Boerderijwinkel+in+Menaldum+werkt+korte+keten
Reportage
© Het Hoge Noorden

Boerderijwinkel in Menaldum werkt korte keten

Jelmar en Grietje Lautenbach zetten Fries-Hollands rundvlees af in hun boerderijwinkel in Menaldum. Hiervoor hebben ze een korte keten opgezet met een slager en een melkveehouder.

Hij is accountant bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Zij maakt lesroosters op ROC Friese Poort. Tien jaar geleden kochten Jelmar en Grietje Lautenbach een voormalig akkerbouwbedrijf met 7 hectare grond in Menaldum. Nu houden ze er Fries-Hollands jongvee en schapen en runnen ze een boerderijwinkel.

Via een code komen de zeventig tot tachtig vaste klanten de boerderijwinkel Dykstra State binnen. Wat minder bekende consumenten kunnen op de bel drukken die in verbinding staat met de smartphone van Jelmar Lautenbach. Hoewel voor veel mensen zelfbediening gemakkelijk is, staan er ook klanten op die gewoon willen worden geholpen.

Op zaterdag is de winkel de hele dag geopend. Klanten besteden gemiddeld zo'n 50 euro per persoon.

We krijgen reacties dat het vlees net zoals vroeger smaakt

Grietje Lautenbach, boerderijwinkel Dykstra State in Menaldum

Tong

Bij binnenkomst ligt het vlees, zowel rund-, lams-, ganzen- als kippenvlees, in de vriezers. Waar eerder vooral gehakt en biefstuk over de toonbank gingen, verandert het gedrag van de consument, merkt Grietje Lautenbach. 'Klanten kopen anders vlees. Orgaanvlees en luxere soorten, zoals tong. De tong is nog net geen roversgoed. Vroeger kwamen de mensen hier echt niet voor. Het is de invloed van alle bak- en grillprogramma's.'

Reden voor koop van de voormalige boerderij is onder andere dat de ondernemers de afzet van het vlees professioneler wilden aanpakken. Toen ze nog in Berlikum woonden, begonnen ze met de verkoop van vlees. De gedachte erachter was simpel: het vlees dat Grietje Lautenbachs vader, oud-melkveehouder, weleens voor hun meebracht, was 'veel lekkerder dan in de winkel.'.

Uitbreiden

In Berlikum hadden de veehouders 0,5 hectare bij hun woning en in 'de goede tijd' kochten ze nog eens 2,5 hectare aan in het nabijgelegen Ried. 'We kochten twee koeien van de veehandelaar, meer voor ons eigen gebruik. Zij hielden het land kort. We hoefden niet te maaien', vertelt Jelmar Lautenbach. Dat liep zo goed dat de ondernemers opschaalden naar veertien, vijftien koeien Verder uitbreiden zagen ze niet zitten in de bebouwde kom.

Terwijl hun veehandelaar van alles op scharrelde, wilden de Lautenbachs meer onderscheidend zijn en koeien afnemen van één veehouder. Ze kwamen uit bij Fries-Hollands zwartbont. 'Dat is iets bijzonders. Belgische Blauwen bijvoorbeeld zie ik overal', stelt Jelmar Lautenbach.

Brief

De veehouders schreven alle boeren in Friesland met Fries-Hollands vee een brief met de vraag of ze met hen een korte keten op wilden bouwen. Uiteindelijk gingen ze in zee met een melkveehouder uit het Zuidwest-Friese Oudega, die alleen Fries-Hollandse koeien houdt. Hij laat achttien stuks jongvee in Menaldum weiden en verkoopt om de vijf weken een koe aan de ondernemers.

Ook kocht het echtpaar een koppel schapen. 'Een schaap vreet dat wat een koe niet eet. Zo houden ze allebei het gras mooi bij', beargumenteert Jelmar Lautenbach. Slagerij Hiemstra in Sexbierum verwerkt zowel het rund- als het lamsvlees.

De veehouders leveren niet aan restaurants. 'Een restaurant wil vooral biefstukken en ribeyes. Bovendien is levering vrij onzeker. Ze veranderen hun kaart vaak om de drie tot vier maanden.'

Nieuwe producten

Hoewel vlees de hoofdmoot blijft, breidden de ondernemers hun boerderijwinkel uit met nieuwe producten zoals kaas, eetbare insecten, boerderij-ijs, Israëlische wijn, verschillende soorten peulen en aardappelen. 'We willen meer klanten trekken door ons te onderscheiden. Zo hebben we aardappelen die niet in de supermarkt te koop zijn.'

Naast een diverser aanbod van producten probeert het tweetal met proeverijen meer klanten binnen te halen. In juni konden de klanten insecten proeven. Zo nu en dan is zaterdags een 'grillmaster met een grote barbecue' aanwezig.

'Mensen willen het proeven. We krijgen reacties dat het vlees net zoals vroeger smaakt', zegt Grietje Lautenbach. Ook wedstrijden wie het lekkerste stoofpotje maakt, zijn in trek. 'Met een breder aanbod van producten en verschillende activiteiten hopen we het aantal klanten de komende tijd te verdubbelen.'

150 elzen en iepen geplant
Het voormalige akkerbouwbedrijf dat Jelmar en Grietje Lautenbach in Menaldum kochten, dateert van 1902. Op het bedrijf rust een agrarisch bestemmingsplan en het valt onder de landgoed natuurschoonwet. 'Dat was fiscaal aantrekkelijker. Bij aankoop hoefden we geen overdrachtsbelasting te betalen en we betalen ook minder onroerendezaakbelasting', zegt Jelmar Lautenbach. 'Een van de voorwaarden was wel dat we een bos aanplantten. We hebben 150 inheemse bomen zoals elzen en iepen geplant.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    6° / 5°
    90 %
  • Vrijdag
    7° / 4°
    90 %
  • Zaterdag
    4° / 0°
    10 %
Meer weer