Melkveehouder+Jan+van+Ruiswijk+wil+blijven+leren
Reportage
© Tys Hallema

Melkveehouder Jan van Ruiswijk wil blijven leren

Gedreven door de uitdaging om melkvee te houden op een beperkt grondoppervlak is Jan van Ruiswijk in Ede voortdurend in beweging. Door samen met collega's zijn kennis te vergroten zoekt hij andere manieren van werken en kansen om de opbrengst van zijn bedrijf te vergroten.

Lopend over de huiskavel van melkveehouders Jan en Carola van Ruiswijk in Ede valt één ding meteen op: de woonwijk die direct grenst aan de bebouwde kom van Veenendaal. De provinciegrens tussen Gelderland en Utrecht is de scheiding tussen de grond van de boeren en de bebouwing. De nieuwbouwwijk in Veenendaal loopt tot op de grens.

'Vroeger kon je hier heel ver kijken', zegt Carola van Ruiswijk, wijzend naar de wijk. Haar echtgenoot kan zich dat ook nog goed heugen, hij groeide op de boerderij op en nam in 1998 het bedrijf over van zijn vader. Precies in de tijd dat er afspraken werden gemaakt over de Groene Grens, een bufferzone tussen Veenendaal en Ede die moest voorkomen dat beide steden aan elkaar vast zouden groeien.

De laatste jaren zag het ondernemerspaar uit Ede de bebouwing echter toch steeds dichterbij komen. Om hen heen nam de agrarische bedrijvigheid af, maar zelf kon Jan van Ruiswijk niet vertrekken of stoppen. Hij besloot juist de kans te benutten die de nabijheid van de woonwijk met zich meebrengt.

Biologisch is met onze grond niet rond te rekenen

Jan van Ruiswijk, melkveehouder in Ede

'Die huizen kwamen er toch wel, dus zoek je een manier om ermee om te gaan', zegt hij. Met een melktap (zie kader), deelname aan open dagen van Albert Heijn en Lidl en direct contact met de burger probeert de boer verbinding te leggen.



Gedreven door de omstandigheden is Van Ruiswijk ondertussen ook anders gaan boeren. 'Hogere dieraantallen of meer productie zijn geen optie, de gronddruk is hoog. Er ligt nu een conceptplan voor de Groene Grens waar wij ons in kunnen vinden, al is het niet ideaal. We raken 5 à 6 hectare kwijt voor de natuur. We hopen deze hectares natuurlijk elders te vinden, maar dat valt niet mee.'


Melktap draagt bij aan contact met buren nieuwbouwwijk

Sinds 2016 hebben Jan en Carola van Ruiswijk een melktap bij het bedrijf. Hier wordt rauwe melk van eigen koeien verkocht, kaas die door kaasfabriek Graafstroom wordt teruggeleverd aan het bedrijf en er staan ingekochte streekproducten als sappen. De melktap is voor Van Ruiswijk een middel om in contact te komen met de inwoners van de nabije Veenendaalse nieuwbouwwijk. 'De melktap is middels crowdfunding gefinancierd, en hoewel het wat tijd kostte om een goed klantenbestand op te bouwen, is de belangstelling groot', zegt Jan van Ruiswijk. Met grote regelmaat fietsen of wandelen buurtbewoners, veelal tweeverdieners met kinderen, naar de boerderij voor een fles verse melk of een stuk kaas. Met name sinds corona nam het aantal klanten fors toe. 'Hopelijk was dat niet tijdelijk en blijven mensen de weg naar de melktap vinden', aldus Van Ruiswijk. Dat de melktap een mooie manier is gebleken om burgers bij lokale voedselproductie te betrekken, is ook de politiek niet ontgaan. De attentiewaarde van de tap en het getoonde ondernemerschap zorgden voor een goede respons vanuit Ede en Veenendaal. 'Wethouders uit beide gemeenten hebben in 2016 samen onze melktap geopend, dat was erg leuk.'

Van Holsteins naar Jerseys

Waar Van Ruiswijk naar eigen zeggen altijd een 'Holstein-man' was, is hij de laatste jaren aan het overstappen op Jerseys. 'Momenteel heb ik ruim twintig Holsteins, dertig kruislingen en twintig zuivere Jerseys. Daardoor zijn onze voerkosten omlaag gegaan. Per saldo zijn we minder liters melk gaan produceren, maar de melk heeft hogere gehaltes aan vet en eiwit.'

