Met smakelijke mengkuil en drie keer melken naar 42 kilo per koe per dag

Meer melk uit eigen ruwvoer, zonder concessies te doen aan gezondheid of gehalten. Met een slimme mengkuil en drie keer daags melken realiseerde maatschap Heuver in Den Ham een productiesprong van 33 naar 42 kilo melk per koe per dag. ‘Gemiddeld is niet goed genoeg’, zo luidt het motto op het bedrijf.

Maatschap Heuver in het Overijsselse Den Ham ging van 33 naar 42 kilo melk per koe per dag.
© Bert Kamp

Enkele koeien vreten rustig aan het Schulens-voerhek, terwijl de rest van de koppel in de wei achter de stal wacht op de tweede melkbeurt, die om 13:30 uur start. Tevreden kijken Gert-Jan Heuver en schoonzoon Rick Schooten toe.

Heuver pakt een handvol ruwvoer op en licht de samenstelling van de mengkuil toe: ‘Hierin zit graskuil, snijmais, eigen geplette gerst, sojaschroot, gras van de grasdrogerij, raapschroot en mineralen. De kuil is begin maart aangelegd en moet tot begin september meegaan.’

Sinds vorig jaar laten de melkveehouders geregeld een mengkuil maken, telkens voor drie maanden. Voor het eerst voeren ze nu vijf maanden van één kuil. Om broei te voorkomen, is de kuil niet al te hoog en gebruiken ze na het uitkuilen een broeiremmer op het snijvlak van de kuil. ‘Dat werkt perfect; we hebben tot nu toe geen broei gezien’, aldus Schooten.

Een stabiel rantsoen en een stabiele pens: de melkveehouders zijn ervan overtuigd dat de mengkuil met 44 procent droge stof goed aansluit bij hun streven naar een hoge melkproductie per koe.

Wanneer je alles doorrekent, ligt er iedere dag al voor 25 kilo melk per koe aan het voerhek

Gert-Jan Heuver, melkveehouder in Den Ham (OV)

Ook het Schulens-voerhek, een variant op het Weelink-systeem, dat de melkveehouders al meerdere jaren in de stal hebben, past goed bij het voeren met een mengkuil. Zoveel mogelijk eigen ruwvoer in de koe krijgen, is een belangrijk streven van de Overijsselse ondernemers. ‘Als je alles doorrekent, ligt er al 25 kilo melk voor het voerhek’, zegt Heuver.

Per koe gaat het dagelijks om een maiskuil van 6,2 kilo droge stof, een kuil met 2,6 kilo droge stof, een kuil met 2,8 kilo droge stof, gras van de grasdrogerij met 300 gram droge stof en raapschoot, geplette gerst en sojaschroot. De melkveehouder is zeer tevreden met deze mengkuil.

‘Het kost ons maar een uur per week om het voer in het voerhek te zetten en het scheelt ook nog eens flink in dieselkosten’, licht de Overijsselse ondernemer toe.

De koeien krijgen eten via een Schulens-voerhek.
De koeien krijgen eten via een Schulens-voerhek. © Bert Kamp

Maatschap Heuver bestaat uit vijf bedrijfsleden: Gert-Jan en Betsie, hun zoon Antal, hun dochter Sharon en schoonzoon Rick. Antal werkt vijf halve dagen buiten de deur. Naast de melkveetak heeft het bedrijf ook een aparte akkerbouwtak op zo’n 22 hectare met zetmeelaardappelen en gerst. De melkveetak omvat een kleine 50 hectare.

Met die akkerbouwactiviteiten is gestart in de tijd dat de derogatie nog niet was afgebouwd. Op die manier konden de ondernemers meer mest van het bedrijf op de eigen percelen toepassen. Het bedrijf is zelfvoorzienend met ruwvoer. Dit jaar voeren ze ruim 400 kuub mest af naar de buurman.

