Snelle+genomics+in+rundveefokkerij+vragen+aandacht+voor+inteelt
Achtergrond
© Henk Riswick Fotografie

Snelle genomics in rundveefokkerij vragen aandacht voor inteelt

De rundveefokkerij anno 2020 draait om snelheid. Een genomicsstier heeft nog geen dochters, terwijl hij al wordt ingezet als stiervader. Daarbij geven genomics extra informatie over welke stier de gewenste eigenschappen vererft. Inteelt en verwantschap moeten wel goed in de gaten worden gehouden. In de praktijk lukt dit prima, mede dankzij stieradviesprogramma's.

Toen rond 2010 genomische selectie haar intrede deed, versnelde de fokkerij. Via DNA-onderzoek is te zien welke stier het beste is. Zelfs het verschil in genetische eigenschappen tussen volle broers is aan te tonen. Dat maakt dat sommige genetica, zelfs van volle broers, gewenst zijn.

Toch verwacht Roel Veerkamp, hoofd Fokkerij en Genomica bij Wageningen University & Research (WUR), dat het met die verwantschap en inteelt erg meevalt. 'Je ziet weliswaar op bijvoorbeeld de stierenkaart dat er nogal wat stieren van dezelfde vaders zijn. Maar het ligt eraan wie de stieren gebruikt. Pas als je die gebruikt op een koe die verwant is, is er een probleem. Voor de toekomst is een breder gebruik van stieren wel belangrijk.'

Jaap Veldhuisen, hoofd product development bij veeverbeteringscoöperatie CRV, ziet dit nu al. 'Inteelt is van alle tijden, kijk maar naar de invloed van O-man destijds, of Blackstar.'

Inteelt is van alle tijden, kijk maar naar Blackstar en O-Man

Jaap Veldhuisen, hoofd product development bij CRV

Kortere generatie-interval

Met genomic selection is het generatie-interval volgens Veldhuisen korter geworden, met als gevolg dat je nadrukkelijker rekening moet houden met inteelt. 'Dat kan door als veehouder voldoende verschillende stieren in te zetten en gebruik te maken van een een paringsprogramma.'

Onderzoeker Harmen Doekes van WUR promoveerde in september met een onderzoek naar genomische selectie en inteelt. Hij is ook voorstander van een paringsprogramma. 'Bij stieren neemt de inteelt door genomische selectie wel wat sneller toe. Bij koeien ligt deze onder de 1 procent, de richtlijn van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties.'


Meer vooruitgang

Toch vindt Veldhuisen dat genomic selection zeker voordelen heeft. 'Sinds de introductie hiervan zien we dat de genetische vooruitgang in korte tijd veel hoger is.' Doekes ziet ook het belang in van genetische vooruitgang. Dat daarbij naar verwachting de verwantschap en inteelt iets toenemen, weegt in zijn ogen niet op tegen de voordelen.

'Als je kijkt naar de forse genetische vooruitgang in bijvoorbeeld melkproductie in de afgelopen dertig jaar, van meer dan 2.000 kilo, dan valt het verlies qua inteelt enorm mee', stelt Doekes. 'Het verlies door inteeltdepressie zal misschien iets meer dan 100 kilo zijn.'


Veerkamp weet dat het voor ki-organisaties niet interessant is om voor die ene 'hoogste' stier te gaan. 'Dan zouden zonen van dezelfde vader allemaal in de top staan en is er geen verschil tussen stieren. Daarbij komt dat de stier op een bepaald moment verwant wordt aan de populatie koeien, als telkens dezelfde hoogste stier wordt ingezet. Een dergelijke stier is dan ook niet gewenst.'


Outcross-stieren

Veerkamp denkt dat veel ki-organisaties het liefst een outcross-stier op de kaart willen hebben. Ze zetten daarom in op een breder aanbod. 'Als een stier wordt ingezet, wordt al gekeken hoe verwant hij is aan de populatie koeien op het moment dat hij op de stierenkaart komt.' Veldhuisen zegt dat CRV ook in de breedte kijkt. 'Bij de selectie van stiervaders wordt gekeken naar de combinatie van fokwaarden en afstamming.'

CRV probeert volgens Veldhuisen ook om outcross-stieren te fokken. 'Dat doen we door donoren die wat anders zijn qua afstamming te combineren met stiervaders die ook een andere afstamming hebben. Een mooi voorbeeld is Delta Amuse. Zijn moeder is een VG 88 Inductor (Biathlon x Massey) en zijn vader Frontline is een Topgear uit een Missouri.'

Genomics kunnen de fokkerij helpen in de strijd tegen inteelt, doordat inteelt en verwantschap via het DNA nauwkeuriger is op te sporen en te testen, aldus Doekes. 'Bij een stamboom wordt ervan uitgegaan dat je bij een kalf de helft van het DNA van de vader en de helft van dat van de moeder hebt. Maar aan de stamboom is niet te zien welke helft. Met DNA-informatie kan dat wel en is inteelt nauwkeuriger op te sporen.'


Bell-effect voorbeeld van inteelt

Inteelt kan leiden tot minder melkproductie, maar ook tot erfelijke gebreken. Bekend is de in 1974 geboren melkverervende en uiterst populaire Amerikaanse fokstier Carlin M Ivanhoe Bell. Net als zijn vader Penstate Ivanhoe Star is hij drager van de erfelijke factoren Boviene Leukocyten Adhesie Deficiëntie (Blad) en Complexe Vertebrale Malformatie (CVM). Dieren die de Blad-factor van beide ouders krijgen, kampen met onder meer terugkerende infecties en zweren op het mondslijmvlies. CVM leidt in 88 procent van de gevallen tot een abortus binnen 260 dagen na insemineren. De meeste kalveren die worden geboren, zijn al dood. De afwijking is te herkennen aan een kromme rug en gebrekkige pezen. Dit werd pas in 1999 ontdekt. Door gericht te fokken, komen beide gebreken niet meer voor.

Weer

  • Zaterdag
    8° / 3°
    10 %
  • Zondag
    4° / 0°
    10 %
  • Maandag
    4° / -3°
    20 %
Meer weer