Sinds een jaar of zes staan de dieren van Van Ruiswijk buiten. Op zijn grond laat hij bij de slootkanten enkele meters onbemest en maait hij deze grond later. Ook laat hij rietkragen staan. 'Sindsdien zien we een enorme toename van rietvogels zoals graspiepers. Ook hazen en fazanten hebben hierdoor meer beschutting.' Door meer te beweiden is ook het machinegebruik op zijn land afgenomen.

Hij geeft aan dat het een werkwijze is die bij je moet passen, maar hem bevalt het goed. De leergang natuurinclusieve landbouw van de gemeente Ede waar hij momenteel aan deelneemt (zie kader) paste dan ook prima in het straatje van Van Ruiswijk. Eerder nam hij ook deel aan de door de gemeente georganiseerde bodemcursus en hij volgt de driejarige cursus Bodem & Koe.


Edese boeren bijgespijkerd over natuurinclusief boeren

Jan en Carola van Ruiswijk nemen deel aan de leergang Natuurinclusieve landbouw, georganiseerd door de gemeente Ede. Met twaalf boeren zitten zij in een traject van anderhalf jaar waarin ze deelnemen aan kennissessies over onder meer waterkwaliteit, bodemkwaliteit, biodiversiteit en manieren om meer voer van eigen land te krijgen. Ook zijn er veldexcursies en begeleiding om een bedrijfsspecifiek actieplan voor biodiversiteit te maken. Het traject, dat rond de jaarwisseling afgerond zal zijn, wordt begeleid door het Louis Bolk Instituut en deels gefinancierd uit subsidies van de provincie Gelderland en de EU. Eerder al bood de gemeente een cursus bodembeheer aan die goed werd ontvangen en waarvoor de belangstelling groot was. Ook aan deze cursus nam Jan van Ruiswijk deel. 'Het goede van die cursus was dat beleidsmakers, ambtenaren en allerlei soorten boeren deelnamen. Ik heb daar enorm veel geleerd.' 'In Ede proberen we beweging te krijgen op gezonde bodem en natuurinclusieve landbouw', zegt Gerdien Kleijer, strategisch adviseur Landbouw en Buitengebied van de gemeente Ede en organisator van de leergang.

Aspecten als bodembeheer zijn volgens hem nog wat onderbelicht op de landbouwscholen. 'Misschien is het veranderd, maar ik leerde daar niet veel over op school. Ik vind het leuk om te onderzoeken of dingen werken, zoals niet-kerende grondbewerking, en het effect daarvan op het gewas. Het is belangrijk om te blijven leren, zodat je de uitdagingen binnen de sector aan kunt. We liggen als boeren onder een vergrootglas en er wordt tegelijkertijd veel van ons gevraagd, waaronder ruimte bieden aan de natuur.'

Bij de cursussen waar hij aan deelneemt, ontmoet Van Ruiswijk boeren tegen die er ook zo instaan. Van elkaar leren ze. 'Het werkt voor mij heel goed om bij anderen te kijken. Ik heb bijvoorbeeld ook wel eens gekeken naar mogelijkheden om biologisch te worden, maar dat kreeg ik niet rondgerekend. Daarvoor zitten we te krap in de grond. We staan nu wel op de wachtlijst voor het duurzaamheidsconcept van Albert Heijn, dat is hier wel goed te combineren.'


Coöperatie

Vlakbij Van Ruiswijk zijn onlangs de Binnenveldse Hooilanden aangelegd, een natuurgebied in ontwikkeling tussen Ede, Wageningen en Veenendaal. Samen met zes andere boeren vormt hij een kleine coöperatie die 56 hectare grond hoopt aan te kopen in dit gebied.

'Dit gebied gaan wij onderhouden en beheren. Het is voor ons een kans om natuurdoelstellingen voor onze bedrijfsvoering te behalen. Doordat er subsidie is voor deze natuurdoeltypen kan het ook financieel uit.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Zaterdag
    5° / 0°
    10 %
  • Zondag
    4° / -1°
    20 %
  • Maandag
    4° / 0°
    40 %
Meer weer