%27Vlees+van+melkkoe+zit+niet+in+ons+systeem%27
Achtergrond
© Rianne den Balvert

'Vlees van melkkoe zit niet in ons systeem'

De Nederlandse melkkoe gaat aan het einde van haar levensduur veelvuldig richting slachthuis. Waarom ziet de sector een ex-melkkoe als restproduct en is er weinig animo voor het verwaarden van dit vlees door collectief afmesten en samenwerking met afzetpartijen?

De gemiddelde levensduur van een Nederlandse melkkoe ligt tussen de vijf en zes jaar. Het gros gaat daarna richting slachthuis waar het meeste vlees wordt vermalen voor hamburgers en worst. Zonde, vinden Anita en Edwin Heijdra.

In 2014 begonnen de vleesveehouders uit het Utrechtse IJsselstein een nieuwe tak waarbij ze oude melkkoeien in gemiddeld 120 dagen laten uitgroeien tot een volwaardige vleeskoe. Het vlees is volgens de ondernemers kwalitatief goed. Ze zetten het als Heijdra Original DubbelDoel-vlees in de markt.

Topje van ijsberg

Samen met twee andere veehouders die voor het bedrijf ex-melkkoeien afmesten, levert Heijdra jaarlijks vlees van zo'n achthonderd koeien af aan horeca en ambachtelijke slagers. Een topje van de ijsberg, want de potentie voor kwaliteitsvlees van eigen bodem is vele malen groter, weet Anita Heijdra.

Over de smaak van oudere Holsteiners zijn veel vooroordelen

Maurits Steverink, ketenmanager en coördinator bij MeatNL

'40 procent van de rundveeconsumptie in Nederland komt uit landen als Ierland en Brazilië. En dat terwijl we hier zoveel mooie melkkoeien hebben die kwaliteitsvlees kunnen leveren. Dat kan ook prima met Holsteiners. Ons probleem als Nederlandse vleessector is dat we geen constant volume stroom vlees met een constante kwaliteit kunnen realiseren. Samenwerking ontbreekt', vindt de ondernemer.

Uniform stuk vlees

'Vleesveehouders houden graag allemaal zelf hun eigen ras en melkveehouders die oud melkvee laten vetweiden, denken dat de koe meer vlees maakt als ze deze meer voeren en dat ze na een paar maanden een prima vleeskoe hebben. Maar we moeten juist zorgen dat we samen een uniform stuk vlees krijgen.'

Vleesvee op het bedrijf van Heijdra.
Vleesvee op het bedrijf van Heijdra. © Rianne den Balvert

Heijdra weet dat een deel van de veehandelssector niet gecharmeerd is van hun initiatief. 'Zij kunnen juist een belangrijke schakel zijn. Door ons komt er meer transparantie over de prijs. Dat zien sommigen als marktverstorend.'

Strenge selectie

Bij Heijdra begint het afmesten met een strenge selectie, want niet iedere melkkoe is geschikt om een goede vleeskoe te worden. 'Samen met de melkveehouder selecteren en taxeren we de koe. We kijken naar het gewicht, de verwachte classificatie en de geldende slachtprijs. Daar betalen wij 100 euro bovenop', legt de ondernemer uit.

'Maar ondanks dat zijn melkveehouders afwachtend. Het achterblijvende aanbod is onze zwakste schakel om dit duurzame concept verder op te schalen. Maar dit concept levert imagoverbetering op en het is veel beter voor het klimaat.'

Broeikasgassen

Theun Vellinga van Wageningen University & Research becijferde de productie van vlees in verhouding tot de melkproductie van Nederlands melkvee en de waardering daarvan. Conclusie? We optimaliseren de bedrijfsvoering richting melk en vergeten het vlees. Voor de uitstoot van broeikasgassen is het gunstiger om melk te produceren met één dier in plaats van twee.