De keuze voor een mengkuil staat niet op zichzelf. Toen Schooten anderhalf jaar geleden volledig in het bedrijf ging meewerken, ontstond de wens om met de ruim negentig melk- en kalfkoeien meer inkomen uit het bestaande bedrijf te halen. Groei in aantal koeien of grond was lastig te realiseren. Daarom kozen de melkveehouders voor een andere route: meer melk per koe, met behoud van vet- en eiwitgehalten.

Drie keer daags melken

De mengkuil vormt daarin een belangrijke pijler, net als de overstap naar drie keer daags melken in februari vorig jaar. Die koers wierp snel zijn vruchten af. In april 2025 was de gemiddelde melkproductie al gestegen van 33 kilo naar 37 kilo per koe per dag.

Ruim een jaar later is dit gemiddeld 42 kilo, met 4,20 procent vet en 3,53 procent eiwit. Bij de laatste melkcontrole was hun BSK, een maatstaf van CRV en UNIFORM-Agri om de melkproductie van koeien te vergelijken, 61,4.

Volgens Heuver is de rek er nog niet uit. ‘De koeien blijven persistent goed melk geven en we zien geen noemenswaardige gezondheidsproblemen’, aldus de melkveehouder. Ook verdere productiegroei sluiten de Overijsselaars niet uit. En omdat de melk wordt geleverd aan Leerdammer in Dalfsen blijft sturen op gehalten belangrijk. ‘Meer liters melken is mooi, maar vet en eiwit tellen voor ons ook zeker mee’, vat Schooten samen.

Rick Schooten controleert het kuilvoer.
Rick Schooten controleert het kuilvoer. © Bert Kamp

Drie keer daags melken vraagt een flinke fysieke en tijdsintensieve inspanning. Gert-Jan Heuver staat vaak al om 05.30 uur in de melkput, Rick Schooten neemt doorgaans de melkbeurten van 13.30 en 21.30 uur voor zijn rekening. Elke melkbeurt in de 2x9 50 graden-stal duurt circa anderhalf uur.

Na de ochtend- en middagmelkbeurt gaan de koeien de wei in, waar de melkveehouders Nieuw Nederlands Weiden toepassen. Dagelijks krijgen de dieren een nieuw perceel, na vijf weken verhuizen ze naar een volgend blok.

‘Het is hard werken en de mouwen opstropen, maar we doen het echt samen. Anders lukt dit niet’, vat Betsie Heuver samen. Zij verzorgt samen met dochter Sharon het jongvee en de administratie. ‘Iedereen heeft dezelfde betrokkenheid en hetzelfde doel. Dat maakt dat we deze resultaten kunnen halen.’

Automatisch melken

Ondanks het aanhoudende hoge productieniveau oriënteren de Overijsselse melkveehouders zich langzaamaan op automatisch melken met twee robots. ‘Het loopt nu goed, maar met robots zien we nog meer voordelen’, geeft Betsie Heuver aan. Met een hogere melkproductie met stabiele gehalten ligt het bedrijf boven verwachting goed op koers.

Een ander doel is het verhogen van de gemiddelde leeftijd van de melkkoeien. Nu ligt de gemiddelde leeftijd op 4,08 jaar; het streven is om dit te verhogen naar ruim 5 jaar. ‘De koeien kunnen de hogere melkproductie goed aan. We zien geen bijzonderheden op het gebied van bijvoorbeeld uiergezondheid, klauwen of vruchtbaarheid’, vertelt Schooten.

De veehouder vervolgt: ‘Maar we zitten daar ook echt bovenop. Twee keer per jaar laten we de koeien bekappen en iedere week gaan de dieren door een voetbad. In de boxen liggen koematrassen voor goed ligcomfort. Ook dat vinden we belangrijk: de koe moet zich goed voelen.’

