Innovatiesnelheid+in+veehouderij+moet+omhoog
Nieuws
© Peter Smit

Innovatiesnelheid in veehouderij moet omhoog

De overheid moet zorgen dat de ontwikkeling van nieuwe agrarische technieken sneller verloopt. Dat schrijft de commissie onder leiding van oud-minister Johan Remkes in zijn stikstofadvies aan het kabinet.

In het huidige innovatieregime duurt het in Nederland te lang voordat innovatieve ontwikkelingen tot wasdom kunnen komen. Het rapport vermeld onder meer innovaties als natuurinclusieve landbouw, nieuwe emissievrije stalsystemen, veevoer uit reststromen, mest verwaarden als hoogwaardige organische mest en andere fokdoelen voor vee.

Betrokkenen ervaren de langdurige procedures als tegenwerking en tijdrovend. Dit wordt niet alleen ervaren in de agrarische sector.

Veel potentie

Martin Scholten, algemeen directeur van de Animal Sciences Group van Wageningen University & Research, is lid van de commissie-Remkes. Volgens hem bieden innovatie en technische oplossingen veel de potentie om de veehouderij genoeg te verduurzamen.

Het vraag om lef en bestuurskracht om de slechte en goede praktijk milieupraktijk van elkaar te onderscheiden

Martin Scholten, algemeen directeur van de Animal Sciences Group van Wageningen University & Research

'Maar dan moeten we innovatie veel meer ruimte en aandacht geven dan we nu doen. Nederland heeft een slecht innovatieklimaat. Hier willen we eerst zien of iets werkt voor we erop in gaan', stelt Scholten.

Voor onder andere nieuwe stalsystemen is echt veel meer experimenteerruimte nodig, betoogt Scholten. Bovendien worden initiatieven vaak geblokkeerd door regelgeving. Zo duurt het 4 jaar voor een erkenning of certificering hebt.

'Innovatie vindt in Nederland te versnipperd en vaak in isolement plaats. Dan gaat het om een ondernemer en een Willy Wortel, die hun vinding soms ook te veel afschermen. We moeten dergelijke innovaties juist professioneel en met vereende krachten snel op- en doorschalen.'

Afschrijvingstermijnen

Bij het vernieuwen van de veehouderij moet wel rekening worden gehouden met de lange afschrijvingstermijnen die boeren hanteren, zegt WUR-directeur. 'Bij een stal is dat gauw zo'n 20 jaar. Als je dat niet faciliteert dan is vernieuwing voor een ondernemer geen keuze. Hier moeten we verstandig mee omgaan. Ook bij de andere sectoren waar de stikstofproblematiek speelt.'

Bij het kijken naar innovaties en nieuwe technieken moet volgens Scholten niet worden vergeten dat uit de toepassing van de juiste boerenpraktijk ook nog veel valt te halen.

'We moeten boeren belonen die de beste milieupraktijk toepassen. Het vraag om lef en bestuurskracht om de slechte en goede praktijk van elkaar te onderscheiden. Dat is iets waar we in Nederland doorgaans niet zo goed in zijn.'

Meeste winst

Het is de kunst om zo min mogelijk bedrijven te hoeven saneren om het stikstofdoel te halen, stelt Scholten. 'Dat betekent dat je goed moet selecteren op goede en slechte milieupraktijk en op de potentie van de bedrijven om te verbeteren. Je moet weghalen wat niet meer goed komt en aanpakken waar de meeste winst te behalen is.'

D66 suggereerde onlangs dat een halvering van de intensieve veehouderij noodzakelijk is. Volgens Scholten is dat niet nodig. 'We komen niet eens in de buurt. Dergelijke aantallen horen bij een generieke korting, maar daar kiest de adviescommissie niet voor. Want dat is niet doelmatig en niet proportioneel.'

Bufferzone

In de tweede fase onderzoekt de commissie hoe de natuur in Nederland hersteld en verbeterd kan worden. Dit advies wordt in mei 2020 verwacht. Volgens Scholten kan uit een nadere verkenning van de situatie rondom Natura 2000-gebieden best komen dat daar een bufferzone van natuurinclusieve landbouw juist gewenst is.

'Wellicht blijkt straks dat een vorm van natuurinclusieve landbouw een grotere vriend is van die natuurgebieden dan dat je daar een projectontwikkelaar zijn gang laat gaan.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    8° / 2°
    20 %
  • Zaterdag
    9° / 4°
    10 %
  • Zondag
    9° / 4°
    20 %
Meer weer