Aandeel+%27brijvoervarkens%27+zal+toenemen
Achtergrond
© De Snuitgeverij

Aandeel 'brijvoervarkens' zal toenemen

Varkenshouders die hun dieren brijvoer voeren, spelen het beste in op de toekomst en circulariteit. Zeker als ze flexibel zijn in het verwerken van vochtrijke én droge grondstofstromen. Dat biedt hun de meeste mogelijkheden om te gaan voor de laagste voerkosten per kilo groei. Ook op milieuvriendelijkheid heeft brijvoedering een streepje voor.

Het zijn vooral de grote bedrijven met zeugen en/of vleesvarkens die brijvoedering toepassen. Door hun schaalgrootte kunnen die optimaal profiteren van het voerkostenvoordeel van werken met losse grondstoffen. 'En het zijn ook juist die grote bedrijven die nu doorstomen', zegt Peter van Mierlo van stalinrichter Big Dutchman.

'In enkele gevallen zijn deze bedrijven nog aan het opschalen. Omdat het om aanzienlijke aantallen varkens gaat, is investeren in een brijvoerinstallatie aantrekkelijk. Natuurlijk zijn er ook ondernemers die voor flinke dieraantallen bijbouwen, maar toch gaan voor het gemak van droogvoedering.'

Ook worden er volgens Van Mierlo meer silo's geplaatst bij brijvoerbedrijven. 'Ondernemers willen meer flexibiliteit. Door natte en droge grondstoffen in het rantsoen te verwerken, kunnen ze optimaal inspelen op de prijs, kwaliteit en beschikbaarheid van grondstoffen.'

Het zijn juist de grote bedrijven die nu doorstomen

Peter van Mierlo, Big Dutchman

Afnemend aantal

In Nederland zal relatief het aantal bedrijven met een brijvoerinstallatie eerder toe- dan afnemen door krimp van de varkensstapel en het aantal bedrijven. Onafhankelijk specialist brijvoertechniek Joost Leijten schat dat er zo'n vierhonderd varkensbedrijven met zo'n installatie hun dieren voeren.

'Ik merk wel dat zeugenhouders hun brijvoerinstallatie veel meer benutten voor het vloeibaar verstrekken van droge grondstoffen en aanvullende voeders. Bij zeugen en biggen komt het allemaal wat nauwgezetter. Vochtrijke voedermiddelen worden hoofdzakelijk verwerkt in rantsoenen voor vleesvarkens.'

De verwachting is dat het aantal brijvoerbedrijven afneemt.
De verwachting is dat het aantal brijvoerbedrijven afneemt. © De Snuitgeverij

Zelfmengers

Volgens Karel van der Velden, business development manager bij voerproducent Nijsen/Granico, ligt het aantal zelfmengers in Nederland rond de 750 bedrijven. 'Deze varkensbedrijven zijn in staat zelf natte en/of droge reststromen te mengen, maar hebben niet allemaal een brijvoerinstallatie.'

De hoeveelheid vochtrijke voedermiddelen die door de varkenshouderij wordt omgezet tot vlees, is de afgelopen jaren amper veranderd. Volgens cijfers van de Overleggroep Producenten Natte Veevoeders (OPNV) wordt jaarlijks rond de 2,9 tot 3,0 miljoen ton aan natte veevoergrondstoffen opgenomen door de varkenssector.

Natte bijproducten

Van Mierlo verwacht niet dat het volume natte bijproducten substantieel toeneemt. Hij schetst dat in België een fritesfabriek wordt gebouwd en ook in Duitsland komen er meer tarwezetmeelstromen beschikbaar. Ook het meer bijmengen van bio-ethanol in brandstoffen kan het aanbod aan gistconcentraten van granen verhogen.

Van Mierlo: 'En als levensmiddelenproducenten hun reststromen niet meer indampen vanwege klimaatmaatregelen op hun bedrijf, dan kan dat ook meer vochtrijke veevoergrondstoffen opleveren.'

