LTO stelt voorwaarden aan uitvoering klimaatakkoord

LTO Nederland stelt randwoorden aan de uitvoering van het klimaatakkoord, waar het doelen in de land- en tuinbouwsector betreft. Deze punten zijn dinsdag voorgelegd aan voorzitter Nijpels van het Klimaatberaad en aan landbouwminister Carola Schouten.

De belangenkoepel zegt zich niet onvoorwaardelijk te kunnen committeren aan de verstrekkende doelen voor de landbouwsector.

De haalbaarheid én betaalbaarheid zijn afhankelijk van de financiële, beleids- en innovatieruimte waarmee de overheid de boeren en tuinders tot 2030 tegemoetkomt, vindt LTO.

Ook de inzet van de betrokken ketenpartijen van de klimaattafel Landbouw & Landgebruik is relevant, om bij te dragen aan de totale broeikasgasreductie van 49 procent in 2030.

Haalbaar

'We gaan per maatregel beoordelen of en hoe de overheid en betrokken partijen onze inzet financieel en beleidsmatig ondersteunen', zegt voorzitter Marc Calon van LTO Nederland. 'Elke maatregel moet daadwerkelijk bijdragen aan duurzaamheid én bedrijfseconomisch haalbaar zijn.'

LTO heeft de afgelopen maanden via ledenbijeenkomsten en -enquêtes haar achterban geraadpleegd over het klimaatakkoord. Volgens de leden is het al dan niet implementeren van klimaatmaatregelen afhankelijk van bedrijfseconomische afwegingen en voordelen voor de bedrijfsvoering.

Effectief

Voor het behalen van de klimaatambities zijn bestendig overheidsbeleid met passende wet- en regelgeving en de inpasbaarheid in de bedrijfsvoering onontbeerlijk, duidt de koepel. Maatregelen moeten ook per gebied op hun effectiviteit worden beoordeeld.

Als voorbeeld hiervan schetst LTO het cultuurhistorisch landschap van de veenweidegebieden. Door bodemdaling en CO2-uitstoot is de situatie hier complex met grote regionale verschillen. Dat vraagt om maatwerk.

Afschrijving

Afgelopen maart bevestigde het Planbureau voor de Leefomgeving in haar doorrekening van het ontwerp klimaatakkoord dat de individuele agrarisch ondernemer de koers niet eenvoudig kan verleggen.

De verbinding met en de afhankelijkheid van ketenpartners en overheid zijn te groot. Leden voeren ook aan dat investeringen eerst moeten zijn afgeschreven, voor er koerswijzigingen kunnen plaatsvinden.

GLB-gelden

De investeringen voor de agro-doelambities waarbij LTO direct betrokken is, worden geschat op circa 11 miljard euro. LTO beschouwt de door minister Schouten vrijgemaakte 970 miljoen euro tot 2030 als een mooie eerste stap.

Maar zo'n 3,5 miljard euro wordt nu niet afgedekt door subsidies of de markt. De veronderstelling van het kabinet dat boeren de klimaatkosten kunnen afdekken met toekomstige Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB)-gelden is onrealistisch, zegt Calon.

Verantwoordelijkheid

'Ondanks het feit dat uiteindelijk slechts 14 procent van de broeikasgassen daadwerkelijk op ons conto komt, hebben onze leden een kritische maar positieve grondhouding om de broeikasemissies verder terug te dringen.'

Zo'n zes op de tien van LTO-leden onderschrijven de internationale en nationale doelen voor broeikasgasreductie en staan achter de reductiedoelstellingen voor de agrarische sector. De Nederlandse land- en tuinbouwsector wil daarin zijn verantwoordelijkheid nemen als het om het klimaat gaat, ziet LTO.

Knauw

'Maar als de stikstofcrisis een ding nogmaals duidelijk heeft gemaakt, dan is het wel dat bestendig overheidsbeleid op inhoud, proces en financiële tegemoetkoming onontbeerlijk zijn. We kunnen en gaan geen ongedekte cheques tekenen. Als ondernemers die in en met de natuur werken, voelen wij de gevolgen van de klimaatverandering als eerste.'

Calon wijst er op dat de uitstoot sinds 1990 al met een vijfde is teruggebracht. 'Dat is meer dan welke sector dan ook. Daar gaan we ook mee door. Maar de stikstofcrisis heeft het vertrouwen van boeren en tuinders een flinke knauw gegeven.'

Weer

  • Zondag
    8° / 4°
    50 %
  • Maandag
    9° / 5°
    50 %
  • Dinsdag
    13° / 7°
    50 %
Meer weer