Meulenbroeks%3A+%27Kalverimport+verbieden%3F+Zo+simpel+zit+de+wereld+niet+in+elkaar%27
Achtergrond
© Henk Riswick

Meulenbroeks: 'Kalverimport verbieden? Zo simpel zit de wereld niet in elkaar'

De kalverhouderij in Nederland heeft het zwaar. De coronacrisis raakt de sector hard. De import van kalveren staat ter discussie en minister Carola Schouten van LNV wil een ander verduurzamingsplan. Ze ontwikkelt nu zelf toekomstscenario's. Maar wat vindt de sector nodig voor een toekomstbestendige kalverhouderij?

Voorzitter Wim Thus van de LTO-vakgroep Kalverhouderij omschrijft het als een worsteling. De Nederlandse kalversector heeft in zijn ogen dringend behoefte aan standvastig beleid. 'Dat de markt beweeglijk is, kennen we. Maar dat de regelgeving diffuus is, maakt het heel lastig. Hoe ziet de toekomst eruit?'

Illustratief is misschien wel de Gelderse opkoopregeling kalverhouderij. Daarvoor meldden zich veel gegadigden, wat velen niet hadden verwacht. 114 kalverhouders, vooral rond de Veluwe, willen stoppen met hun bedrijf. De sector houdt zelf al rekening met een krimp van de sector in de komende tien jaar met 100.000 dieren.

'Dat komt deels door de autonome ontwikkeling van verouderde bedrijven met eigenaren zonder opvolging', stelt Thus. 'Maar het laat ook zien dat er onzekerheid is over de toekomst van de sector.'

Wat als andere landen de grenzen sluiten voor onze zuivel?

Wil Meulenbroeks, voorzitter LTO Melkveehouderij

Imago in buitenland

De binnenlandse discussie staat volgens de LTO-vakgroepvoorzitter in schril contrast met het imago dat de Nederlandse kalverhouderij buiten de landsgrenzen heeft. 'Onze sector staat in het buitenland heel hoog aangeschreven, juist op het gebied van diergezondheid en dierenwelzijn. Tijdens handelsmissies wordt dat met trots uitgedragen, tot de koning aan toe. Maar kom je terug in Nederland, dan is er een en al kritiek. Dat raakt kalverhouders. Dat maakt ze onzeker.'

De worsteling waar Thus het over heeft wil niet zeggen dat de sector zelf niet weet waar hij naartoe wil. In 2019 werd op verzoek van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) het verduurzamingsplan kalverhouderij ingediend. De sector wil innoveren en verbeteren op het gebied van transport, emissies, diergezondheid en dierenwelzijn.

Het eigen plan is in de ogen van minister Schouten niet de juiste denkrichting. Het ministerie van LNV ontwikkelt nu zelf toekomstscenario's voor de kalverhouderij.



'De relatie met de minister en het ministerie van LNV is niet al te best', vertelt Thus. 'De minister gaat niet akkoord met een aantal randvoorwaarden in het verduurzamingsplan. Maar wat er precies anders moet, is ons niet duidelijk. Wij hebben het idee dat de minister niet het achterste van haar tong laat zien, dat er meer speelt. Het is bijzonder dat er over de toekomscenario's geen overleg is met de sector, dat er niet om input wordt gevraagd.'

De sector stelt als randvoorwaarde voor de verduurzamingsplannen onder meer dat er financiering komt voor demostallen en dat er snel metingen komen, zodat stallen kunnen worden gecertificeerd. De toelating van nieuwe technieken om emissies te reduceren moet daardoor makkelijker worden. Op dit moment staat er alleen maar een luchtwasser op de RAV-lijst voor de kalverhouderij. De sector streeft naar een integrale, brongerichte aanpak.

De discussie over kalverimport wordt regelmatig opgerakeld. Schouten liet eerder in antwoord op het verzoek van de kalverhouderij voor coronasteun weten dat ze vindt dat de sector zelf wat kan doen aan de slechte marktsituatie. Door bijvoorbeeld zelf de import van kalveren te beperken.



Daarnaast pleit de landbouwminister voor een maximale transportduur in Europa van acht uur voor ongespeende kalveren. Ze vindt dat lang transport het welzijn van nuchtere kalveren te veel aantast en daarom moet stoppen.

