Biologische+sector+wil+af+van+gangbare+mest
Achtergrond
© Henk Riswick

Biologische sector wil af van gangbare mest

Een gesloten kringloop met 100 procent biologische mest en biologisch strooisel. Dat is de stip op de horizon waar de biologische sector naartoe werkt. Met de groei van de biologische veehouderij komt die stip steeds dichterbij, maar het is nog best ingewikkeld om de puzzel helemaal te leggen.

Het gebruik van volledig biologische mest is al jaren een hot issue, bleek vorige week op de Bio-beurs in Zwolle. 'Mest en stro: hoe krijgen we de kringloop rond' was het thema van een van de programmaonderdelen van de beurs.

Met de oprichting van de gezamenlijke belangenvereniging Biohuis in 2012 was mest het eerste item waar de bestuurders mee aan de slag gingen, zegt voorzitter Maria Buitenkamp van de biomestgroep van het Biohuis.

De norm voor het gebruik van A-meststoffen (biologische mest- en hulpstoffen en compost) in de biologische landbouw is dit jaar opgeschroefd van 65 naar 70 procent. Door een tekort aan biologische mest was een norm van 100 procent biologische mest in de praktijk niet realiseerbaar. Doordat er steeds meer biologische mest beschikbaar komt, is de norm in de loop der jaren steeds hoger geworden.

Als je de mestvraag naar beneden brengt, is 100 procent haalbaar

Tom Saat, biodynamische Stadsboerderij Almere

Convenant

De biomestgroep werkt aan een convenant waarin tussen alle sectoren afspraken worden gemaakt over het gebruik van biologische mest en het sluiten van de kringloop. Dit betekent dat de akkerbouwer stro, veevoer en bijproducten aan de veehouder levert in ruil voor (stro)mest.

Maar de praktijk is weerbarstiger, zegt Gerdine Kaptijn van het Biohuis. In de huidige situatie wordt nog gangbare mest gebruikt, terwijl er in veel biologische mest ook nog gangbaar stro is verwerkt. Biologisch stro komt bovendien vaak uit Frankrijk, terwijl ook het veevoer uit het buitenland komt. Een deel van de biologische pluimveemest wordt geëxporteerd naar Duitsland.

Beschikbaarheid

Geen ideale situatie, beseft de sector. Knelpunt is onder meer de beschikbaarheid van biologisch strooisel. Biologische akkerbouwers verbouwen relatief weinig graan en willen het stro zelf ook graag gebruiken voor de organische stof.

Natuurorganisaties zijn niet happig om maaisel uit natuurgebieden af te voeren, waardoor dit alternatief mondjesmaat voorhanden is, bleek tijdens de paneldiscussie. Daarom wordt vaak gangbaar strooisel gebruikt en toegestaan.

Rundermest

Een ander knelpunt is de beschikbaarheid van biologische mest. Akkerbouwers gebruiken het liefst rundermest vanwege de gunstige stikstof-fosfaatverhouding. In varkens- en pluimveemest zit veel fosfaat, waardoor bij bemesting eerder de fosfaatgrens is bereikt.

Biologische rundermest is lastiger te krijgen omdat de melkveehouderij deze zelf nodig heeft.
Biologische rundermest is lastiger te krijgen omdat de melkveehouderij deze zelf nodig heeft. © Koos van der Spek

Biologische rundermest is lastiger te krijgen, omdat de melkveehouderij deze nodig heeft voor eigen gebruik. Gangbare rundermest is daarom ook toegestaan, tot 30 procent. De mest moet wel van een grondgebonden bedrijf met weidegang afkomstig zijn.

Minder stikstof

Een oplossing die snel kan worden ingevoerd, is minder stikstof gebruiken, stelt Tom Saat van de biodynamische Stadsboerderij Almere. 'De toegestane 170 kilo stikstof wordt als norm gebruikt, niet als maximale bovengrens. Als iedereen op dit randje gaat bemesten, blijft er geen mest meer over. Als je de mestvraag naar beneden brengt, is 100 procent biologisch haalbaar.'

