Het devies van rundveehouder Lemaire: eerste biest helemaal opmaken
Kalveren alleen biest geven die voldoende antistoffen bevat, de biest van de tweede melking direct invriezen en de dagen daarna steeds opgewarmd aan het kalf voeren. Dat is volgens veehouder Jasmien Lemaire de beste strategie.
Lemaire was een van de sprekers op het rundvleesseminar tijdens de Agridagen in het Belgische Ravels. Ze heeft een traditioneel gemengd bedrijf in Lennik, ten westen van Brussel. Het familiebedrijf telt 150 melkkoeien, 50 zoogkoeien met bijbehorend vleesvee en een akkerbouwtak met aardappelen, suikerbieten en granen. Naast de zorg voor de kalveren en zoogkoeien werkt Lemaire buitenshuis als adviseur kalveropfok voor Denkavit.
De biest is voor een kalf cruciaal om immuniteit op te bouwen. Maar die biest moet dan wel voldoende antistoffen (immuunglobulinen) bevatten. Om daar zeker van te zijn, checkt Lemaire zelf altijd eerst de biest van iedere koe voordat ze het aan het kalf geeft.
'Ja, dat kost tijd. Maar alleen door goede biest aan het kalf te geven, kan het dier immuniteit opbouwen', licht de veehouder toe. 'Als er te weinig antistoffen in zitten, geef ik het kalf opgewarmde biest die uit de voorraad in de diepvries komt.'
Doe je alles goed, dan kan een kalf op een leeftijd van zestien dagen al een halve kilo voer op hebben
De kalveren krijgen daarbij zo lang mogelijk biest gevoerd. 'Hoe langer je biest voert, hoe langer het kalf profiteert van de antistoffen uit dit product en van de vaccinaties die de koe heeft gekregen om de juiste antistoffen op te bouwen', legt Lemaire uit tijdens het seminar.
De kalveren krijgen de biest van de tweede melking; de kwaliteit van de biestronde van de derde en de volgende melking is volgens de veehouder doorgaans niet goed genoeg meer. 'Er zitten te weinig antistoffen in. Je bent eigenlijk melk aan het voeren en geen biest.'
Direct invriezen van de biest van de tweede melking of de biest die over is van de eerste melking is volgens de veehouder essentieel om lang biest te kunnen voeren: 'Anders gaat het kiemgetal heel snel omhoog en dat wil je niet.'
Eiwitwaardes in het bloed
Het belang van een goede biestvoorziening bij kalveren blijkt ook uit cijfers die Jos Mölder liet zien. Hij is dierenarts en al ruim twintig jaar adviseur kalveropfok bij Denkavit. Dit bedrijf verzamelt voortdurend data van de 400.000 vleeskalveren die het in diverse landen opfokt. Daarnaast doet het bedrijf gericht onderzoek. Zo zijn onlangs van 8.000 kalveren de eiwitwaardes in het bloed verzameld. Die waarde toont hoe goed de biestvoorziening van de kalveren is geweest.
Heeft een kalf voldoende moedermelk van hoge kwaliteit gehad, dan is de eiwitwaarde hoog. Uit het onderzoek blijkt dat kalveren met een hoge eiwitwaarde minder vaak een individuele behandeling met antibiotica nodig hebben. Bij de groep met de hoogste waardes lag dit op minder dan 30 procent. Bij de kalveren met de laagste eiwitwaardes had 50 tot 60 procent een individuele behandeling nodig.
Genoeg biest is daarbij niet alleen nodig voor een goede immuniteit, het is ook van belang voor de darmontwikkeling. Biest en melk kun je volgens Mölder het beste voeren via de speenemmer. Het zuigen van het kalf aan de speen zorgt ervoor dat de slokdarmsleuf zich sluit en de biest of melk in de zure lebmaag terechtkomt en niet in de pens.
Melktaxi
Om de slokdarmsleuf te sluiten, is het ook van belang dat de biest of melk goed op temperatuur is. Bij koude melk zal de sluiting niet goed zijn en kan er biest of melk in de pens terechtkomen. Om ervoor te zorgen dat ieder kalf altijd een verse portie warme melk met de juiste concentratie krijgt, is de melktaxi een goed hulpmiddel. (Zie kader onderaan dit artikel.)
Komt biest of melk in de pens terecht, dan spreken we van pensdrinkers. Die pensdrinkers zijn te herkennen aan hun dikke, witte, grauwe mest. Ze vormen volgens Mölder een groot probleem in de kalveropfok en bij de vleeskalveren. Wanneer er biest of melk in de pens terechtkomt, zal deze niet goed verteren. Die onverteerde eiwitten zijn een goede bron voor allerhande ziekteverwekkers.
