‘Trek het beleid en de uitvoering uit elkaar’

Alle partijen moeten water bij de wijn doen om dierwaardigheid en reductie van ammoniakemissie in te passen op het boerenerf. Daarin is een integrale aanpak van duurzame thema’s cruciaal. Dit beeld komt naar voren tijdens de Tour de Boer voor beleidsmakers bij Vencomatic Group in Eersel.

De Brabantse pluimveesector staat voor een dubbele uitdaging. /SHIFTTAB/Foto: Henk Riswick
© Henk Riswick

De Brabantse pluimveesector staat voor een dubbele uitdaging: het verbeteren van dierenwelzijn en het reduceren van ammoniakemissies. Volgens projectleider Daniëlle Aarts bij ZLTO wordt de noodzaak van het toepassen van een integrale aanpak steeds groter. ‘Al de te nemen maatregelen en opgaves op het boerenerf moeten op elkaar worden afgestemd. Daarom is het debat dat we vandaag voeren, waarin we praktijk en beleid samenbrengen, zo belangrijk.’

Voor het zoeken naar oplossingen om de ammoniakuitstoot te verlagen, is het interregionale Reductie van Ammoniak via Brongerichte en flankerende Oplossingen (RAMBO) gestart. Dit is een gezamenlijk project van ZLTO, De Hoeve Innovatie, Poortershaven en de Belgische organisaties Inagro, Proefbedrijf Pluimveehouderij, ILVO en Boerenbond. Dat heeft 52 ideeën opgeleverd die uitgebreid zijn getest. Op 15 september is de eindpresentatie van de projecten in Sint-Niklaas.

Bestaande bedrijven moeten de helft van hun emissies reduceren, nieuwe bedrijven zelfs 85 procent. Dat zijn enorme opgaves

Marc Oudenhoven, gedeputeerde namens Lokaal Brabant

Het doel van RAMBO is om innovaties en managementmaatregelen te ontwikkelen om te voldoen aan de normen voor ammoniakemissie. Ook worden onderwerpen zoals methaanemissie en geuroverlast meegenomen. Aarts wijst op een recent gepubliceerd informatieblad vanuit RAMBO, waarin alle uitdagingen en oplossingen op een rij zijn gezet.

Juridische procedures

Dat het niet eenvoudig is om tot oplossingen te komen, maakt gedeputeerde Marc Oudenhoven (Lokaal Brabant) duidelijk. ‘Bestaande bedrijven moeten de helft van hun emissies reduceren, nieuwe bedrijven zelfs 85 procent. Dat zijn enorme opgaves. Tegelijkertijd hebben we te maken met juridische procedures en intrekkings- en handhavingsverzoeken. Daarom is het van belang om samen met de sector te inventariseren hoe we de opgaves het beste kunnen vormgeven.’

Daarnaast stelt Oudenhoven dat met techniek en innovaties inmiddels wel degelijk stappen worden gezet. Oudenhoven wees op het ECO Air Care-systeem van Vendomatic. Dit emissiearm stalsysteem is juridisch geborgd en komt vanaf september op de zogenoemde menukaart te staan met mogelijke opties voor veehouderijen om stikstof te reduceren.

De innovaties op deze menukaart zijn ook in Vlaanderen leidend, vertelt sectoradviseur Katrien Boussery. Zij zet uiteen dat van Vlaamse boeren grote offers worden gevraagd. Als gevolg van het stikstofdecreet moet de stikstofuitstoot in 2030 zijn gehalveerd. Daarna moet deze nog eens worden gehalveerd. ‘Er moeten dus grote inspanningen worden geleverd. Die zouden kunnen liggen in het houden van minder dieren, het investeren in technieken of in een combinatie van die twee zaken.’

Lees ook: Forse kritiek op VVD Brabant vanwege pluimveevergunningen

Ook Boussery wijst op de noodzaak van een integrale aanpak. ‘Tegelijkertijd is de puzzel lastig te leggen’, schetst ze. ‘Hoe meer ruimte er komt voor dieren, hoe groter de emissies zullen zijn. Dierenwelzijn en innovaties zijn niet altijd eenvoudig te combineren.’ Ernest Bokkers, strategisch beleidsadviseur Dierlijke sectoren bij LTO Nederland, beaamt dit. ‘Meer dierenwelzijn betekent meer emissies. We hebben dus te maken met twee grote opgaves naast elkaar.’

Bokkers bespreekt de belangrijkste ontwikkelingen richting 2040. Die sluiten aan bij het Convenant dierwaardige veehouderij. Hij benadrukt dat alle betrokken partijen hun verantwoordelijkheid moeten nemen. ‘Behalve het hanteren van een integrale benadering, zijn verschillende randvoorwaarden van cruciaal belang. Zoals tijdige vergunningverlening, voldoende verdiencapaciteit en afzetmogelijkheden voor dierwaardig geproduceerde dierlijke producten.’

Stroperig systeem

Vleeskuikenhouder Patrick van den Hurk vindt dat afspraken over de extra kosten voor meer dierenwelzijn vooral met marktpartijen moeten worden gemaakt. Hij stoort zich aan de stroperigheid van de systematiek. ‘Vijf jaar geleden heb ik een vergunning aangevraagd voor een overdekte uitloop om naar één ster binnen het Beter Leven-keurmerk te gaan. Maar dan kom je in een molen terecht waarin je vanuit allerlei instanties honderd keer dezelfde vraag moet beantwoorden. De overheid zou ondernemers beter kunnen en moeten faciliteren.’

Dat geldt volgens hem ook bij de erkenning van emissiereducerende technieken. Dat dit tijd kost, blijkt uit het feit dat Vendomatic hier negen jaar op heeft moeten wachten. Oudenhoven wijst hierbij op de in zijn ogen gebrekkige uitvoeringsrol van de overheid. ‘De overheid heeft het steeds lastiger om de switch te maken van beleid naar uitvoering. Dat beeld zien we ook terug in de gebiedsgerichte aanpak. Wellicht is het verstandig om vanuit de overheid een aparte uitvoeringsinstantie in het leven te roepen.’

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Donderdag
    29° / 19°
    5 %
  • Vrijdag
    25° / 16°
    35 %
  • Zaterdag
    26° / 13°
    0 %
Meer weer