Korte+keten+in+de+knel+bij+vogelgriep+in+Den+Bommel
Reportage
© Wim van Vossen

Korte keten in de knel bij vogelgriep in Den Bommel

Een milde variant van vogelgriep werd in december vastgesteld in een stal van Sjef en Hanneke de Baar in Den Bommel. Volgens de pluimveehouders zijn de regels niet toegesneden op de korte keten, waarin ze veel eieren afzetten.

'Eierautomaat' staat op een bord langs de weg voor het pluimveebedrijf van Sjef en Hanneke de Baar in het Zuid-Hollandse Den Bommel. Normaal gesproken komen er elke dag veel klanten uit de buurt eieren kopen in de automaat. Maar in december lag alles stil.

Bij een routineonderzoek werd begin december vogelgriep vastgesteld in de stal op hun tweede locatie, op zo'n kilometer afstand. Het ging om een laagpathogene variant, maar omdat in de hennen nog levend virus werd aangetroffen, moest die stal worden geruimd.


Overleg met NVWA

De pluimveehouders overlegden eerst met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) of ruimen was te voorkomen door de dieren te laten uitzieken. Want binnen de zone van 10 kilometer rond het bedrijf zijn geen andere pluimveebedrijven. Bij een laagpathogene besmetting gelden maatregelen binnen een straal van 1 kilometer, bij een hoogpathogene besmetting binnen een straal van 10 kilometer. Maar de NVWA vond het risico te groot.

Bij een lange keten krijg je nooit directe informatie terug van klanten

Hanneke de Baar, pluimveehouder in Den Bommel

Daarna ging het in sneltreinvaart. 's Avonds kwam de uitslag. De volgende ochtend om 8 uur stond de taxateur op het erf voor het bepalen van de vergoeding uit het Diergezondheidsfonds. Tijdens het overleg met hem werden de voorbereiding al getroffen voor het laten inslapen van de dieren. 'Het ging zo snel', blikt Hanneke de Baar terug. 'Je wordt dan even helemaal geleefd.'

Direct kwamen de media erop af. De ondernemers waren blij dat iemand van de NVWA aan de oprit de media en andere nieuwsgierigen tegenhield.


Protocol

Diezelfde dag werd de stal ontsmet. Daarna volgde een protocol van uitmesten, schoonmaken, controle door de NVWA of alles goed schoon was, nog twee keer ontsmetten en daarna leegstand, totdat de stal wordt vrijgegeven voor de opzet van een nieuw koppel. De komst van de nieuwe hennen is gepland voor 22 april, maar de pluimveehouders hopen dat er eerder een passend koppel beschikbaar komt.


De thuislocatie is het enige pluimveebedrijf binnen het toezichtgebied van 1 kilometer. De besmetting van de stal had ook grote impact op die locatie. Direct nadat het virus was vastgesteld, mochten de eieren alleen nog naar een door de overheid aangewezen pakstation buiten de regio. Normaal sorteert familie De Baar de eieren van de thuislocatie zelf. Een groot deel daarvan is voor de eigen afzet, via de eierautomaat en aan boerderijwinkels en supermarkten in de regio.


Veel reacties

Het was onwerkbaar om via het grote pakstation op afstand alle klanten van de kleine bestellingen te blijven voorzien. Die zaten dus zonder eieren. De pluimveehouders wilden geen eieren van collega's verkopen in hun eigen doosjes. Hanneke de Baar: 'Van klanten krijgen we de reactie: 'Jullie eieren zijn anders.' Ik denk dat het ook komt door de versheid dankzij de korte keten. Bij een lange keten krijg je nooit directe informatie terug van klanten.' Die herkenbaarheid heeft twee kanten. 'Het maakt je kwetsbaar.' Op 2 januari mocht de eigen afzet weer starten. De eerste week was de verkoop meteen goed.

Een aantal weken hadden de ondernemers intensief contact met mensen van de NVWA. Ze zijn daar positief over. Hanneke de Baar: 'Als je rustig kunt blijven, kom je het verst. Dan kun je toch veel dingen netjes met hen bespreken. Natuurlijk gaat niet alles goed. Dan kun je boos worden, maar dat verandert de situatie niet.'


Goed geregeld

Sjef en Hanneke de Baar hechten eraan dat bij overheden en instanties alles goed is geregeld bij een besmetting. 'Dat is belangrijk voor de sector. Daarom is het ook belangrijk om in zo'n situatie goed te blijven samenwerken met de NVWA.'

De ondernemers waren wel kritisch op de beperkingen voor het zelf sorteren en uitleveren en voor de verkoop via de eierautomaat. Hanneke de Baar: 'Volgens ons is er weinig kans op verspreiding via deze vorm van afzet. Is er minder risico als de eieren eerst naar een pakstation buiten de regio gaan, waaraan ook andere collega's leveren? 'De overheid heeft de mond vol over kringlooplandbouw en regionale afzet, maar zo help je de korte keten niet', hebben we tegen de NVWA gezegd.'


Betrokkenheid

Na de vaststelling van de besmetting kreeg het echtpaar veel reacties van bekenden, van klanten uit de buurt die ze helemaal niet kennen, van winkeliers aan wie ze leveren en van collega's. Ook LTO nam direct contact op met de vraag of ze konden helpen. 'Mensen zijn meer bewust bezig met voedsel. Ze willen weten waar het vandaan komt, wie ze zullen steunen. Het is gaaf hoe betrokken mensen zijn.'


Verder groeien in regionale afzet

Sjef en Hanneke de Baar hebben in het Zuid-Hollandse Den Bommel een legpluimveebedrijf met twee locaties. Op de huislocatie zijn twee stallen met in totaal 48.000 legkippen. Op een kilometer afstand lieten ze in 2019 een stal bouwen voor 40.000 legkippen. Op die locatie is in december een milde variant van vogelgriep vastgesteld. Alle eieren van die nieuwe locatie gaan naar de groothandel. Voor een groot deel van de productie op de huislocatie hebben de ondernemers eigen afzet geregeld, onder de naam 'Eibaar'. Het grootste deel van die eigen afzet gaat naar tientallen boerderijwinkels en supermarkten in heel Zuidwest-Nederland. Een ander deel van die afzet vindt zijn weg naar klanten via de eierautomaat in een ruimte aan het begin van het erf. De pluimveehouders willen verder groeien in regionale afzet. Een jaar lang namen ze daarom een verkoper in dienst. Dat beviel goed. Hanneke de Baar: 'De verkoper wist veel over supermarkten. Daar leerden wij ook veel van.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    20° / 11°
    10 %
  • Vrijdag
    21° / 10°
    40 %
  • Zaterdag
    20° / 13°
    50 %
Meer weer