Mölder adviseert om naast de speenemmer een emmer met schoon drinkwater te plaatsen en een emmer voor het krachtvoer. Schoon water is essentieel, omdat water nodig is voor de vertering van het voer. Zonder voldoende water zal de voeropname tegenvallen. 'Doe je alles goed, dan kan een kalf op een leeftijd van zestien dagen al een halve kilo voer op hebben.'
4 kilo meer gewicht
De voorsprong die een kalf krijgt door goede biest, schoon water en voer haal je niet meer in, vervolgt de dierenarts. 'Vleeskalveren die goed starten, wegen bij de slacht gemiddeld 4 kilo meer, laten onze cijfers zien. En die voorsprong van een goede start door een goede biestvoorziening en dito voeropname geldt net zo hard voor de opfok van een vaarskalf.'
Kalveren kunnen hard groeien van volle melk. Alleen zitten in volle melk niet alle voedingsstoffen die een kalf nodig heeft. Het dier krijgt met name een tekort aan vitamine D en E, ijzer en koper. Die tekorten dienen te worden aangevuld met een premix in de melk of door kunstmelk te voeren.
Bij de kalveren checkt Denkavit daarom het hemoglobinegehalte in het bloed. Voor hemoglobine, dat zorgt voor de aanvoer van zuurstof, is ijzer nodig. Daarmee is het hemoglobinegehalte een maat voor de voorziening van zowel ijzer als koper en de vitaminen D en E.
Het hemoglobinegehalte vormt zo een norm voor de vitaliteit van het kalf en uit zich in een hogere groei per dag. Kalveren met het hoogste gehalte halen een groei van bijna 650 gram per dag. Bij een te laag gehalte blijven ze steken onder de 630 gram per dag.
Goed gevoerd kalf kan veel meer aan
Een goede kalveropfok is grotendeels een kwestie van goed voeren. 'Heb je de voeding van de kalveren goed voor elkaar, dan kunnen die dieren veel meer aan', stelt voedingsadviseur Jasmien Lemaire van Denkavit. 'Als je alles perfect doet, kun je ook een keer een kalf hebben met een infectie. Dat valt dan echter snel op en je kunt snel handelen. Maar heb je steeds problemen, ga dan niet zoeken naar de bacterie of het virus dat de mogelijke oorzaak is. Zorg ervoor dat je de kalveren goed voert.'
Goed voeren betekent volgens Lemaire als eerste: lang biest geven van goede kwaliteit. Daarna volgt er pas kunstmelk. Ook zijn schoon water en voer nodig. 'Om de kalveren aan het drinken van water te krijgen, geef ik ze in de middag lauw water met elektrolyten. Dat maakt een enorm verschil; ze leren dan veel sneller drinken. En belangrijk: geef dat water niet uit de speenemmer.'
Pensdrinkers voorkomen
Bij het voeren van melk aan de kalveren is de melktaxi een uitkomst. Die zorgt ervoor dat ieder kalf warme melk krijgt en voorkomt daarmee pensdrinkers. De melktaxi leest het hoknummer en doseert altijd de juiste hoeveelheid en zorgt voor de op- en afbouw van de melkhoeveelheid. Dat bespaart veel arbeid.
Juist de werklast is in de piekperiodes weleens een probleem, weet Lemaire uit eigen ervaring. 'Zorg dan dat je altijd de protocollen goed blijft volgen. Ook dan moet je de biest controleren en er zeker van zijn dat ieder kalf genoeg biest krijgt van goede kwaliteit', geeft de voedingsadviseur aan. 'En tot slot: zorg altijd voor schone en goed ontsmette hokken. Anders is het geen plek voor een pasgeboren dier.'
Bekijk meer over:
Lees ook
Marktprijzen
Meer marktprijzen
Laatste nieuws
Nieuwste video's
Kennispartners
Meest gelezen
Nieuw op MechanisatieMarkt.nl
-

Valtra T214 active
Gebruikt, P.O.A.
-

New Holland T7.220 Auto Command
2014, P.O.A.
-

JOHN DEERE X350R ZITMAAIER 42" (SOM) #692146
Gebruikt, € 7.054
-

Holaras Jumbo HK kuilverdeler
2024, P.O.A.
Vacatures
Regiohoofd Noord Bedrijveninformatienet
Wageningen University & Research - Drachten, Smallingerland
Administratief medewerker Akker,- Land of Tuinbouw
Wageningen University & Research - Wageningen
Voorzitter vakgroep Geitenhouderij
LTO Nederland - NL
Bestuurslid Vakgroep Konijnenhouderij
LTO Nederland - NL
Weer
-
Woensdag11° / 7°90 %
-
Donderdag12° / 4°5 %
-
Vrijdag10° / 4°90 %














