Vaccineren+enige+oplossing+tegen+hoogpathogene+vogelgriep
Achtergrond
© De Vries Media

Vaccineren enige oplossing tegen hoogpathogene vogelgriep

De kans dat pluimveebedrijven tijdens het vogeltrekseizoen besmet raken met hoogpathogene vogelgriep is groot. Vaccineren is volgens hoogleraar Arjan Stegeman dé oplossing. Eric Hubers van de pluimveewerkgroep van Copa-Copega: 'Wel moet er veel worden geregeld.'

Het hoogpathogene vogelgriepvirus H5N8 dat dit seizoen in Nederland en West-Europa de hoofdrol speelt, zorgt voor hoge uitval bij pluimvee. In Nederland valt het met tien besmettingen op pluimveebedrijven nog mee. In Frankrijk, Duitsland en Polen is de situatie ernstiger. Frankrijk kent veel besmettingen op eendenbedrijven, in Duitsland zijn vooral kalkoenbedrijven getroffen en in Polen leghennenbedrijven.

'In Nederland hebben we de situatie goed onder controle met het ruimen van besmette bedrijven, contactonderzoek en vervoersverboden', vindt Arjan Stegeman, hoogleraar Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren aan de Universiteit Utrecht. 'Het lastige punt is dat er telkens tien- tot honderdduizenden dieren worden gedood. Dat wordt steeds moeilijker te verkopen', stelt hij.


Ophokplicht

'Daarnaast zitten kippen met vrije uitloop het hele vogeltrekseizoen opgehokt om uitbraken te voorkomen. Dan is het lastig om de eieren als vrije-uitloopeieren te blijven verkopen.'

Je kunt het vaccin aanpassen, wanneer dat nodig is

Arjan Stegeman, hoogleraar Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren aan de Universiteit Utrecht

Hopen dat de vogelgriep wegblijft, helpt niet. De ziekte is endemisch bij wilde watervogels en die komen ieder jaar naar Nederland en de omliggende landen in West-Europa. De ganzen en smienten overnachten wel op het water, maar gaan overdag foerageren in de weidegebieden. Daarbij vliegen ze over grote gebieden in Nederland, vooral in de waterrijke gebieden en verspreiden zo het hoogpathogene vogelgriepvirus.


Jaarlijks terugkerend

Jaarlijks is er dus grote kans op een vogelgriepuitbraken. Met strikte biosecurity en ophokken lukt het in Nederland behoorlijk goed om dat in toom te houden, maar helemaal voorkomen is vrijwel ondoenlijk.

'Als mogelijke oplossing zou je pluimveebedrijven in waterrijke gebieden kunnen opkopen', zegt Stegeman. 'Maar die bedrijven zijn daar juist gekomen omdat er in de zandgebieden in Noord-Brabant, Gelderland, Limburg en Overijssel een hoge concentratie van pluimveebedrijven was met de bijbehorende risico's op onderlinge besmetting bij een vogelgriepuitbraak.'


Newcastle Disease

Daarom pleit Stegeman ervoor om volop in te zetten op vaccinatie tegen vogelgriep. 'Er is ook een verplichte vaccinatie tegen Newcastle Disease (NCD), dus waarom zou dat tegen vogelgriep niet kunnen? Je vaccineert dan leghennen, opfokhennen, ouderdieren, eenden en kalkoenen. Vaccineren van vleeskuikens is niet nodig.'

Pluimveehouder Eric Hubers is sinds kort vicevoorzitter van de pluimveewerkgroep van Copa-Copega, de Europese koepel van landbouworganisaties en -coöperaties. Hij is het grotendeels eens met Stegeman.

'Dan moeten we het daarover in Europa wel eens worden. Vaccinatie mag in Europa geen handelsbelemmeringen opleveren. Daarnaast moeten we de export naar derde landen overeind kunnen houden. Dat zal nog het lastigste zijn.'


Bijval van Dierenbescherming

Vaccineren tegen vogelgriep krijgt direct bijval van de Dierenbescherming. Die ziet het ruimen van dieren en ophokken van vrije-uitloopkippen ook als een probleem. Ook de Duitse Dierenbescherming vindt het hoog tijd om te gaan vaccineren en vindt dat er meer onderzoek naar vaccins moet komen.

