger te komen dan 15 gram kalium, kan er vaak niet meer dan 2 tot 3 kilo droge stof kuilvoer worden gevoerd. Volgens AgruniekRijnvallei is het daarom belangrijk om te weten wat het kaliumgehalte van het ruwvoer is.

Tips

De coöperatie geeft een aantal tips om het kaliumgehalte in het droogstandsrantsoen te verlagen:
• Weet hoeveel kalium je voert via graskuilen;
• Voer voldoende mais;
• Voer voldoende stro;
• Voer hooi met een laag kaliumgehalte;
• Droogstandsmix is laag in kalium en helpt de mineralen in het rantsoen in balans te krijgen.

Een goed droogstandsrantsoen bevat tussen de 800 en 850 VEM en 13 tot 14 procent ruw eiwit.

Bekijk meer over:

Weer

  • Woensdag
    23° / 10°
    50 %
  • Donderdag
    18° / 14°
    70 %
  • Vrijdag
    15° / 10°
    50 %
Meer weer