Sleufsiloleverancier%3A+%27Doe+wat+rustiger+met+de+kunstmeststrooier%27
Achtergrond
© niels de vries

Sleufsiloleverancier: 'Doe wat rustiger met de kunstmeststrooier'

De stikstofcrisis houdt de melkveesector dagelijks bezig. Hoe kan deze zijn steentje bijdragen? Als het aan Hendrik Kornet ligt, wordt er te veel gekeken naar mest en te weinig naar voer. 'Bij een juiste samenstelling en conservering is een reductie van 30 tot 40 procent mogelijk', stelt de leverancier van sleufsilo's en afdeksystemen uit het Friese Balk.

Hendrik Kornet heeft een duidelijke visie. En die draagt hij graag uit. Gewapend met kuilanalyses, foto's van gevarieerde kuilen en meetapparatuur betreedt hij boerenerven en is hij spreker bij studiegroepen voor melkveehouders.

Op basis van de kuilanalyses kan Kornet vaak al een behoorlijke inschatting maken van het inkuilmanagement van de betreffende boer. Met zijn bedrijf Kornet Beton Balk verkoopt hij sleufsilo's en afdeksystemen.

Stabiele kuil draagt bij aan gezondheid van melkvee.
Stabiele kuil draagt bij aan gezondheid van melkvee. © niels de vries

Je kunt beter een paar smallere silo's hebben dan een heel brede

Hendrik Kornet, leverancier van sleufsilo's en afdeksystemen in Balk

'Je kunt een mooie sleufsilo kopen, maar het volledige plaatje moet kloppen', legt Kornet uit. 'Ik ben een groot voorstander van de lasagnekuil. Dan combineer je de beste eigenschappen van iedere snede. De energie van de eerste snede en de structuur van de tweede. Bovendien voer je het vee een constante samenstelling. Zodra je een nieuwe kuil opent, gaat de melkproductie anders 'wiebelen'.'

Het duurt volgens Kornet vaak minstens een paar weken voordat je een nieuwe balans hebt gevonden. 'Ondertussen is dan wel de melkproductie onderuit gegaan. Die krijg je tot de volgende droogstand niet meer op het oude niveau.'

Voersnelheid

Het is vooral zaak om de voersnelheid erin te houden. 'Dat is ook een voordeel van de lasagnekuil. Je hoeft maar een graskuil tegelijk open te hebben en de maiskuil. Dan is de voersnelheid hoger en ben je het bederf en de broei voor. Dat scheelt je zo een paar liter per koe.'

Over stikstof heeft Kornet ook een duidelijke visie. 'Het gaat om balans in het ruwvoer en bodemleven. Er zijn melkveehouders die het ruw eiwit zwaar boven de 200 hebben, wat vaak niet ten goede komt van het ruwvoerrantsoen. Het bodemleven wordt verstoord in zijn evenwicht, mede doordat er te veel kunstmest gestrooid wordt.'

Als het aan Kornet ligt doen melkveehouders het wat rustiger aan met de kunstmeststrooier. 'Dat hoge ruw eiwit is daar vaak een gevolg van. Je kunt beter investeren in een goed en gezond bodemleven. Het bodemleven kan het werk doen, dat moet je voeden met bijvoorbeeld compost. Mineralisatie door bodemleven levert veel stikstof.'

Broei gaat ten koste van de melkproductie.
Broei gaat ten koste van de melkproductie. © niels de vries

Zelf verwacht de sleufsiloleverancier veel van het maken van bokashi van rundveemest. 'Bij bokashi wordt vaak gedacht aan bermmaaisel. Daar ben ik geen voorstander van. Er is dan te weinig controle op wat er allemaal in zit. In bermen zitten ook plastics en bijvoorbeeld restanten van muizen', legt hij uit.

'Nee, bij het maken van bokashi van mest scheid je de dikke en dunne fractie. De dikke fractie, aangevuld met stro, bewaar je anaeroob in een slurf in een silo. Je kunt de bokashi gebruiken als meststof en bodemverbeteraar. Zo houd je de mest op eigen land en is er ook minder transport nodig.'