Er is alleen een vogelgriepvaccin geregistreerd gericht tegen het H5N1-virus dat tussen 2005 en 2008 in Europa circuleerde. Die variant speelt nu geen rol.


Griepvaccin voor mensen

'Een vogelgriepvaccin maken hoeft niet moeilijk te zijn. Het verschilt niet veel van het maken van het griepvaccin voor de mens waarvan er jaarlijks honderden miljoenen worden gemaakt', zegt Stegeman.

'Je kunt het vogelgriepvaccin aanpassen, wanneer dat nodig is. Alleen worden er nauwelijks vaccins ontwikkeld, omdat er geen vraag is vanwege de regelgeving. En omdat er geen geschikt vaccin is, wordt de regelgeving niet aangepast.'


Goede monitoring

Bij de inzet van een vogelgriepvaccin hoort in de ogen van de hoogleraar Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren een goede monitoring. 'Je wilt weten of er op de achtergrond niet onopgemerkt een nieuw virustype circuleert dat voor problemen kan zorgen', licht hij toe.

'In Nederland hebben we al een goede monitoring met vier keer per jaar bloedonderzoek bij vrije-uitloopkippen en jaarlijks bij leghennen. Ook kun je werken met enkele verklikkerdieren die je niet vaccineert, zodat je kunt zien of daar toch een veldvirustype bij voorkomt.'


Geschiedenis van vogelgriep

Het griepvirus ontstond bij vogels en heeft zich verspreid naar andere dieren als paarden, varkens en mensen. Die hebben hun eigen typen griepvirus die van elkaar verschillen. De meeste vogelgrieptypen kunnen mensen niet besmetten. Vogelgriep kwam vorige eeuw slechts sporadisch voor. De grote vogelgriepuitbraak in 2003 in Nederland kwam door een laagpathogeen type dat naar een hoogpathogeen type muteerde. Sinds 2013/2014 zijn vooral hoogpathogene griepvirussen bij wilde vogels verantwoordelijk voor uitbraken in Nederland en West-Europa. Deze hoogpathogene typen zijn eind vorige eeuw ontstaan in Azië in gebieden waar pluimvee, varkens, wilde vogels en mensen veel contacten hebben. De bestrijding van de uitbraken van nieuwe hoogpathogene typen was in Azië niet rigoureus genoeg. Daardoor hebben deze zich via wilde vogels over Azië, Afrika en Europa kunnen verspreiden. De hoogpathogene typen hebben zich zo aangepast dat de meeste wilde vogels blijven leven en daardoor zijn veel wilde watervogels besmet. De ziekte is endemisch. Met die wilde watervogels komen hoogpathogene typen ieder vogeltrekseizoen naar West-Europa.

Nieuwe vogelgriepvaccins ontwikkelen

Het idee van vaccineren werd twee jaar geleden al geopperd door virologen Jeroen Kortekaas en Riks Maas van Wageningen Bioveterinary Research. Volgens hen zijn er al vogelgriepvaccins ontwikkeld tegen de virulente H5- en H7-typen, maar zijn deze vaccins vanwege de noodzaak tot individuele toediening minder geschikt om toe te passen. De virologen zien meer mogelijkheden voor vectorvaccins. Daarbij wordt een klein deel van het vogelgriepvirus ingebouwd in de vaccinstam van een ander virus. Het NCD-vaccin zou een goede optie als vector zijn. Daarmee zou je een vaccin kunnen maken dat zowel beschermt tegen NCD als vogelgriep. Zo'n vectorvaccin moet dan wel worden gebruikt in het reguliere verplichte vaccinatieprogramma tegen NCD. Voordeel van het vectorvaccin is dat het gemakkelijk op grote schaal is toe te passen. Een synthetisch vaccin, zoals de coronavaccins van BioNtech/Pfizer en Moderna, samengesteld met onderdelen van het vogelgriepvirus, heeft als voordeel dat het snel is aan te passen. Nadeel zijn de kosten en noodzaak tot individuele toediening. Aan het ontwikkelen van vaccins tegen vogelgriep zitten dus haken en ogen. Het is de vraag hoe snel dat lukt.

Bekijk meer over:

Weer

  • Dinsdag
    17° / 2°
    20 %
  • Woensdag
    13° / 4°
    30 %
  • Donderdag
    9° / 4°
    40 %
Meer weer