Licentieplatform+mist+brede+steun+veredelaar
Achtergrond
© Rijk Zwaan

Licentieplatform mist brede steun veredelaar

Biedt het International Licensing Platform (ILP) de oplossing voor de vrije ontwikkeling van nieuwe groenterassen? De een vindt van wel, de ander niet.

In het ILP werken groenteveredelingsbedrijven samen om tegen faire kosten gebruik te maken van elkaars octrooien. Bij de start in november 2014 plaatsten LTO Nederland, brancheorganisatie van veredelaars Plantum en ketenorganisatie voor de biologische landbouw Bionext wel kanttekeningen.

De organisaties zijn tegen het octrooieren van natuurlijke planteigenschappen en geven de voorkeur aan kwekersrecht, dat ruimte biedt om beschermde rassen vrij te gebruiken voor natuurlijke veredeling. Octrooien zouden innovatie in de weg kunnen staan en zelfs de voedselvoorziening op termijn in gevaar kunnen brengen.

Tussenoplossing

Om daarin ruimte te bieden, is het ILP op verzoek van leden van Plantum tot stand gekomen, maar het staat daar sinds de oprichting los van. 'Het ILP is een tussenoplossing', zegt Judith de Roos, jurist bij Plantum. 'Het loopt parallel aan onze politieke activiteiten om het octrooieren van natuurlijke planteigenschappen in Europa van tafel te krijgen.'

Alle afspraken over het gebruik van elkaars licenties zijn verlopen zonder arbitrage

Chris van Winden, directeur International Licensing Platform (ILP)

Volgens De Roos is het nog steeds niet zeker of dat gaat lukken. Zij zegt dat het ILP bovendien waardevol is voor octrooien die in bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Azië zijn uitgegeven, waar discussie over octrooirecht niet aan de orde is.

Dertien leden

Chris van Winden is vanaf de oprichting directeur van het ILP, dat is begonnen met elf leden en er nu dertien heeft. 'Met het ILP is het de afgelopen jaren gelopen zoals ik had gehoopt. Alle afspraken over het gebruik van elkaars licenties zijn verlopen zonder arbitrage.'

Van Winden bestrijdt dat het ILP niet toegankelijk is voor kleine veredelaars, zeker omdat de jaarlijkse lidmaatschapskosten voor kleine bedrijven zijn verlaagd van 7.500 euro in 2014 naar 5.500 euro in 2018.

Hoge kosten

Maaike Raaijmakers, projectleider bij Bionext, vindt het ILP voor kleine veredelaars wel een probleem. Kleine bedrijven of onafhankelijke veredelaars hebben zelf geen patenten uit principe of vanwege de hoge kosten en hebben daardoor geen wisselgeld.

Dat het ILP juist onder groenteveredelaars tot stand is gekomen, is in de ogen van Raaijmakers vooral te danken aan de vele Nederlandse familiebedrijven. 'Met hun rassenportefeuille als kapitaal hebben zij belang bij een vrije uitwisseling van uitgangsmateriaal. Dit in tegenstelling tot grote chemiebedrijven die een verdienmodel hebben dat op patenten is gebaseerd.'

Korte periode

'Het heeft ILP nauwelijks een remmende invloed gehad op de groenteveredeling', zegt Adrie Bossers van LTO. Hij merkt wel op dat vijf jaar een korte periode is, omdat veredelingsprocessen vaak vijftien tot twintig jaar duren.

Familiebedrijf Rijk Zwaan, een van de initiatiefnemers van het ILP, vindt open innovatie op basis van bestaande rassen beschermd door kwekersrecht van groot belang. 'Wij verwachtten dat het ILP meer zekerheid kon bieden over de toegang tot plantmateriaal dat onder octrooiclaims valt en vervat is in commerciële plantenrassen', zegt directeur Ben Tax. 'Dat is uitgekomen en daarmee is het ILP een succes.'

Samenwerkingsovereenkomsten

Rijk Zwaan heeft samenwerkingsovereenkomsten afgesloten met Syngenta, Bejo Zaden en Limagrain om vrij gebruik te kunnen maken van elkaars licenties. Tax stelt dat het ook voor veredelaars die zelf niet over octrooien beschikken, van belang is dat zij toetreden omdat ze dan toegang krijgen tot octrooien van andere bedrijven.

Daar is Bart Vosselman van biologisch zadenbedrijf De Bolster het niet mee eens, omdat kleine bedrijven de octrooien misschien wel mogen gebruiken, maar daar forse licentiekosten voor moeten betalen. 'Maar de belangrijkste reden om geen lid te worden van het ILP, is dat wij principieel tegenstander zijn van octrooien op natuurlijke eigenschappen', zegt hij.

Broccoli met lange steel

Als voorbeeld geeft Vosselman broccoli met een lange steel, een eigenschap die is gepatenteerd door Monsanto, maar afkomstig is uit een vrij toegankelijke zadenbank in Oregon. De Bolster had met hetzelfde zaad ook broccoli met een lange steel ontwikkeld, maar zal nu een ras met een iets kortere steel op de markt brengen.

Met een tomaat die lang aan de plant kan blijven hangen zonder overrijp te worden, is De Bolster met Rijk Zwaan, dat deze eigenschap had geoctrooieerd, tot overeenstemming gekomen. Maar dat gebeurt niet altijd. Raaijmakers noemt het octrooi van Syngenta op een rode paprika die resistent is tegen witte vlieg als schrikbeeld voor veel veredelaars. 'We blijven strijden om zulke octrooien van tafel te krijgen.'

Discussie over natuurlijke planteigenschappen duurt voort
Voor gewassen beschermen kwekersrecht en octrooirecht het intellectuele eigendom van bedrijven. Bij kwekersrecht gaat het daarbij om complete rassen die de concurrentie niet zonder vergoeding mag telen of vermeerderen, maar wel mag gebruiken voor verdere veredeling. De toekenning van kwekersrecht vindt plaats op basis van onderscheidbaarheid, uniformiteit en stabiliteit. Het octrooirecht betreft delen van planten of planteigenschappen en geldt voor alle rassen met de geoctrooieerde eigenschap. Een aanvraag is niet mogelijk voor eigenschappen die door natuurlijke voortplantingsprocessen tot stand zijn gekomen, maar over wat dat inhoudt, is discussie. Sommige veredelingsbedrijven claimen dat daarvan geen sprake is bij eigenschappen die zij door technische innovaties in planten onder kunnen brengen, andere dat alle in de natuur voorkomende eigenschappen vrij beschikbaar zouden moeten zijn.

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    24° / 16°
    20 %
  • Zaterdag
    24° / 16°
    60 %
  • Zondag
    23° / 16°
    20 %
Meer weer