Indringers+effectief+verwijderd+uit+bijenbroed
Achtergrond
© Haijo Dodde

Indringers effectief verwijderd uit bijenbroed

De parasitaire mijt Varroa destructor is de hoofdoorzaak van de massale sterfte van honingbijen, stelt BartJan Fernhout van Arista Bee Research. Deze stichting ontwikkelde een selectieprogramma om bijenvolken via natuurlijke resistentie te beschermen. De resistentie is gebaseerd op werksters die varroamijten verwijderen uit het eigen broed.

Kwaad en triest, zo omschrijft BartJan Fernhout zijn gemoedstoestand toen hij zo'n acht jaar geleden twee waardevolle bijenvolken verloor vanwege een varroa-aantasting. Een poging om de mijten chemisch te bestrijden, bleek fataal voor beide koninginnen. 'Na veertig jaar hobbymatig imkeren, dacht ik of aan stoppen of juist actief op zoek te gaan naar een duurzame oplossing om varroa te beheersen.'

Het werd de laatste optie. Fernhout, toen werkzaam als hoofdonderzoeker in de diergeneeskunde, besloot alles te lezen wat bekend was over de bedreigingen voor de honingbij. Zo kwam hij op het spoor van bijenonderzoekers John Harbo en Bob Danka die zich in de Verenigde Staten (VS) voor het landbouwministerie USDA bezighielden met de varroa-problematiek.

Harbo stelde in 1996 al vast dat er tussen bijenvolken een behoorlijk verschil zit in gevoeligheid voor varroa. Hij ontdekte het gedrag Varroa Sensitieve Hygiëne (VSH) ofwel de eigenschap van werksterbijen om geïnfecteerde poppen samen met de mijten uit het broed te verwijderen. Ook ontwikkelde hij een selectiemethode om dit gedrag in bijenvolken te versterken.

Varroaresistentie cruciaal in strijd tegen bijensterfte

BartJan Fernhout, Arista Bee Research

Baton Rouge

Fernhout raakte geïnteresseerd en besloot te bellen met de USDA. 'Ik kreeg meteen Danka aan de lijn en die nodigde mij in hetzelfde gesprek uit om naar Baton Rouge in de Verenigde Staten te komen. Daar in de buurt van New Orleans is het onderzoeksstation voor de bijenhouderij gevestigd.' Uit de gesprekken met Danka en Harbo bleek dat het onderzoek naar de varroaresistente honingbij nog een laatste stap moest maken naar het daadwerkelijk gebruik in de praktijk.


De parasitaire mijt Varroa destructor is de grootste bedreiger van de honingbij.
De parasitaire mijt Varroa destructor is de grootste bedreiger van de honingbij. © Arista Bee Research

'Vanwege mijn interesse om een selectieprogramma voor Europa op poten te zetten, vroegen ze mij om dit ook meteen voor de VS op te pakken. Voor mij was dat het moment om afscheid te nemen van mijn baan en definitief te kiezen voor de bijenhouderij.'

Voor het werken aan de bijenselectie richtte Fernhout Arista Bee Research op als non-profit stichting. Doel van de stichting is het ondersteunen en zelf uitvoeren van gerichte teeltprogramma's voor varroaresistente honingbijen en het bijeenbrengen van giften en sponsoring om de kosten te dekken. Zelf is Fernhout programmadirecteur en hij wordt inmiddels ondersteund door drie projectleiders.


Alle werksters hebben dezelfde moeder

De selectiemethode voor varroaresistentie is gebaseerd op het zogeheten 1-dar-principe. Hierbij worden groepen niet-resistente honingbijen opgedeeld in kleine bijenvolkjes met steeds een koningin die geïnsemineerd is door slechts één dar. Het betekent dat per volk alle werksters dezelfde moeder en ook dezelfde vader hebben en daarmee genetisch redelijk gelijk zijn. Ter vergelijking, bij een bevruchting zijn normaal zo'n tien darren betrokken.

