Klimaatzones schuiven op, boeren en tuinders passen zich aan

Het was de vierde keer in vijf jaar tijd dat de Nederlandse zomer meer weg had van die in Zuid-Frankrijk. Daarmee wordt klimaatschade in de agrarische sector een hot item, net als op de COP27-klimaattop in Egypte. Waar gaat het naartoe als de zomerse droogte structureel wordt, zullen boeren en tuinders zich afvragen. Hoe om te gaan met de gevolgen van klimaatverandering? Kun je zo wel blijven doorboeren?

Klimaatzones+schuiven+op%2C+boeren+en+tuinders+passen+zich+aan
© ANP

Klimaatexpert Peter Siegmund van het KNMI in De Bilt kan de ongerustheid enigszins relativeren. 'Grof gezegd is er ook met een stijgend jaarlijks neerslagtekort tot 40 millimeter in Nederland nog regenwater zat om het te kunnen corrigeren. Jaarlijks valt er zo'n 800 millimeter en we verdampen of gebruiken 600 millimeter. Ook wordt het gemiddeld steeds natter doordat er door temperatuurstijging meer vocht in de lucht zit. Een stijging van plus 1 graad betekent 7 procent meer vocht. Gevolg: uit buien komt gemiddeld in korte tijd meer water naar beneden, zodat de lokale verschillen toenemen.'

Zolang de verdamping minder snel toeneemt dan de lokale neerslag, wordt Nederland vochtiger, stelt Siegmund vast. 'Toch zijn we er daarmee nog niet. Als de zon langer schijnt, zeg twee keer zoveel, ontstaat er ook twee keer zoveel verdamping. Plus 1 graad betekent bovendien 2 procent extra verdamping. En dan loopt het vochttekort op landbouwpercelen en in de natuur in de zomer al snel op.'

Bij aanhoudende droogte komt volgens de klimatoloog alles bij elkaar. De temperatuur is hoger, de zon schijnt langer door weinig bewolking, er is weinig of geen regen maar juist wel veel verdamping. 'Die droogte komt deels voort uit het verschuiven van de straalstromen in de hoge atmosfeer. Er ontstaan zo makkelijker lange periodes van hoge druk in West-Europa. Zie afgelopen zomer, met weinig neerslag. Door lage druk in het Middellandse Zeegebied komt die mediterrane hete lucht bij ons terecht, met als gevolg een snel oplopend neerslagtekort.'

We wonen en werken als Nederlanders klimatologisch inmiddels eigenlijk in Frankrijk

Peter Siegmund, klimaatexpert van het KNMI

De druilerige zachte winters in Nederland gaan daarentegen steeds meer lijken op het weer in de regio Nantes-Bordeaux in Zuidwest-Frankrijk, schetst Siegmund. 'Het is er relatief nat, vochtig en warm. Onze lentes hebben steeds vaker het karakter van het weer in het Zuid-Franse Nice van vijftig jaar geleden: relatief warme, soms droge voorjaarsperiodes. Samengevoegd met de verzengende zomers wonen en werken we als Nederlanders klimatologisch dus eigenlijk in Frankrijk.'

Het beeld dat het Nederlandse klimaat verschuift is daarmee bevestigd. De voorspellingen die in de jaren tachtig al zijn gedaan, komen volgens Siegmund nu uit. 'Dankzij harde natuurkunde kun je een robuuste voorspelling doen over wat ons hier te wachten staat. De temperatuur gaat 1,5 tot 3 graden omhoog. Willen we er nog wat aan doen, dan moeten we nu stoppen met de uitstoot van broeikasgassen. Onze toekomst hangt dus af van ons eigen gedrag. Dat is inmiddels een open deur, maar het komt in ieder scenario terug. Geholpen door de mens loopt de temperatuur dus alleen maar meer op.'

De temperatuurstijging is het duidelijkst waarneembaar in de poolgebieden, maar Europa warmt het meest op van alle continenten. Meer zon levert 30 procent van die opwarming, 70 procent komt door de uitstoot van meer broeikasgassen. Op het noordelijk halfrond is dat effect in totaal nu zo'n 1,5 graad in de afgelopen honderd jaar. Maar de extremen gaan nog sneller: plus 1 graad komt al drie keer zo vaak voor en plus 2 graad zelfs vijf keer zo vaak.