'Veehouders sturen daarom alleen op een hoge melkproductie. Mijn collega Marion de Vries en ik hebben berekend dat wanneer je kijkt naar melk én vlees, een hogere melkproductie per koe niet tot lagere emissies leidt. De hogere melkproductie leidt tot minder vlees per kilo melk en met de huidige consumptie van rundvlees moet je vlees importeren. Dat zijn vaak zuivere vleesrassen uit Ierland en Brazilië.'

Dubbeldoelrassen

De onderzoeker juicht daarom het toepassen van dubbeldoelrassen toe. Maar dat is niet de enige reden. 'Het is een omslag in je bedrijfssysteem, maar het maakt je minder kwetsbaar. Een hoge melkproductie vraagt veel van de boer en de koe. Als je met een Blaarkop een goede omzet en aanwas realiseert en je de marge per kilo melk vergroot, ben je veel weerbaarder.'

De Blaarkop is geschikt voor vleesproductie.
De Blaarkop is geschikt voor vleesproductie. © Huisman Media

Het optimaliseren van de koeien naar een hogere melkproductie is een verschuiving die volgens Vellinga dertig jaar geleden is ingezet. 'Een melkveehouder is gewend om vol in te zetten op melkvolume om zijn inkomen te vergroten. Ook banken hebben die insteek. Ze zijn erg gericht op het intensieve model, want het heeft zich bewezen. Boeren die zich meer willen richten op het dubbeldoelras, lopen tegen financiering bij banken aan. En onderschat het statusverhaal niet. Een bedrijf met een hoge productie wordt hoog gewaardeerd.'

Fosfaatrechten

De onderzoeker ziet dat ook fosfaatrechten een hoge melkproductie stimuleren. 'De fosfaatexcretie wordt over het aantal kilo's per koe berekend. Het zou goed zijn om dat eens tegen het licht te houden, ook gezien de klimaatdoelen en de weg naar kringlooplandbouw.'

De fosfaatwetgeving is inderdaad een bottleneck voor melkveehouders om meer aandacht te hebben voor het leveren van vlees van hun ex-melkkoeien, vindt Maurits Steverink, ketenmanager en coördinator bij MeatNL, een landelijk netwerk om de vleesproductie te verduurzamen. Toch ziet hij kansen.

Worstkoe

'Er zijn veel vooroordelen over de smaak van oudere Holsteiners. We moeten af van de term worstkoe. Werk samen om een goede kwaliteit en volume te kunnen leveren. Melkveehouders zijn prijsnemers, maar door vlees beter te verwaarden, liggen er interessante verdienmodellen', zegt Steverink.

'Klimaat is een thema, net als verdienmodellen en minder vleesconsumptie. Er is veel potentieel bij Nederlandse boeren voor meer Holland Beef in plaats van Irish Beef.'

Ook melkkoeien kunnen kwaliteitsvlees leveren.
Ook melkkoeien kunnen kwaliteitsvlees leveren. © Vidiphoto

Code 100 of 120?
Een melkkoe (code 100) die wordt afgemest, kan onder voorwaarden een weide- of zoogkoe worden (code 120). Deze telt dan niet meer mee voor de fosfaatrechten. Minister Carola Schouten (LNV) wil de voorwaarden hiervoor aanscherpen. Eén aanscherping is dat een melkkoe minimaal twaalf maanden geleden moet hebben gekalfd, voordat deze een weide- of zoogkoe kan worden. Netwerk Grondig is het hier niet mee eens: 'Het is voor melkveehouders onbetaalbaar om een jaar lang over fosfaatrechten te moeten beschikken voor vetweiders of om koeien af te mesten op het melkveebedrijf.' Volgens het ministerie is het huidige systeem te fraudegevoelig en zouden melkveehouders koeien op code 120 zetten en toch door blijven melken. Netwerk Grondig schat dat melkveehouders jaarlijks een kwart van hun veestapel vervangen en dat ruim 100.000 koeien als vetweiders worden aangehouden.

Bekijk meer over:

Weer

  • Zondag
    8° / 3°
    20 %
  • Maandag
    9° / 4°
    50 %
  • Dinsdag
    12° / 6°
    50 %
Meer weer