Stikstof uit een andere bron dan mest, zoals de teelt van vlinderbloemigen, is een alternatief en wordt nu al vaak toegepast. Vlinderbloemigen zijn bovendien een alternatieve eiwitbron voor het vee, waardoor minder mengvoer van elders hoeft te komen.

Daarmee wordt het tekort aan biologisch strooisel overigens nog niet opgelost. En dat terwijl biologische slagerij De Groene Weg, de grootste afnemer van biologische varkens, al als eis heeft dat het strooisel in de stallen 100 procent biologisch moet zijn.

Onderzoek

De biologische sector werd vorig jaar op scherp gezet door een alarmerend onderzoek van Jelmer Buijs en Margriet Mantingh. Zij onderzochten mest op de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen en telden kevers in verse mest op Gelderse veebedrijven.

Daaruit bleek dat zowel op gangbare als op biologische bedrijven residuen van bestrijdingsmiddelen in de bodem en mest te vinden waren. De verschillen waren klein.

Mengvoer

De middelen komen volgens de onderzoekers vermoedelijk uit biologisch en gangbaar mengvoer, gangbaar stro en middelen tegen vliegen en maden die in de gangbare mestkelder terechtkomen. Ook vervuild oppervlaktewater wordt als bron genoemd, evenals gras en ander ruwvoer dat is bemest met vervuilde dierlijke mest.

'Sommige bedrijven kampen met problemen uit het verleden', stelt Buitenkamp. 'We worden omgeven van de zooi en moeten voorbereid zijn op dingen die nog meer boven water komen.'

Kringloop

Zo snel mogelijk de kringloop sluiten en de input uit de gangbare landbouw zo snel mogelijk afschaffen, is het devies, bleek uit de paneldiscussie op de Bio-beurs.

'Mest is een onderdeel van de kringloop en we moeten het samen oplossen. De drive is er en we willen het convenant voor de zomer aan Skal voorleggen om te worden verankerd in de regels. Maar iedereen moet er wel achter staan', vindt Buitendijk.

'Veganistische akkerbouw' gebruikt geen dierlijke mest
Op de Bio-beurs in Zwolle werden vorige week drie praktijkvoorbeelden getoond van bedrijven die nauwelijks tot helemaal geen dierlijke mest meer gebruiken. Een uitgekiende vruchtwisseling en vlinderbloemigen als stikstofbron liggen aan de basis van de drie systemen die deze bedrijven toepassen. Jaap Melgers van Landgoed Tongelaar in Mill hanteert op zijn 64 hectare een rotatie met grasklaver als basis. Als groenbemester verbouwt hij haver, veldboon, gele mosterd en facelia. Daarnaast heeft hij jaarlijks 200 ton geitenpotstalmest beschikbaar die hij uitrijdt voor de aardappelen. Joost van Strien van het biodynamische bedrijf Zonnegoed in Ens gebruikt na het rapport van Jelmer Buijs en Margriet Mantingh geen geitenmest meer en is overgestapt op zuiver plantaardige bemesting. Hij experimenteert al enkele jaren met maaimeststoffen. Dit zijn vlinderbloemigen die hij inkuilt en als meststof weer uitrijdt. Hiermee is hij zelfvoorzienend voor de stikstof. De overige mineralen worden aangevuld met compost. Wat betreft opbrengst doet deze vorm van bemesting niet onder voor dierlijke bemesting. De kostprijs is volgens Van Strien wel hoger. En in droge omstandigheden gaf bemesting met drijfmest meer opbrengst vanwege het vocht dat je ermee toedient. Proefboerderij SPNA Kollumerwaard in Munnekezijl experimenteerde met volledig mestarme biologische akkerbouw op basis van vlinderbloemigen. Dit systeem is op lange termijn niet volhoudbaar, omdat fosfaat en andere noodzakelijk mineralen niet worden aangevuld, erkende directeur Michiel Bus van SPNA. Menselijke uitwerpselen zouden de kringloop moeten sluiten.

Bekijk meer over:

Weer

  • Dinsdag
    9° / 4°
    50 %
  • Woensdag
    7° / 4°
    20 %
  • Donderdag
    10° / 4°
    70 %
Meer weer