Klimaatverandering geeft bij boeren kans op extra schade.
Klimaatverandering geeft bij boeren kans op extra schade. © Tony Tati

Wat de neerslag dan gaat doen, is een stuk lastiger te duiden, erkent Siegmund. 'Zoals gezegd, de winters worden natter door de hogere temperatuur en de overheersende westenwinden. De zomerse neerslag kent meer pieken. Maar droge zomers en lentes zullen zich blijven voordoen, met als relatief voordeel dat het aantal zonne-uren dan ook toeneemt.'

Al met al is er door stijgende temperaturen en toenemende droogte in Nederland meer kans op extreem weer: heftigere zomerstormen, extreme valwinden, meer hagel. 'We zullen de schades zien toenemen, dat kunnen veel telers alleen maar bevestigen. Neem de hagelbui die in 2016 een groot deel van het glastuinbouwgebied in Zuidoost-Nederland trof en in 2018 nog eens toesloeg. In plaats van eens in de vijftien jaar, verwachten we dat dit soort fenomenen in de komende decennia eens in de tien jaar optreedt', geeft Siegmund aan.


Slecht nieuws voor verzekeraars

Meer weersextremen zijn geen goed nieuws voor verzekeraars. 'Die hangen daarom aan onze lippen om te horen hoe het verdergaat', weet de klimaat expert. 'Moeten glastuinders in Zuidoost-Brabant hun kassen naar het noorden verplaatsen of maar iets anders gaan doen? Dat zijn ingrijpende beslissingen. Kunnen wij daar uitsluitsel over geven? Ik snap de dilemma's, maar de praktijk is weerbarstig en de contrasten in het weer nemen toe.'

Voor de landbouw is verdroging een hot item. Hoe lang heb je in de zomer nog voldoende water beschikbaar? Niet alleen door minder neerslag, maar ook door de grotere verdamping. Die laatste is een langzame killer, waarschuwt Siegmund. 'Droogte door verdamping krijgt vaak pas de aandacht als het al zover is. Eigenlijk moet je het zien voor te blijven. Neerslag daarentegen kun je 'handelen' door water te bufferen of versneld af te voeren.'


Zorgen over bodem

Dat de kans op droogte groter wordt, maakt dat ook hydroloog Marc Bierkens van de vakgroep fysische geografie van de Universiteit Utrecht zich vooral zorgen maakt over de bodemgesteldheid in Nederland. Hij merkt op dat boeren, zeker op de zandgronden, op een hellend vlak opereren. 'Meer droogte leidt nu tot meer beregenen en dat heeft weer gevolgen voor de grondwaterstand.'

Bij ondiepe grondwaterstanden kunnen gewassen zich nog behelpen via de capillaire werking van de bodem, aldus Bierkens. 'Maar dat hangt ook weer af van de bodemsoort. Bij löss is die sterker dan op zandgrond.'


• Bekijk meer over klimaatverandering in de speciale serie op nieuweoogst.nl/klimaatverandering

Wat kun je daar als boer mee? Bierkens: 'beregenen uit oppervlaktewater of grondwater helpt tijdelijk. Als je grondwater gebruikt, zakt het grondwaterpeil snel en neemt dus ook het capillaire effect af. Daarnaast moet je maar afwachten of het in de winter lukt de grondwaterstand weer op het oude peil te krijgen. En hoe meer je beregent, hoe meer grondwater verdampt, zonder dat dit ten goede komt aan de gewasproductie.'


Beregenen niet vol te houden

Beregenen met mate is duurzamer, maar als je telkens op een steeds lager grondwaterpeil begint, is het op den duur ook niet vol te houden, stelt Bierkens. 'Zeker bij droogtes zoals in 2018 en 2022 heb je op zandgronden dan een probleem. En dat is toch een groot deel van Nederland.'

Cruciaal is om het grondwater in de winterperioden aan te vullen, vindt Bierkens. 'Dat vergt echt een andere manier van aanpakken dan nu gebeurt. Een paar stuwtjes erbij helpen dan niet. Je zult het structureel moeten zien op te lossen.'

Vroeger had je landinrichtingsprojecten om de agrarische structuur te verbeteren. Iets dergelijks zou je volgens Bierkens nu weer moeten doen voor behoud van de grondwaterstand. 'Dat betekent greppels en sloten dempen en het bodemgebruik daarop aanpassen. Je moet de bodemstructuur verbeteren, het infiltrerend vermogen van de bodem vergroten door meer humus op te brengen en de ondergrond minder te bewerken. Op die percelen ontstaat meer bodemleven en heb je ook geen ploegzool meer. Zo neemt de bodeminfiltratie toe en heb je ook minder last van water op het land na stortbuien.'


