Hoe kan boer nabij natuur verder?
Het nieuwe kabinet maakt 8 miljard euro vrij voor de gebiedsgerichte aanpak en zonering rond Natura 2000-gebieden. Dat is geen overbodige luxe, want vergaand extensiveren kan volgens boeren en onderzoekers niet zonder een flinke financiële ruggensteun.
Voor de jaren 2027-2029 staat 1,2 miljard euro op de begroting voor uitvoering van dit onderdeel van de stikstofaanpak. Vanaf 2030 krijgt landbouwminister Jaimi van Essen daarvoor 6,8 miljard euro tot zijn beschikking. Dat blijkt uit de begrotingsplannen die het ministerie van Financiën naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.
Dat geld voor de gebiedsgerichte aanpak en zonering rond Natura 2000-gebieden is volgens kenners hard nodig, want voor de bufferzones rond de kwetsbare natuurgebieden gelden op steeds meer plekken strengere regels; minder of geen kunstmest, geen chemische gewasbescherming en ook grondwateronttrekkingen staan op de helling.
Extensieve landbouw wordt op deze manier steeds meer een voorwaarde om te kunnen blijven boeren rondom Natura 2000-gebieden en dat kost een flinke duit.
Financiële steun en beleid zijn nodig om de transitie naar extensieve landbouw te kunnen maken
Het toegezegde geld van het nieuwe kabinet is volgens onderzoeker Roel Jongeneel van Wageningen Social & Economic Research hard nodig voor afwaardering van grond, gerichte extensiveringssubsidies en gereduceerde of groene pachtvormen. In zijn ogen is het belangrijk dat het niet bij een eenmalige injectie van het Rijk blijft. Want beginnen met een extensieve bedrijfsvoering zonder langdurige subsidies is volgens hem erg moeilijk.
Schaalvergroting
'Economisch gezien blijft er druk om over te gaan naar schaalvergroting, en intensiveren is vaak aantrekkelijker dan extensiveren', zegt Jongeneel. 'Voor bedrijven die naar een extensieve bedrijfsvoering willen omschakelen, is dus financiële steun nodig om de transitie te kunnen maken.'
De investeringsbereidheid onder ondernemers om te extensiveren is er wel, stelt de onderzoeker. 'Maar bij de beleidsonzekerheid zoals die er afgelopen jaren was, is het onverstandig om te investeren in omschakeling. Investeren betekent keuzes maken voor een aantal jaren. Als het beleid en de toekomstige randvoorwaarden zo onduidelijk zijn, dan is dat praktisch onmogelijk.'
Jongeneel vindt dat de politiek haar beleid bedrijfsspecifiek moet maken en boeren die moeten extensiveren zo een handelingsperspectief kan bieden met doelsturing. Daarom is hij positief over het feit dat het nieuwe kabinet van plan is om met doelsturing aan de slag te gaan.
Omschakelen naar biologisch
Volgens directeur Sander van Diepen van Biohuis biedt de focus van de overheid op extensiveren rond natuurgebieden een duidelijke kans: omschakelen naar biologische landbouw. 'De laatste jaren gaat het vooral over uitkoop. Maar veel boeren willen door. Dan kun je beter omschakelen dan stoppen, mits het ondernemerschap je ligt.'
In veel provincies voldoen biologische bedrijven bovendien automatisch aan een groot deel van de voorwaarden die aan extensivering worden gesteld. Dat maakt het volgens Van Diepen ook aantrekkelijk voor overheden. 'Biologisch is al een geborgde manier van landbouw door de jaarlijkse Skal-certificering. Provincies hoeven dus minder zelf te controleren.'
Voor boeren rond Natura 2000-gebieden wordt extensiveren steeds vaker een voorwaarde om te mogen blijven produceren. 'Provincies stellen in bufferzones steeds strengere eisen. Denk aan geen kunstmest en chemische gewasbescherming, een lagere veebezetting en blijvend grasland', zegt de directeur van Biohuis.
Strokenbeleid
In zijn ogen ligt daar een duidelijke kans: omschakelen naar biologische landbouw. 'Voor veel bedrijven is dat bijna de enige manier om te kunnen blijven doorboeren', stelt Van Diepen. Hij wijst als voorbeeld op het strokenbeleid in Gelderland, waar binnen 500 meter van natuurgebieden strengere regels gelden.