Gedrevenheid

Het huidige rantsoen bevat 164 gram ruw eiwit per kilo droge stof en het ureumgetal bedraagt 16. Volgens rundveespecialist Jan Aalderink van ABZ Diervoeding laat dit zien dat de eiwitbenutting op het bedrijf goed is. ‘Ondanks een niet extreem scherp eiwitniveau is de efficiëntie sterk. En daar draait het om: stikstofbenutting en verliezen beperken. Er wordt bovendien hard gemolken.’

Aalderink is al jaren een sparringpartner van de familie Heuver en denkt actief mee in de keuzes op het gebied van groei in melkproductie en rantsoenoptimalisatie. ‘Het is prettig om met de familie samen te werken en hun doelen concreet te vertalen naar het voer en management.’

Die gedrevenheid ziet de rundveespecialist ook terug op het bedrijf van de familie Heuver. ‘Ze zitten overal kort op. Er wordt meerdere keren per dag door de stal gelopen om koeien te monitoren en snel te schakelen waar dat nodig is. Dat vraagt veel, zeker met drie keer per dag melken. Maar zolang iedereen dezelfde koers vaart, werkt het.’

Mooie cijfers

Volgens Aalderink is dat succes ook duidelijk terug te zien in de cijfers. Een voerefficiëntie van 1,6 kilo melk per kilo droge stof onderstreept dat het Overijsselse melkveebedrijf veel melk uit ruw- en krachtvoer weet te halen. De maatwerkbrok zorgt vooral voor energievoorziening, waardoor het ureumgetal laag blijft.

De krachtvoerkosten liggen op gemiddeld 10,34 euro per 100 kilo melk. ‘Het zijn kosten, maar we melken er ook naar’, reageert Gert-Jan Heuver. ‘Voor ons is gemiddeld niet genoeg. Om boer te blijven, moeten we blijven streven naar beter.’

Ook op de eigen ruwvoerteelt blijft de familie Heuver kritisch. Grasland werd dit voorjaar voor het eerst met de sleepslang bemest en er wordt strak gestuurd op maaibeleid en de kwaliteit van het gras.

Beregeningsinstallatie

Daarnaast hebben de ondernemers geïnvesteerd in een beregeningsinstallatie om de opbrengst en grasgroei op peil te houden op de schrale zandgrond. Daarbij wordt gebruikgemaakt van het oppervlaktewater uit de Linderbeek die langs het bedrijf stroomt. Ook zijn op diverse plekken bronnen aangelegd.

‘We maaien ons gras begin mei voor het eerst en het plan is om het maaien iedere vier weken door te zetten. We vinden het belangrijk om de grasgroei op gang te houden en de zode vitaal te houden. Uiteindelijk ligt daar immers de basis voor onze productie’, benadrukt Gert-Jan Heuver.

Ondertussen blijft de focus liggen op ruwvoerkwaliteit, voerefficiëntie en scherp sturen op kosten. Zo willen de melkveehouders stap voor stap bouwen aan een toekomstbestendig melkveebedrijf met behoud van rendement, diergezondheid en een hoge productie.

Gert-Jan Heuver, melkveehouder in Den Ham (OV)
Gert-Jan Heuver, melkveehouder in Den Ham (OV) © Bert Kamp

Bedrijfsgegevens
Gert-Jan Heuver houdt in het Overijsselse Den Ham 93 melk- en kalfkoeien en 58 stuks jongvee. Hij heeft 70 hectare grond, waarvan 22 hectare wordt gebruikt voor akkerbouw. Het bedrijf van de familie Heuver, bestaande uit Gert-Jan, Betsie, zoon Antal, dochter Sharon, schoonzoon Rick en hun kinderen Amber en Hidde, levert aan Leerdammer in Dalfsen. De gemiddelde melkproductie per koe is 42 kilo, met 4,20 procent vet en 3,53 procent eiwit.

Downloads

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zondag
    17° / 8°
    10 %
  • Maandag
    11° / 4°
    30 %
  • Dinsdag
    14° / 5°
    30 %
Meer weer