Directeur+BO+Akkerbouw+dringt+aan+op+samenwerking+in+sector
Interview
© VidiPhoto

Directeur BO Akkerbouw dringt aan op samenwerking in sector

Samen werken aan een betere akkerbouwketen in Nederland, is de kern van hoe Brancheorganisatie (BO) Akkerbouw wil functioneren. Directeur André Hoogendijk: 'Als centraal platform en kenniscentrum met een sterk onderzoeksprogramma werken we mee aan het oplossen van collectieve vraagstukken.'

Alternatieven voor Chloor IPC en Reglone, problemen oplossen voor afvoer van tarragrond vanwege strenge PFAS-normen en ondertussen een onderzoeksprogramma met een jaarbudget van 5 miljoen euro samenstellen voor de akkerbouwsector. André Hoogendijk zal als nieuwe directeur van BO Akkerbouw af en toe het gevoel hebben dat hij op een rijdende trein is gesprongen.

‘We zijn optimistisch over verlenging van de verbindendverklaring’

Naast een landbouwkundige opleiding is Hoogendijk ook afgestudeerd als historicus. Na zijn studie was hij vijf jaar werkzaam bij een adviesbureau in de publieke sector en daarna vijf jaar adjunct-directeur bij de KAVB (Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur). Bij de belangenorganisatie hield hij zich vooral bezig met het duurzaamheidsprogramma voor bollentelers. Sinds 1 september is Hoogendijk in dienst bij BO Akkerbouw.

Hoe komt een historicus in de landbouw terecht?

'Ja, ik moet toegeven dat de combinatie opvallend is. Vanuit mijn interesses heb ik echter beide studierichtingen gevolgd. Overigens merk ik dat mijn achtergrond als historicus mij ook in de landbouw een stuk op weg helpt. Ik wil altijd graag begrijpen hoe bepaalde situaties zijn ontstaan. Van daaruit kun je vaak met meer structuur aan oplossingen werken.'

Wat is uw indruk van de akkerbouwsector?

'Het beeld dat ik van de sector had vanuit mijn functie bij de KAVB komt aardig uit. Vergeleken met andere sectoren is de akkerbouw zeer coöperatief ingesteld en gericht op samenwerken. Dat geeft BO Akkerbouw volop ruimte om initiatieven te nemen voor het oplossen van collectieve vraagstukken.'

Hoe staat BO Akkerbouw ervoor?

'De basis is prima met een goede organisatie en een betrokken bestuur met vertegenwoordigers uit de hele keten. Er is animo om samen uitdagingen aan te gaan. Mijn taak is vooral om dit verder uit te bouwen en vaker naar buiten te treden als daar aanleiding voor is.'

Wanneer treedt de BO naar buiten en met welk doel is dat?

'Als sprake is van een gezamenlijk ketenbelang, dan kunnen wij heel goed aanspreekpunt zijn. Een voorbeeld daarvan was recent de ophoping van tarragrond vanwege PFAS. Verder zit onze voorzitter Dirk de Lugt als vertegenwoordiger voor de akkerbouw aan tafel bij overleggen over het Klimaatakkoord. In Den Haag zien het ministerie van LNV en de politiek BO Akkerbouw als autoriteit en dat zorgt dat we gehoord worden.'

Met welke collectieve vraagstukken houdt de BO zich bezig en hoe gebeurt dat?

'Het krimpend middelenpakket is een grote uitdaging en treft vaak de hele keten. Zo zijn we gestart met een werkgroep om de sector voor te bereiden op een nieuwe werkelijkheid nu Chloor IPC als kiemremmer in aardappelen gaat wegvallen. In deze werkgroep zitten vertegenwoordigers van telers, handelaren en de fritesindustrie. Een ander knelpunt is de loofdoding zonder Reglone vanaf volgend jaar. Om telers handvatten te geven, is afgelopen najaar op ons initiatief een groot demoproject uitgevoerd.'

Jullie versturen deze maand facturen voor bijdrage aan het programma Onderzoek en Innovatie. Wat kunnen akkerbouwers hiervoor verwachten?

'Het onderzoeksprogramma is een belangrijke pijler onder BO Akkerbouw. Op basis van 2,5 miljoen euro aan individuele bijdragen van akkerbouwers lukt het ons dit jaar door samenwerking met andere partijen en gebruik te maken van subsidieregelingen een onderzoeksbudget van 10 miljoen euro beschikbaar te krijgen.

'Komend jaar starten we met dertig projecten met als hoofdthema's: bodem, gewasbescherming, rendement en techniek. Bijna de helft van deze projecten worden uitgevoerd met een bijdrage van de overheid via het topsectorenbeleid. Akkerbouwers hebben zelf de ideeën voor het onderzoek kunnen aandragen.'

Hoe verloopt de inning van de verplichte bijdragen aan het onderzoeksprogramma?

'Dat loopt goed. Voor 2018 hebben we vrijwel alle gelden inmiddels ontvangen. Meer dan 10.000 akkerbouwers hebben ons gemachtigd om hun areaalgegevens op te vragen bij RVO. We doen nogmaals een oproep aan de resterende groep ons ook te machtigen. Daarvoor krijgen akkerbouwers een maximale korting van 50 euro op de onderzoeksbijdrage. Het geld dat we besparen door efficiënter innen, gaat naar het onderzoeksbudget.'

De verbindendverklaring voor collectief onderzoek in de akkerbouw eindigt na 2020. Hoe groot is de kans dat dit een vervolg krijgt?

'Wij zijn optimistisch. Ons programma is waardevol voor akkerbouwers, maar ook voor de overheid. Als BO leveren we kennis en een financiële bijdrage vanuit de sector. Het landbouwministerie kan daar gemakkelijk op aansluiten om ambities ten aanzien van het Klimaatakkoord, het Nationaal Programma Landbouwbodems en het Uitvoeringsprogramma Gewasbescherming te realiseren. Komend jaar zetten we in op verlenging voor de periode van 2021 tot en met 2025.'

Waarom is collectief onderzoek zo belangrijk voor de individuele akkerbouwer?

'Een moderne akkerbouwer is te vergelijken met een tienkamper. Hij moet van alle markten thuis zijn. Maar iedereen heeft sterke en minder sterke kanten. Daarom is het essentieel dat akkerbouwers gebruikmaken van elkaars kennis. Dat kan via ons kennisplatform met als basis het collectieve onderzoek.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    16° / 9°
    70 %
  • Vrijdag
    15° / 9°
    50 %
  • Zaterdag
    14° / 9°
    70 %
Meer weer