Grens raakt in zicht

De grens van het afkunnen met beregening raakt volgens de Utrechtse hoogleraar in zicht. 'Door het ene jaar veel te beregenen, begin je het volgende jaar met een lagere grondwaterstand en moet je daarop nog eerder beginnen met beregenen. Het is een vicieuze cirkel.'

Ook maatschappelijk is er volgens Bierkens wat aan de hand: het waterverbruik voor beregening van landbouwgewassen tijdens een extreme droogte is ongeveer even groot als voor drinkwaterwinning. 'Je kunt redeneren: beregening is maar tijdelijk, maar het trekt wel het hele systeem leeg. Afgelopen zomer was al sprake van drinkwatertekorten. Als de overheid ingrijpt, is dat toch bij de landbouw, die staat echt niet achteraan in de verdringingsreeks. '


Droogteschade

Niet kunnen beregenen betekent extra risico, zeker op de zandgronden. Dat begrijpt ook directeur Gerard van Noordenburg van de agrarische verzekeringsmaatschappij Agriver. 'Aardappels telen wordt dan zeer lastig. Of droogteschade zo verzekerbaar blijft? Alles wat ik kan zeggen, is dat die grens nog niet is bereikt.'

En als de droogte nog verder toeneemt, gaan boeren volgens Van Noordenburg toch kijken naar andere gewassen die resistenter zijn. 'Dat is ook een vorm van risicomanagement. Je ziet daarnaast de uien- en aardappelteelt vanuit het natter wordende West-Nederland al opschuiven, naar Drenthe bijvoorbeeld. Dat is wel droge zandgrond, maar met de beregening is het er goed geregeld.'


Gewasverliezen berekenen

Daan Verstand brengt als onderzoeker Klimaatbestendigheid van Wageningen University & Research de gevolgen van klimaatverandering voor diverse gewassen in beeld en ontwikkelt daar methodieken voor. Dat is bijvoorbeeld een bedrijfsgerichte stresstest die gewasverliezen berekent. 'Zo'n test helpt bij de afweging voor welke gewassen je aanpassingen gaat toepassen, zoals druppelirrigatie of een andere vorm van bodembewerking.'

Toch blijft gedetailleerd in de toekomst kijken uiterst lastig, waarschuwt Verstand. 'Het Nederlandse klimaat is gewoon vrij onvoorspelbaar.'


Tekst gaat verder onder kader.

Stresstest biedt meer inzicht

Wageningen University & Research werkt al enige tijd aan een klimaatstresstest voor de open teelten. Door gegevens over gewassen, bodem en data van een regionaal weerstation in te voeren en te combineren met de klimaatscenario's van het KNMI, ontstaat meer inzicht in mogelijke schades. De stresstest geeft een indruk van de knelpunten in het bedrijf die vragen om adaptatiemaatregelen. De stresstest is nog niet praktijkrijp, voor sommige gewassen en grondsoorten zijn de schademarges te ruim om goed bruikbaar te zijn. Ook is het nog wachten op nieuwe klimaatscenario's.

Grof gezegd zijn pootaardappelen en zaaiuien in Nederland het kwetsbaarst bij extreme nattigheid en droogte, of bij toenemende verzilting van het grond- en oppervlaktewater. Kapitaalintensieve gewassen als fruit of bollen zijn weer gevoelig voor hagelschade, evenals de glastuinbouw. Terwijl in graanteelten als wintertarwe voorlopig niet veel toename aan schade is te verwachten en het beeld bij suikerbieten wisselend is.

Overigens zal ook de maisteelt in toenemende mate last krijgen van droogtestress, terwijl de grasgroei bij aanhoudende droogte zal afnemen. Daarmee worden ook veehouders geraakt.

Verstand ziet ook al verschuivingen in teeltgebieden, bijvoorbeeld om het risico op waterschade te verkleinen. 'Maar dat zijn uitzonderingen. Voor de meeste bedrijven voldoen teeltmaatregelen ter plaatse. Boeren kunnen op den duur ook nog hun bouwplan aanpassen. Eiwitgewassen zijn bijvoorbeeld doorgaans beter bestand tegen hittegolven, denk aan sorghum en soja.'

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Maandag
    4° / 2°
    40 %
  • Dinsdag
    6° / 2°
    20 %
  • Woensdag
    5° / 2°
    75 %
Meer weer