Gebruik+van+pre%2D+en+probiotica+bij+vee+neemt+toe
Interview
© Eiegen foto

Gebruik van pre- en probiotica bij vee neemt toe

Het gebruik van antibiotica wordt verder afgebouwd. Tegelijkertijd neemt het gebruik van pro- en prebiotica in de veehouderij toe. Een logische ontwikkeling, zegt dierenarts Johanna Fink-Gremmels. 'We willen dieren gezond houden, zodat ze met stress kunnen omgaan.'

Het gebruik van probiotica is niet altijd effectief. De werking verschilt per diersoort en per type bacteriën of andere micro-organismen, bijvoorbeeld gisten. Dat blijkt uit een studie van de wereldvoedselorganisatie FAO.

Het duurt vaak nog dagen tot weken voor een duidelijk effect zichtbaar wordt

Johanna Fink-Gremmels, dierenarts en consultant voor voedselveiligheidsautoriteiten

Aanleiding voor het onderzoek was de groeiende beschikbaarheid van levende micro-organismen als alternatief voor antimicrobiële groeibevorderaars, maar ook als preventief middel tegen infecties. Als het aan de FAO ligt, komen er wereldwijd richtlijnen voor de productie en het gebruik van probiotica.

Dierenarts Johanna Fink-Gremmels deelt dat standpunt. Probiotica moet je niet zomaar verstrekken, want de toepassing ervan is afhankelijk van de vraagstelling - wat wil ik bereiken?-, de diersoort en de samenstelling van het product

Wat zijn pre- en probiotica?

'Probiotica zijn goede bacteriën of andere micro-organismen. Ze zorgen voor het optimaal functioneren van de darmen en helpen bij de ontwikkeling van het immuunsysteem. Prebiotica zijn stoffen, die uit gistcelwanden of planten worden geïsoleerd en die de vermenigvuldiging van de goede bacteriën in de darm aantoonbaar bevorderen.

'Probiotica zijn al heel lang bekend: het zijn de positieve effecten op de spijsvertering die wij aan lactobacillen uit yoghurt of zuurkool, maar ook kuilvoer toekennen. De kennis daarover waren we een beetje kwijt, maar die komt in hoog tempo terug. Wij krijgen steeds meer inzicht in het samenspel tussen de micro-organismen in de darm, het microbioom, en het immuunsysteem.

'Dat beïnvloedt ook hoe wij kijken naar producten die van nature pre- of probiotica bevatten, zoals biest. Met de biest geeft het moederdier antistoffen mee aan haar jong. Maar biest bevat ook niet-verteerbare suikers die darmbacteriën stimuleren en zo een positieve invloed hebben op de ontwikkeling van een gezond microbioom in de eerste levensfase van een dier.'

Kunt u dat toelichten?

'Ja, er is sprake van voortschrijdend inzicht. Inmiddels begrijpen wij dat onze darmen en de darmflora, het microbioom, geen losse deeltjes zijn, maar dat we dat moeten zien als een orgaan dat niet alleen voor de vertering en opname van voedingsstoffen zorgt, maar ook interactie aangaat met zijn gastheer.

'Is het microbioom uit het evenwicht, dan zijn dieren gevoeliger voor alle ziekteverwekkers. Darmgezondheid staat in direct verband met de veerkracht en de afweer tegen infectieziekten. Pre- en probiotica helpen dit evenwicht in stand houden. Ze hebben een beschermende functie.'

Waarom zou een veehouder probiotica inzetten?

'Pre- en probiotica kunnen de darmflora ondersteunen. Een gezond microbioom is een garantie voor een goede ontwikkeling; voor groei, dierenwelzijn en productiviteit.

'Dieren maken in hun leven stresssituaties mee. Ze worden geboren en gaan van een schone naar een vieze omgeving of komen in een koppel en ervaren sociale stress. Pre- en probiotica kunnen dieren helpen om beter met deze stresssituaties om te gaan.'

