Koeien laten zich 'vergeten groente' goed smaken

Bij melkveehouderij Hoek-Neihof in het Overijsselse Markelo krijgen de koeien vanaf het moment dat ze worden opgestald stoppelknollen. Voor 1950 was dit een belangrijk veevoer. Nu wordt het gewas vooral verbouwd als groenbemester en nog maar sporadisch gebruikt als voedermiddel. Het is een arbeidsintensieve teelt; zaaien gebeurt met de hand, net als het trekken van de knollen.

Koeien+laten+zich+%27vergeten+groente%27+goed+smaken
© Ruben Meijerink

Op Erve Schüppert in Markelo krijgen de koeien al sinds mensenheugenis knollen. ‘Mijn vader teelde ze en zijn vader ook’, herinnert Gerrit Hendrik Neihof (93) zich. De kunst, zegt hij, zit 'm in het zaaien. 'Dat moet mooi gelijkmatig gebeuren, zodat de knollen voldoende ruimte hebben om te groeien.' Neihof senior heeft dat lang zelf gedaan. Nu doet zijn kleinzoon Thijs Hoek dat. In eerste instantie nam die te grote passen. 'Maar hij heeft het nu goed in de vingers', zegt Neihof trots.

Op het 18 hectare grote bedrijf wordt ieder jaar een kleine hectare stoppelknollen verbouwd. Begin augustus wordt gezaaid, wanneer de gerst van het land is. ‘Wie knollen wil eten, moet Laurentius niet vergeten’, merkt Neihof op. Vanaf het moment dat de 23 MRIJ- en 2 Fleckvieh-koeien in het najaar weer op stal gaan, krijgen ze ‘s morgens een maaltje knollen.

Als de weersomstandigheden het toelaten, trekken Jan en Jenny Hoek om de dag in één uur een laadbak vol. Van een volle bak kan twee dagen worden gevoerd. ‘Ze zeggen dat er weinig voederwaarde in zit, maar de koeien vinden het lekker en doen het er goed op’, merkt Jan Hoek op. ‘Ze worden er gretig van. De kuil die ze daarna krijgen, gaat er vlot achteraan. Sneller dan wanneer ze geen knollen meer krijgen’, vult Jenny Hoek-Neihof aan.

Eén blik in de stal, levert het bewijs dat de stoppelknollen goed in de smaak vallen. De koeien rollen ze met hun tong behendig tegen de opstaande rand voor de stand en happen er gretig stukken uit. Ook de hond laat zich de knollen goed smaken; hij doet zich te goed aan de kruimels. 'Wat het effect van de knollen op de melkproductie is, is moeilijk aan te geven', zegt Jenny Hoek.


Bedrijf voortgezet

Jan en Jenny Hoek zijn boer op het ouderlijk bedrijf van Jenny Hoek. Jan Hoek was RMO-chauffeur en Jenny Hoek runt het melkveebedrijf. Sinds 2022 doet ze dat samen met haar schoondochter Michelle IJmker. In 2019 hakten zij en Thijs Hoek de knoop door en gaven aan het bedrijf te willen doorzetten. 'Ik ben mijn hele leven al gek van dieren en hielp mijn oma en vader, nadat mijn opa was overleden, met de schapen. Vooral de lammertijd vond ik super. Men zegt dat ik gevoel voor beesten heb', zegt IJmker.

De in het Drentse Tiendeveen geboren IJmker werkte in de zorg. Van de overstap naar het boerenbedrijf heeft ze nog geen moment spijt. 'Vroeger droomde ik er al van om met dieren te werken. Een opleiding in die richting werd mij echter afgeraden. Er zou weinig werk zijn en het zou ook slecht verdienen. Bij het werk in de zorg heb ik nooit gedacht 'wauw dit is het'. Toen ik meer ging helpen op de boerderij wist ik: dit is wat ik wil.'

De passie voor koeien, combineert IJmker met haar passie voor het trainen van honden. Sinds 2,5 jaar heeft ze een kelpie, die ook helpt met het ophalen van de koeien. 'Werken met koeien en honden geeft zoveel rust. Net zoals de vaste regelmaat in werkzaamheden en het wisselen van de seizoenen.'

Thijs Hoek houdt een baan buiten de deur. Hij en IJmker hebben er vertrouwen in dat wanneer zij kans zien om de schuld laag te houden, er toekomst is voor het bedrijf.


Gezondheid voorop

De 25 koeien staan in een stal die in 1992 werd gebouwd. Heel bewust werd toen gekozen voor aangebonden koeien. Dat vergemakkelijkte het werk voor de vrouw des huizes en er hoefde niet te worden geïnvesteerd in een melkstal. De bovenleiding kwam op 1,60 meter hoog en de standbreedte op 1,10 meter. Dertig jaar later biedt dat de koeien nog steeds voldoende ruimte. 'Bij ons staat de gezondheid en het welzijn van de koeien voorop. Daarom voeren wij ze bijvoorbeeld ook knollen', merkt IJmker op.

Er moet nog wel wat gebeuren, wil zij in de toekomst stoppen met stoppelknollen. Jenny Hoek vult aan: 'Wij zijn niet zo bezig met de cijfers. Het rendement is niet het eerste waar we naar kijken.' Na de eerste snee gaan de koeien dag en nacht naar buiten. Ze worden meer dan 200 dagen per jaar geweid en krijgen een minimum aan krachtvoer. Na augustus wordt - zolang de voorraad strekt - geplette gerst aan het rantsoen toegevoegd.

Eenmaal op stal voor de winter bestaat het rantsoen voornamelijk uit kuil, aangevuld met het minimale aan krachtvoer en maïs. IJmker: 'Daarmee moeten ze het doen'. De gemiddelde leeftijd van de melkveestapel bij Hoek-Neihof is 7,2 jaar en het rollend jaargemiddelde ligt op 6.200 kilo melk, met 3,60 procent eiwit en 4,66 procent vet.


Melktap

Het karakteristieke Erve Schüppert ligt tussen loofbomen. Een beeld dat herkenbaar is voor de streek. Op het erf is de melktap een blikvanger. Het is een van de eerste in de regio. Met name toeristen die zomers in groten getale in Markelo en omstreken neerstrijken, weten de tap te vinden. Jenny Hoek en IJmker noemen het een mooie manier om met de consument in contact te komen. Zij vertellen graag hun verhaal en oogsten daarmee waardering.

Vaak krijgt die eerste kennismaking een vervolg tijdens een bezoek onder melkenstijd. Zoals een Duitse familie die afgelopen zomer bijna avond aan avond aanwipte. Of dat een spoor is om in de toekomst verder te ontwikkelen, weet IJmker nog niet. 'Thijs Hoek en ik hebben het ook wel eens over een zorgtak gehad. Eerst maar even afwachten hoe bijvoorbeeld het stikstofbeleid zich ontwikkelt en uitpakt.'

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zondag
    14° / 6°
    10 %
  • Maandag
    10° / 6°
    10 %
  • Dinsdag
    9° / 6°
    50 %
Meer weer