Nederlander+ziet+koe+graag+in+veenweidelandschap
Nieuws
© Ida Hylkema

Nederlander ziet koe graag in veenweidelandschap

Driekwart van de Nederlanders vindt het belangrijk dat de veenweidegebieden worden behouden. Die mensen vinden dat het cultuurhistorisch landschap met koeien in de wei bij Nederland hoort, dat het belangrijk is voor boeren en om te recreëren.

Het alternatief – moerassig landschap – vindt de gemiddelde Nederland niet aantrekkelijk. Dat blijkt uit representatief onderzoek in opdracht van LTO Nederland naar het draagvlak voor veenweidegebieden onder 1.024 Nederlanders, uitgevoerd door onderzoeksbureau Direct Research.


Door bodemdaling, klimaatopgaven en verstedelijking staat het Nederlandse veenweidelandschap onder druk. Direct Research heeft onderzocht wat de Nederlandse burger van het veenweidelandschap vindt, welke oplossingsrichtingen men ziet en hoe de verantwoordelijkheden van bijvoorbeeld de overheid, natuurorganisaties en boeren worden gezien.

Grote steun

Driekwart (73 procent) van de Nederlanders vindt het behoud van het Nederlandse veenweidelandschap zoals het nu is (heel) belangrijk. Bijvoorbeeld omdat het bij Nederland hoort (52 procent), omdat het belangrijk is voor boeren 44 procent), omdat Nederlanders het alternatief niet aantrekkelijk vinden (28 procent) en omdat men de landschappen belangrijk vindt voor toerisme en recreatie (25 procent). Slechts 5 procent vindt het behoud (zeer) onbelangrijk.

Uit het onderzoek blijkt verder dat slechts vier op de tien Nederlanders bekend is met de veenweideproblematiek. Na het lezen van een situatieschets vindt ruim acht van de tien de kwestie dringend. Tegelijkertijd is de Nederlandse burger bezorgd om te snel te handelen. Dat zou drastische en onomkeerbare gevolgen voor het Nederlandse landschap kunnen hebben. 80 procent pleit er daarom voor om eerst grondig onderzoek te doen, terwijl slechts 11 procent voor actie op korte termijn is.

Koeien in de wei

De Nederlandse bevolking hecht veel waarde aan de rol van de boer in het veenweidegebied. Twee derde vindt dat koeien in de wei bij het veenweidelandschap horen. Boeren moeten dan ook de ruimte krijgen om hun bedrijf te runnen (66 procent eens, 8 procent oneens), zonder dat ze worden verplicht om naar (natte) plantenteelt om te schakelen (64 procent).

Nederlanders vinden het bovendien belangrijk dat de boer in het veenweidegebied wordt gehoord. 78 procent geeft aan dat de huidige gebruikers over de toekomst moeten kunnen meebeslissen, eenzelfde percentage geeft aan dat boeren volledig gecompenseerd moeten worden bij eventuele veranderingen.

De rekening van de benodigde investeringen moet volgens de respondenten niet op de bewoners of boeren worden afgeschoven. Men ziet hier vooral een rol voor de overheid (rijk, waterschappen, provincies en gemeenten) en natuurorganisaties.

Lokale aanpak

LTO pleit namens de veenweideboeren voor een gebiedsgerichte aanpak, waarbij de bewoners en gebruikers van het gebied zelf oplossingen en maatregelen kunnen aandragen. Hiermee wordt het draagvlak vergroot en is er oog voor de grote verschillen tussen de veenweidegebieden.

In het najaar van 2019 worden daarom door LTO Noord drie werkbijeenkomsten georganiseerd in de belangrijkste veenweidegebieden in Nederland. LTO gaat hierin samen met de publieke en private partijen op zoek naar de beste aanpak per gebied.

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    24° / 14°
    50 %
  • Vrijdag
    24° / 15°
    20 %
  • Zaterdag
    24° / 16°
    60 %
Meer weer