Kunt u dat toelichten?

'De darm is een dominant orgaan dat communiceert met andere organen. Wie kent niet het kalf dat heen en weer zwalkt tussen diarree en longproblemen. In de praktijk zijn we geneigd om de longproblemen als eerste te behandelen, maar de diarree, de darmgezondheid, aanpakken is veel effectiever.

'Varkens, koeien of geiten, het maakt niet uit, de gezondheidszorg voor een dier begint op dag één. Je kunt wel stellen dat wat er met een pasgeborene gebeurt, bepalend is voor de rest van zijn leven. Daarom is een goede zorg in de eerste levensfase zo belangrijk.'

Hoe weet een veehouder of dat wat hij gebruikt, effectief is?

'De werking van probiotica hangt in principe van drie factoren af. Allereerst moet een product werkzaam en veilig zijn. Is het geregistreerd bij de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid EFSA, dan is dat het geval. Is een product GMP+-gecertificeerd, dan weet je in ieder geval dat het veilig is.

'We zitten op dit moment in een transitiefase. De EFSA heeft nog niet alle producten die met een gezondheidsclaim worden aangeboden, kunnen beoordelen. De meeste fabrikanten weten wel hoe je een product moet toedienen voor een optimaal resultaat.

'Op de verpakking geeft de fabrikant aan hoe het product moet worden gebruikt. Dat luistert nauw. Mijn advies is dat voorschrift nauwkeurig op te volgen. Dan duurt het vaak nog dagen tot weken voor een duidelijk effect zichtbaar wordt.

'Bij jonge biggen zie je vaak al snel effect. Verschillen in reactietijd zijn te verklaren uit de tijd die darm- of pensflora nodig heeft om zich aan te passen en te herstellen. Pre- en probiotica zijn geen geneesmiddelen die een ziek dier gezond maken. Het zijn middelen die dieren gezond houden, ook in situaties van stress of blootstelling aan ziekteverwekkers.'

Kun je pre- en probiotica altijd toedienen, ook bij zieke dieren?

'Dat beeld is er wel vaak, maar er zijn grenzen. Pre- en probiotica hebben een stabiliserend effect op de darmflora, maar probiotica zijn levende bacteriën en gisten. Is een dier echt ziek, dan kan de darmbarrière aangetast zijn. In zo'n geval bestaat het risico dat probiotica, dus levende bacteriën, de darmbarrière verder beschadigen.

'Het is dan beter om gewoon prebiotica, dus stoffen die een positief effect op de goede micro-organismen hebben, te gebruiken om het dier sneller te laten herstellen.'

'Bij ziektepreventie teruggrijpen naar natuurlijke middelen'
Johanna Fink-Gremmels is een boerendochter. Ze studeerde af als dierenarts aan de universiteit van Hannover en specialiseerde zich na haar promotie in de veterinaire farmacologie en toxicologie. Van 1986 tot 1991 stond Fink-Gremmels aan het hoofd van het instituut voor microbiologie en voedseltoxicologie van het instituut voor voedselkwaliteit en consumentenveiligheid in Kulmbach. Van 1991 tot 2014 was zij hoogleraar en hoofd van de afdeling veterinaire farmacotherapie, farmacie en klinische toxicologie van de faculteit Diergeneeskunde in Utrecht. Ze zet haar werk voort als consultant voor voedselveiligheidsautoriteiten in de gehele wereld. 'Diergeneesmiddelen blijven altijd nodig voor de behandeling van zieke dieren en als dierenarts maak je dan graag gebruik van de nieuwste ontwikkelingen. Maar voor de preventie van ziekten en om dieren weerbaarder te maken, komen wij toch weer terug op natuurlijke middelen.' Fink-Gremmels spreekt over een kringloop in de kennis.

Weer

  • Zondag
    30° / 14°
    10 %
  • Maandag
    30° / 15°
    20 %
  • Dinsdag
    30° / 16°
    30 %
Meer weer