Frites tellen niet mee bij het bepalen van de carbon footprint.
Frites tellen niet mee bij het bepalen van de carbon footprint. © De Snuitgeverij

CO2-voetafdruk

Met vochtrijke en met droge reststromen levert de varkenssector volgens diervoederproducentenvereniging Nevedi een belangrijke bijdrage aan de reductie van broeikasgassen. De CO2-voetafdruk van Nederlands varkensvlees is met vijf CO2-equivalenten per kilo laag. Het is veel lager dan het gemiddelde van twaalf CO2-equivalenten per kilo waarmee Europees wordt gerekend.

'Het is complexe materie omdat reststromen die rechtstreeks uit de humane levensmiddelenindustrie komen, niet worden meegeteld bij het bepalen van de carbon footprint van veevoergrondstoffen. Voor Nederland is dat gunstig, schetst Van der Velden.

Bio-ethanol

Veel van die droge en natte veevoedergrondstofstromen met een CO2-waarde van nul vinden namelijk hun weg naar de varkenshouderij. Maar komen vochtrijke grondstoffen vrij na bijvoorbeeld de productie van bio-ethanol, dan worden die weer wel meegeteld.

Van der Velden: 'Daardoor kunnen varkenshouders die drie tot vier vochtrijke grondstoffen in de rantsoenen verwerken, zo'n 25 procent CO2-equivalenten per kilo varkensvlees besparen ten opzichte van bedrijven met mengvoeders.'

Voetafdruk min 60 procent

Bij varkenshouders die alleen droge grondstoffen gebruiken die zijn samengesteld op basis van coproducten en voormalige levensmiddelen, zoals Nijsen/Granico dat doet, kan de CO2-voetafdruk tot wel 60 procent kleiner worden.

Het klimaatvoordeel van brijvoedering noemt Leijten ondoorzichtig. Hij rekent niet gedetailleerd aan CO2, maar hij zorgt wel met zijn brijvoerchecks van installaties voor een betere efficiëntie. 'Ongecontroleerde vergisting zet de kwaliteit en voederwaarde van het rantsoen onder druk en zorgt voor extra CO2-vervluchtiging.'

Norm

Installaties die goed zijn ingesteld, kunnen onder de 100.000 kolonievormende eenheden per gram (kve/gr) op eindvoerbasis uitkomen, schetst Leijten. 'Daarom pleit ik voor een norm van minder dan 100.000 kve/gr gisten in plaats van de gehanteerde GMP-norm die tien keer zo hoog is.'

Zetmeel optimaal door het varken laten benutten, draagt volgens Leijten ook bij aan een lagere CO2-footprint van varkensvlees. 'Net als het gecontroleerd fermenteren van glucose om melkzuur te produceren voor gezondere varkensdarmen en een efficiëntere voervertering.'

Vooral grote bedrijven passen brijvoedering toe.
Vooral grote bedrijven passen brijvoedering toe. © De Snuitgeverij

Structuurontwikkeling zorgt voor andere verhoudingen
De ontwikkelingen in de varkenshouderij gaan ervoor zorgen dat de verhouding tussen droog- en brijvoedering zal veranderen. De deelnemers aan de stoppersregeling die hun varkensproductie voor 2020 beëindigen, betreffen vooral de kleinere bedrijven. Die zijn meestal uitgerust met technieken om droogvoer te verstrekken. De Subsidieregeling sanering varkenshouderijen zal dat effect versterken. Aan die saneringsronde zullen waarschijnlijk in verhouding ook meer droogvoerbedrijven deelnemen. Wat de voorgenomen vrijwillige bedrijfsbeëindiging in het kader van de stikstofproblematiek op gaat leveren, is nog niet in te schatten. Varkenshouderijen met brijvoerinstallaties kunnen net zo goed als droogvoerbedrijven dicht bij een Natura 2000-gebied zitten. Strengere regelgeving en beperking van het toekomstperspectief kunnen grotere bedrijven doen besluiten te stoppen.

Bekijk meer over:

Weer

  • Zondag
    20° / 17°
    60 %
  • Maandag
    18° / 14°
    50 %
  • Dinsdag
    19° / 10°
    20 %
Meer weer