Volgens de directeur van Biohuis biedt omschakelen naar biologisch voor melkveehouders wel degelijk perspectief. 'Je krijgt een meerprijs voor je product, maar die heb je ook wel nodig om de lagere productie te compenseren. De gangbare melkprijs zakt weer, terwijl de biologische melkprijs redelijk op niveau blijft.'
Lagere uitstoot
Biologische bedrijven hebben gemiddeld minder dieren per hectare en meer weidegang dan gangbare bedrijven. Dat vertaalt zich in een lagere uitstoot. 'Per dier of per kilo product is het verschil niet altijd groot', zegt Van Diepen. 'Maar op bedrijfsniveau wel. Uit onderzoek blijkt dat een biologische melkveehouderij 50 procent stikstofreductie realiseert ten opzichte van een gangbaar bedrijf. Dat is ook het enige waar we echt harde cijfers voor hebben. Ik vind dat daar meer onderzoek naar moet komen.'
Ook voor akkerbouw ziet de directeur van Biohuis kansen. 'Zonder kunstmest en chemische middelen kun je in bufferzones vaak blijven telen. Dat hoeft niet per se een alternatief gewas zoals miscanthus te zijn. Gangbare akkerbouwgewassen kunnen ook biologisch.'
Actieplan Biologisch
Nederland wil volgens het Actieplan Biologisch naar 15 procent biologisch landbouwareaal in 2030. Dat is nu ruim 5 procent. Van Diepen: 'Die groei komt echt niet alleen uit natuurgebieden. Maar juist in prioritaire gebieden zoals rond de Veluwe en De Peel liggen grote kansen. Waar gangbaar moeilijker wordt, ontstaat ruimte voor biologisch.'
Naast de strengere regels in zones om natuurgebieden in Gelderland willen ook Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant de teugels in de zogenoemde overgangsgebieden hard aantrekken en wel in de vorm van een vergunningplicht voor chemische gewasbescherming, grondwateronttrekking en bemesting.
Grote gevolgen
Volgens Hendrik Hoeksema, portefeuillehouder Natuur bij ZLTO, heeft dit grote gevolgen. 'Daarmee zet je de doos van Pandora wagenwijd open. Want dan kun je alles vergunningplichtig maken, van infra tot bezoekerscentra van natuurorganisaties. Dan val je weer in het stikstofslot in plaats van dat je het slot opent. En wat levert het op voor de natuur? Gedeputeerde Staten hebben nog geen idee.'
Hoeksema ziet liever dat provincies ruimte geven aan ondernemerschap. Het liefst volgens de vijf transitiepaden die LTO Nederland in haar toekomstvisie uitstippelt. 'Stimuleer samenwerkingen van boeren en oplossingen voor het sluiten van kringlopen. De gebiedsgerichte aanpak komt eindelijk langzaam van de grond. Koester de ideeën voor een extensievere landbouw vanuit de praktijk in plaats van dat je er dwars doorheen fietst met beperkend generiek beleid.'
Onderzoeker Alfons Beldman van Wageningen Social & Economic Research zegt dat er zeker extensieve melkveebedrijven zijn die een goed inkomen behalen. 'Vaak zijn dit bedrijven die al langer geleden de keuze voor een extensievere bedrijfsvoering hebben gemaakt.'
Hoge grondprijzen
Maar nu moeten omschakelen omdat je met je bedrijf dicht bij een Natura 2000-gebied zit, is volgens Beldman een ander verhaal. 'Dit betekent doorgaans investeren in meer grond of minder koeien melken. Lastig is dat de grond- en pachtprijzen hoog zijn en grond niet altijd beschikbaar is.'
Een voordeel van extensivering is dat vooral voer- en mestafzetkosten dalen. Beldman: 'Vanwege het wegvallen van de derogatie en hoge mestafzetprijzen is extensivering wel degelijk nu eerder economisch interessant dan in het verleden.'
Strikte doelen
Als het gaat om extensiveren rond Natura 2000-gebieden, dan kan de situatie iets anders liggen, zegt de onderzoeker. 'Dit hangt af van de exacte invulling van het beleid rond deze gebieden. Bij strikte doelen voor bijvoorbeeld de ammoniakemissie per hectare kan extensivering een manier zijn om rond die gebieden te blijven boeren, omdat door extensivering de ammoniakemissie daalt.'