Op deze kleine bijenvolken wordt de druk van varroa opgevoerd door het inbrengen van extra mijten. Na twee weken volgt een beoordeling. De volkjes die de varroamijten voor het grootste deel hebben verwijderd, beschikken over werksters met een hoge mate van VSH. Van deze volkjes worden de dochters of de darren van de dochters gebruikt voor verdere selectie.


De kunstmatige inseminatie van een bijenkoningin met sperma van een resistente dar.
De kunstmatige inseminatie van een bijenkoningin met sperma van een resistente dar. © Arista Bee Research

Naast de selectie op basis van het 1-dar-principe loopt gelijktijdig ook een regulier selectieprogramma op algemene prestaties als goede honingproductie en zachtaardigheid. Deze volken worden ook beoordeeld op varroabesmettingen. Van de beste volken zijn de koninginnen bestemd om verder mee te kruisen in volgende generaties. Fernhout legt uit dat zo'n vier tot zes generaties nodig zijn om bijenvolken voor vrijwel 100 procent resistent te maken tegen varroa.

In de strijd tegen de massale bijensterfte is varroaresistentie cruciaal, is de overtuiging van Fernhout. 'Varroamijten verspreiden diverse ziekten in het bijenbroed en zijn daarmee zonder twijfel de grootste bedreigers van de honingbij. De huidige bestrijding met chemicaliën is niet meer dan een lapmiddel. De ervaringen met selectie op hygiënische werksters zijn zeer hoopgevend. Imkers die ermee werken zijn razend enthousiast.'


Olievlekwerking

Arista Bee Research is druk bezig om in Europa en de VS zoveel mogelijk teeltprogramma's met resistente volken op te starten. Fernhout vertelt dat na een geslaagd programma op Hawaï de Amerikanen nu voor een deel zelf de uitrol van de resistentie voor hun rekening nemen. 'De proof of concept is er, nu moeten we de olievlekwerking op gang brengen. Op dit moment begeleiden, we verspreid over Europa, zo'n vijftien imkergroepen.'


Adoptiekast voor bijenvolken die resistent zijn tegen varroamijten
Adoptiekast voor bijenvolken die resistent zijn tegen varroamijten © Haijo Dodde

Na jaren te hebben gewerkt vanuit woonkamers en bovenverdiepingen is Arista Bee Research sinds dit jaar gevestigd in een bedrijfsverzamelgebouw in het Brabantse Beers. Hier hebben de medewerkers en vrijwilligers de beschikking over voldoende kantoorruimte en laboratoriumfaciliteiten.

Buiten staan bijenkasten die teeltprogramma's ondersteunen en voorzien zijn van camera's om activiteiten van de werksters te monitoren. 'Het is wel grappig', zegt Fernhout. 'Dit gebouw was voorheen een KI-station voor rundvee. Nu doen we hier hetzelfde met honingbijen, maar dan dus op micro-niveau.'


Adoptiekasten dragen bij aan budget selectieprogramma's

De financiering van de activiteiten van Arista Bee Research is wel een dingetje, erkent BartJan Fernhout. Hij vertelt dat de stichting afhankelijk is van donaties en incidentele financieringen. 'We kunnen honderdvijftig imkers begeleiden, maar daarvoor moeten we behoorlijk investeren in apparatuur en mensen.' Om inkomsten te generen, kunnen bedrijven, organisaties en overheden een bijenkast adopteren. Deze kasten bevatten volken met resistente koninginnen en staan op het terrein van de sponsor. Het sponsorbedrag is 5.000 euro op jaarbasis. Na aftrek van kosten is hiervan 3.500 euro bestemd voor ondersteuning van de selectieprogramma's. Fernhout: 'De beste koninginnen uit de adoptiekasten gebruiken we voor volgende generaties. Bijkomend voordeel is dat de kasten in de omgeving de varroaresistentie verspreiden via de darren.' Bij onder meer ZLTO in Den Bosch en ook bij de Rabobank staan al adoptiekasten.

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    4° / -3°
    30 %
  • Dinsdag
    9° / 6°
    20 %
  • Woensdag
    6° / 4°
    10 %
Meer weer