Netwerk Grondig startte eind vorig jaar een eigen discussie over de kalverimport. De organisatie heeft 2021 uitgeroepen tot jaar van het importkalf en heeft daarvoor zelfs een website in het leven geroepen. Jaarlijks worden ongeveer 750.000 kalveren geïmporteerd. Volgens het netwerk stuit het een groeiend aantal melkveehouders tegen de borst dat importkalveren de markt verstoren. Bovendien is het risico van ziekte-insleep voor de Nederlandse veehouderij hierdoor groter, meent het netwerk.


Voorzitter Wil Meulenbroeks van LTO Melkveehouderij staat heel anders in de discussie. 'Is het nodig om zoveel kalveren te importeren? Nee, dat is in onze ogen niet noodzakelijk. Maar als je minder kalveren wilt importeren, moet dat stapsgewijs. Het risico bestaat anders dat onze ketenstructuur instort.'

De melkvee- en kalverhouderij hebben volgens Meulenbroeks verschillende en soms tegenovergestelde belangen. 'Maar we hebben vooral veel gezamenlijke belangen. De sectoren zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Denk aan de aanpak van dierziekten als BVD en IBR', noemt hij als voorbeeld. 'We zijn wel kritisch op de import van kalveren als het gaat om insleep van ziekten. Maar daar zit ook een gezamenlijk belang, daar trekken we als keten samen in op.'



Melkveehouders zijn vooral kritisch op de import vanwege de prijs die zijzelf krijgen voor de kalveren. 'Op dit moment ontvangt een melkveehouder tussen de 50 en 150 euro per kalf. Dat is echt veel te weinig', zegt de LTO-vakgroepvoorzitter. 'Het sentiment daarover onder melkveehouders is te begrijpen. Maar kalverimport verbieden? Zo simpel zit de wereld niet in elkaar. Wat zouden we ervan vinden als andere landen de grenzen sluiten voor onze zuivel?'


Oplossing in vermarkting

De oplossing zit volgens Meulenbroeks voor een belangrijk deel in de vermarkting van kalfsvlees. 'In Nederland is het historisch zo gegroeid dat kalfsvlees als luxeproduct wordt gezien. Er wordt hier dan ook weinig kalfsvlees gegeten. Het zou pas echt winst zijn als daar wat in verandert. Maar dat is een weg van lange adem.'

Thus verwacht dat het verkorten van de reistijd voor nuchtere kalveren tot acht uur met name voor Ierland een probleem zal zijn. 'De melkveehouderij is daar seizoensgebonden. Er is geen kalverhouderijsector ontwikkeld zoals hier. In het voorjaar komen er veel kalveren uit Ierland naar Nederland. Dat past goed, omdat er dan juist minder Nederlandse kalveren zijn.'

Volgens de LTO-vakgroepvoorzitter is het belangrijk om niet alleen naar de reistijd te kijken, maar vooral naar de kwaliteit van het transport. 'Daar zitten grote verschillen in tussen West- en Oost-Europa. En er is dus ook winst te boeken. Afstand is relatief. Een reis van Noord- naar Zuid-Duitsland duurt bijvoorbeeld langer dan een reis van Oost-Duitsland naar Nederland.'


Helft van hier geslachte kalveren komt uit buitenland

Ongeveer de helft van de kalveren die in Nederland worden geslacht komt uit het buitenland. Van de geïmporteerde kalveren die op Nederlandse kalverhouderijbedrijven terechtkomen, komt meer dan 75 procent uit Duitsland. De import vanuit de Baltische staten is de afgelopen jaren afgenomen. In 2020 stonden Ierland en Denemarken op plek 2 en 3 als belangrijkste importlanden van kalveren. Vanwege de seizoensgebonden melkveehouderij komen veel Ierse kalveren vooral in het voorjaar naar Nederland. In 2020 werden ruim 100.000 kalveren minder geïmporteerd door de coronacrisis.


Bekijk meer over:

Weer

  • Dinsdag
    23° / 16°
    65 %
  • Woensdag
    21° / 15°
    75 %
  • Donderdag
    21° / 15°
    65 %
Meer weer