Voor het inkomen is het dan cruciaal met welke kosten die extensivering gepaard gaat. Komt er betaalbare grond beschikbaar of is het mogelijk hogere opbrengsten te behalen door een biologische bedrijfsvoering? Beldman: 'Het is van belang om hier als melkveehouder een goed plan voor te maken, inclusief zicht op onzekerheden en afhankelijkheden.'
'Accepteren dat je soms een dipje hebt'
Ongeveer 200 hectare grond van melk- en vleesveehouder Jacob van Emst uit Hattem ligt in de Hoenwaard, onderdeel van het Natura 2000-gebied Rijntakken. Extensiveren is voor hem een logische stap. 'Als je niets doet, verlies je de slag.'
Van Emst is deelnemer aan het project Aardrijk in Bedrijf. Met ondersteuning van Europese POP3-subsidie neemt hij sinds een jaar vergaande extensiveringsmaatregelen.
Maar Van Emst volgt de route van extensivering al veel langer. 'We groeien pas in dieren als er grond voor is. Dat is een heel bewuste keuze en een duidelijke koers naar de toekomst. Met financiële ondersteuning via dit project kunnen we een goede doorstart maken. Het geeft rust en ruimte om te leren, zaken te verbeteren en het bedrijf toekomstbestendig te maken.'
Nadelen
Maar er kleven zeker ook nadelen aan extensiever boeren, weet hij inmiddels. 'Het stopzetten van het gebruik van kunstmest is een enorme ingreep. Je moet accepteren dat je soms een dipje hebt in voerkwaliteit en productie. Het feit dat je minder controle hebt, maakt het wat ingewikkelder.'
Het wegvallen van kunstmest bracht hem ook plezier. Van Emst: 'De echte kern van het boeren begint in de bodem. Die moet in orde zijn. We kijken veel meer naar mineralen en bodemgezondheid. Als je dat vakmanschap uiteindelijk in de vingers hebt, is het boeren ook veel leuker.'
'Hierdoor hebben wij weer perspectief'
Blijven boeren terwijl je bedrijf pal naast Natura 2000-gebied de Deurnsche Peel ligt. Dat vergt denken in oplossingen. 'Ik zet mijn hakken niet in het zand, maar kijk naar mogelijkheden' zegt Arjan Manders.
De keuze om te extensiveren kwam niet per se uit idealisme. 'We zitten tegen een Natura 2000-gebied aan en de politiek stuurt denk ik richting extensieve veehouderij. Dan moet je daarop anticiperen.' Manders kocht grond van zijn buurman, verkocht het aan de provincie Noord-Brabant en pacht dit vervolgens voor lange termijn (26 jaar) weer terug. 'Daarmee krijgen wij weer perspectief, anders lopen we financieel meteen vast.'
Extensiveren levert voordelen op, zoals meer eigen ruwvoer en minder mestafzet. De ondernemer vraagt zich af of het beleid voldoende ruimte biedt. 'In de bufferzones wordt de opgave met het nieuwe kabinet misschien wel zwaarder. Dat blijft een onzekerheid.'
Twee sporen
Het bedrijf zet daarom in op twee sporen: extensiever worden en innovatie, via een groot collectief voor monovergisting. 'Met dagverse mest kunnen we gigantisch reduceren en veel huishoudens van groen gas voorzien. De gemeente is voor, maar de provincie blokkeert. Wij hebben wel een plan, laat ons dat dan doen', pleit de veehouder.
Zijn boodschap aan collega's: 'Extensiveren zonder hulp van de provincie gaat gewoon niet, dat is financieel niet haalbaar. Kijk wat bij jouw bedrijf past en gebruik wat er is.'