Het zou volgens Kornet een uitkomst zijn als deze bokashi wettelijk gezien de kunstmest kan vervangen. Nu is dat nog niet toegestaan. Voor hem was de stikstofcrisis de reden om de bokashisilo verder door te ontwikkelen. Die wordt inmiddels verkocht. 'Zelf verwacht ik dat de stikstofcrisis ervoor gaat zorgen dat mest scheiden de toekomst is. Daar past zo'n bokashi dus prima in.'

Ideale graskuil

Hoe ziet de ideale graskuil er dan uit? Kornet weet zo een aantal zaken te noemen. 'De zuurgraad moet tussen de 4,3 en 4,5 zitten. De ammoniakfractie tussen de 5 en de 7 en de Onbestendige Eiwit Balans moet omlaag. Dat is de basis. Maar belangrijker nog is een goede afdichting van de kuil.'

Kornet levert zelfontwikkelde afdeksystemen. Hij gebruikt een elastisch, zwaar (1,7 kilo per vierkante meter) afdekkleed. Een machine bedekt de kuil. De slurven worden gevuld met water, waardoor het kleed aan de zijkanten dichtritst en luchtdicht afsluit. Bedoeld voor een optimale conservering.

Kornet: 'Beton is niet zo spannend. Het gaat erom dat een kuil volledig wordt afgedicht en dat er voldoende gewicht op zit. Kies ook niet voor een te brede silo. Dan heb je al snel een te lage voersnelheid. Je kunt beter een paar smallere silo's hebben dan een heel brede.'

Er zijn melkveehouders die het ruw eiwit ver boven de 200 hebben.
Er zijn melkveehouders die het ruw eiwit ver boven de 200 hebben. © niels de vries

Kornet Beton verkoopt relatief veel systemen in Denemarken. 'Daar is een lage kostprijs ontzettend belangrijk geworden. Dan kun je het jezelf niet permitteren als je veel ruwvoerverliezen hebt. Een goede en stabiele kuil, zonder inkuilverliezen, is een belangrijk middel om de kosten laag te houden. Het draagt bovendien bij aan minder gezondheidsproblemen bij het vee en de melkproductie is zo een paar liter per koe hoger.'

Kornet ziet een nieuwe trend. Meer melkveehouders kiezen ervoor om een laag mais over de graskuil mee in te kuilen. Dat vindt hij geen goed idee. 'De mais komt over een droge grassnede te liggen. Die is houterig en veert daarom een beetje op. Als je daarover de mais legt, komt die er niet strak overheen te liggen. Het gevolg is dat er wind de kuil in wordt geblazen, waardoor er te veel zuurstof bij komt.'

Hierdoor krijg je volgens Kornet alsnog broei in de kuil. Dan beschadigt ook de mais die erbovenop ligt en gaat de ammoniakfractie snel omhoog. 'Het is dus beter om het gras en de mais apart in te kuilen. Dat is ook belangrijk om het rantsoen goed te kunnen sturen.'

Inkuilen met opraapwagens is lang niet altijd een succes
Kornet Beton waarschuwt melkveehouders dat het inkuilen met opraapwagens lang niet altijd een goede kwaliteit geeft. De verschillen met een hakselaar zijn volgens Hendrik Kornet groot. 'Het inkuilen met opraapwagens vraagt veel meer aandacht. De messenbalk is het belangrijkste. Zorg ervoor dat de messen scherp zijn en dat de messenkooi wel goed sluit. Vooral bij de meer houterige en taaie tweede of derde snede wordt vaak niet goed gesneden. Of de opraapwagens zitten te volgepropt, vaak wanneer het land op afstand ligt. Het lange gras gaat dan als bollen garen in de graskuil zitten. Dat is niet goed vast te rijden. Het is moeilijker om dit goed te verdelen met de shovel.' Gras hakselen is volgens Kornet verreweg de veiligste inkuilmethode. Een van de voordelen is dat het gras gesneden kan worden tot een lengte van 2 centimeter. Daardoor is het makkelijker om het rantsoen te mengen.

Bekijk meer over:

Weer

  • Zaterdag
    13° / -1°
    10 %
  • Zondag
    19° / 4°
    10 %
  • Maandag
    17° / 8°
    40 %
Meer weer