Kringloopwijzer+niet+klaar+als+controlesysteem
Nieuws
© twan wiermans

Kringloopwijzer niet klaar als controlesysteem

De Kringloopwijzer zou in de melkveehouderij in de toekomst als controlesysteem kunnen dienen voor het mestbeleid. Maar op dit moment heeft het systeem nog enkele zwakke punten, zoals de borging van de invoerdata en de handhaafbaarheid. Dit schrijft minister Carola Schouten van LNV in een brief aan de Tweede Kamer.

In de brief schetst Schouten de routekaart voor het toekomstige mestbeleid. Die bestaat als het aan de minister ligt uit drie sporen: 1) grondgebondenheid voor de melkvee- en rundvleesveehouderij, 2) mestverwerking voor niet-grondgebonden bedrijven en 3) een gebiedsgerichte aanpak met maatwerk voor verbetering van de waterkwaliteit. De routekaart is bedoeld voor de lange termijn, in ieder geval tien jaar. Het volgende kabinet kan hiermee verder.

Voor de grondgebondenheid van de melkvee- en rundveehouderij is het uitgangspunt dat de geproduceerde mest past binnen de mestplaatsingsruimte die een boer tot zijn beschikking heeft. Dat kan op eigen grond zijn, maar er kan ook een samenwerkingsovereenkomst worden gesloten zodat de mest past op grond van een ander bedrijf.

Als definitie van grondgebondenheid zijn er volgens de minister nog verschillende mogelijkheden. Waarschijnlijk zal de grondgebondenheid worden uitgedrukt in nutriënten per hectare, aantal dieren per hectare of melkproductie per hectare. Belangrijk bij de definitie van grondgebondenheid is verder de omgang met samenwerkingsovereenkomsten, als niet alle mest op het eigen bedrijf geplaatst kan worden, maar wel in samenwerking op de grond van een ander bedrijf. Schouten: 'Het is belangrijk om helder te hebben welke eisen aan een overeenkomst worden gesteld. Denk aan eisen over duur van de overeenkomst, de afstand tussen de veehouder en de percelen en de percelen die worden bemest.'


Eenvoudig systeem

Schouten vindt het vooral belangrijk dat het systeem voor de grondgebondenheid eenvoudig, stabiel en eenduidig zal zijn. Het behoud van beweiding en grasland vindt ze belangrijk voor de water- en bodemkwaliteit, het verminderen van broeikasgassen en het terugdringen van ammoniakemissies.

Er wordt nadrukkelijk gekeken naar een Afrekenbare Stoffenbalans. De verantwoording voor de ondernemer is hier een belangrijk aandachtspunt, stelt de landbouwminister. 'Voor een vorm van bedrijfsspecifieke verantwoording voor bedrijven die niet direct door eigen grond voldoende mestplaatsingsruimte hebben, is het belangrijk dat de agrarisch ondernemer inzicht kan geven in de aanvoer, productie, toepassing en afvoer van meststoffen. Voor de meeste grondgebonden (extensieve) bedrijven is het milieurisico kleiner en wordt gekeken naar een eenvoudig verantwoordingsmechanisme. Voor grondgebonden bedrijven met een iets intensievere bedrijfsvoering wordt een fijnmaziger maar controleerbaar systeem verkend.'

Het voordeel van een Afrekenbare Stoffenbalans is volgens de minister dat een ondernemer zelf de afweging kan maken welke maatregelen hij neemt om een bepaald doel te bereiken. 'Ik zie hierin de mogelijkheid om ondernemers meer aan te spreken op hun vakkundigheid en ondernemerschap en om daarmee weg te komen van veel gedetailleerde middelvoorschriften.'


Kringloopwijzer

Voor die laatste groep zou een systeem als de Kringloopwijzer in de toekomst mogelijk geschikt zijn, denkt Schouten. Maar op dit moment is het nog niet passend. In de komende periode wordt onderzocht of en hoe kan worden voortgebouwd op bestaande systemen als Kringloopwijzer.

Ongeveer de helft van de melkveehouderijs is, zonder rekening te houden met samenwerkingsovereenkomsten, op basis van de huidige mestwetgeving al grondgebonden. Een deel is dit al bijna. Voor een ander deel zal de omslag naar grondgebonden melkveehouderij echter een flinke opgave zijn, stelt de minister.



Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    18° / 15°
    70 %
  • Dinsdag
    17° / 8°
    60 %
  • Woensdag
    16° / 7°
    50 %
Meer weer