Extensiveringsregeling RVO nu ook voor akkerbouwers
Agrariërs die willen extensiveren in of rond stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden kunnen vanaf 22 april tot en met 8 juni in een samenwerkingsverband subsidie aanvragen. Deze subsidie van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is onderdeel van de regeling Samenwerking in veenweidegebieden en Natura 2000-overgangsgebieden. Van de in totaal 162 Natura 2000-gebieden is circa 80 procent aangemerkt als stikstofgevoelig. Per samenwerkingsverband wordt met Europees geld minimaal 125.000 euro uitgekeerd en het totaalbudget bedraagt bijna 79 miljoen euro. Om in aanmerking te komen voor subsidie moet minimaal 50 procent van het landbouwareaal van een bedrijf binnen 2,5 kilometer van een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied liggen. Deelnemers vormen een samenwerkingsverband van minimaal twee bedrijven met samen 200 hectare grond. Interessant in de nieuwe openstelling is dat naast melkveehouders nu ook akkerbouwers subsidie kunnen aanvragen. Akkerbouwers die mee willen doen, moeten de stikstofbemesting met 10 procent verminderen ten opzichte van 2025 en op minimaal de helft van het bouwland rustgewassen telen. Brancheorganisatie Bionext heeft afgelopen najaar onder biologische akkerbouwers de interesse voor de regeling al gepeild. Volgens projectmedewerker Joost Koet is de belangstelling groot. Het exacte aantal potentiële deelnemers wil hij niet noemen. 'De regeling sluit goed aan bij ondernemers in de akkerbouwgebieden rondom Natura 2000-gebieden in Zeeland, rond de Waddenzee en de Zuidwestelijke Delta.' Koet zegt dat veel projectplannen nog moeten worden gemaakt en dat het in november dit jaar duidelijk wordt welke bedrijven gaan meedoen. De projecten draaien in 2027 en 2028. Hij benadrukt dat Bionext niet verantwoordelijk is voor de communicatie rond de regeling maar dat het vooral akkerbouwers ondersteunt bij de aanvragen. Overigens heeft de subsidieregeling eerder gedraaid, maar toen was die alleen voor melkveehouders bestemd. Volgens RVO is het budget van de openstelling in 2024 geheel benut. Het grootste gedeelte, 155 miljoen euro, gaat in de vier opvolgende beheerjaren (2025 tot en met 2028) naar categorie 3-aanvragen. Hiermee kan 17.500 hectare geëxtensiveerd worden, grond van 165 agrarische bedrijven. Ook op categorie 2 is veel ingeschreven: van de 14 aanvragen in 2024 zijn er 13 verleend. 190 bedrijven met in totaal 8.000 hectare krijgen een totaalbudget van 49 miljoen euro om vier jaar lang het beheersplan uit te voeren. Volgens RVO wordt er in Gelderland, in totale oppervlaktes gerekend, het meest gebruikgemaakt van de extensiveringsregeling. Dit komt vooral door het grote Natura 2000-gebied Veluwe. In 2024 is er een ophoging van het budget geweest om aan de vele aanvragen en animo te kunnen voldoen. Voor 2026 verwacht het RVO ongeveer hetzelfde aantal aanvragen als in 2024. Omdat er voor RVO veel tijd gaat zitten in het beoordelen, begroten en toetsen van de aanvraag, verwacht de dienst dat ongeveer 40 aanvragen worden gehonoreerd. Dit gaat om aanvragen uit categorie 2, veenweidegebieden en 3, extensiveren overgangsgebieden Natura 2000. In categorie 1 verwacht RVO ongeveer 5 gebiedsplannen; deze worden waarschijnlijk allemaal gehonoreerd.Bekijk meer over:
Lees ook
Marktprijzen
Meer marktprijzen
Laatste nieuws
Nieuwste video's
Kennispartners
Meest gelezen
Nieuw op MechanisatieMarkt.nl
-

John Deere 6510
Gebruikt, P.O.A.
-

Lemken Vari-Europal 5 (LIE) #692629
Gebruikt, € 7.000
-

Iseki SXG15H
2009, P.O.A.
-

Lely Splendimo 360M
2014, P.O.A.
Vacatures
Administratief medewerker Akker,- Land of Tuinbouw
Wageningen University & Research - Wageningen
Voorzitter vakgroep Geitenhouderij
LTO Nederland - NL
Bestuurslid Vakgroep Konijnenhouderij
LTO Nederland - NL
Weer
-
Zaterdag15° / 7°10 %
-
Zondag14° / 6°0 %
-
Maandag16° / 4°0 %

















