ZLTO+wil+perspectief+voor+Brabantse+glastuinbouw
Achtergrond
© Nieuwe Oogst

ZLTO wil perspectief voor Brabantse glastuinbouw

Het Brabantse provinciale beleid en de uitwerking daarvan door de gemeenten bieden nauwelijks ruimte voor ontwikkeling van de glastuinbouw, stellen ZLTO en Glastuinbouw Nederland. De organisaties willen een 'fundamentele bezinning' op dat beleid, zodat er perspectief ontstaat voor de tuinbouwbedrijven.

In deze maanden zijn er bijeenkomsten waar ZLTO en Glastuinbouw Nederland het Brabantse beleid bespreken met leden. Wendy Klijn is daarbij betrokken. Voor beide organisaties houdt ze zich onder andere bezig met ruimtelijke ordening. De Brabantse tuinbouw is volgens haar heel divers, zowel qua teelttypes als qua kasomvang.

Het areaal glas groeide de afgelopen jaren in Noord-Brabant, vooral door de groei in Nieuw Prinsenland, een van de vestigingsgebieden voor glastuinbouw.

Uitdagingen

De tuinbouw staat voor grote uitdagingen, zoals gezonde gewassen, goed werkgeverschap, fossielvrij telen en efficiënt watergebruik. Het zijn uitdagingen die voortkomen uit maatschappelijke trends, zoals klimaatverandering, circulaire economie en duurzaamheid enerzijds en anderzijds de veranderende consumentenbehoefte en de daaraan gekoppelde eisen van de retail.

In Noord-Brabant is fossielvrije teelt moeilijker dan elders

Klijn schetst een aantal ontwikkelingen. Eén ontwikkeling is de groei van consumptie van plantaardig voedsel. Dat heeft consequenties voor het landschap. Steeds meer plantaardige producten zullen niet meer in de grond worden geteeld.

Teelttechnieken

Tegelijk vragen afnemers steeds vaker schonere, traceerbare en gezondere producten die jaarrond leverbaar zijn met een constante kwaliteit. De behoefte aan teelttechnieken die dit mogelijk maken, groeit sterk.

Een andere ontwikkeling is gelijktijdige groei van lowtech en hightech. Aan de ene kant betekent dit extensivering, beleving en consumentgerichte productie, aan andere kant grootschalige, zeer efficiënte hightechtuinbouw met kassen en teeltondersteunende voorzieningen (TOV's) zoals containervelden en stellingen.

Met teeltondersteunende voorzieningen is een glastuinder minder klimaatafhankelijk.
Met teeltondersteunende voorzieningen is een glastuinder minder klimaatafhankelijk. © Peter van Houweling

Waterkwaliteit

Een belangrijke trend is om de teelt minder afhankelijk te maken van het klimaat. Dat kan met TOV's, containervelden of kassen. Dit sluit aan bij de behoefte aan nieuwe teeltsystemen die benoemd zijn in de Brabantse omgevingsvisie. Teelten uit de grond bieden ook kansen voor verbetering van de waterkwaliteit. Bovendien is daar veel minder water voor nodig.

Daarnaast heeft de glastuinbouw de ambitie om in 2040 fossielvrij te telen, staat in de visie van Glastuinbouw Nederland. Die organisatie ondersteunt glastuinders bij de omschakeling.

Initiatieven

In enkele gebieden lopen al initiatieven, zoals in Steenbergen en Asten-Someren. Er zijn ook kennissessies om ondernemers met solitaire bedrijven of met bedrijven in kleine clusters te informeren over energiebesparing en alternatieven voor fossiele brandstoffen.

Voor een fossielvrije tuinbouw is medewerking nodig van overheden, zoals voor netwerken voor warmte en/of CO2, voor het realiseren van geothermiebronnen en bij het herstructureren van kasgebieden.

In Noord-Brabant is het realiseren daarvan nog moeilijker dan elders, omdat er relatief veel kleine clusters en solitaire locaties zijn. Maar als overheden meewerken, kunnen tuinbouwbedrijven een grote bijdrage leveren aan de energiedoelen van de overheden.

CO2-voorziening

Een groot aandachtspunt hierbij is de CO2-voorziening. Veel glastuinders gebruiken hiervoor een warmtekrachtkoppeling (WKK). Glastuinbouw Nederland denkt aan alternatieven zoals het omzetten van rookgassen uit de industrie of afvalverwerking.

Tuinbouwbedrijven in clusters kunnen samenwerken bij de grote investeringen die de overgang naar gasloos vergen. Solitaire bedrijven kunnen dat niet. Voor zulke bedrijven met een grote warmtebehoefte is de uitdaging om zich te verdiepen in andere technieken.

Weinig mogelijkheden

Met het huidige beleid zijn er in de vestigingsgebieden nog weinig mogelijkheden voor ontwikkeling. Alle percelen in Nieuw Prinsenland zijn verkocht of potentiële kopers hebben er een optie op. 'Deurne' zit op slot vanwege het Programma Aanpak Stikstof (PAS). De provincie kan 'Deurne' als prioritair aanmelden. Dan kan de ontwikkeling doorgaan.

De organisaties kijken hoe in bestaande vestigingsgebieden kan worden gezorgd dat ze voldoende perspectief hebben. Opties zijn herstructurering of ruimte geven aan een nieuw gebied, waar warmtelevering mogelijk is.

Doorgroeigebieden

Ook doorgroeigebieden bieden nu nauwelijks mogelijkheden. Die zijn bijna in geen enkele gemeente van de grond gekomen. De maximale omvang is daar meestal slechts 3 hectare glas. Hierdoor zijn veel bedrijven in de knel gekomen. Er is behoefte aan ruimere mogelijkheden op de eigen locatie of elders.

De provincie kent in de groenblauwe mantel een maximum van 3 hectare voor TOV's. In het gemengd agrarisch gebied geldt geen maximumomvang voor TOV's. Dit moet zo blijven, vinden ZLTO en Glastuinbouw Nederland.

Flexibiliteit

Diverse ondernemers hebben behoefte aan TOV's op afstand van het bouwblok. In de toekomst zullen meer grondteelten ook op TOV's of onder glas worden geteeld. Er is flexibiliteit in beleid nodig om dat mogelijk te maken.

Veel ondernemers lopen aan tegen de grenzen voor de oppervlakte glas of TOV's, blijkt uit de gesprekken die ZLTO en Glastuinbouw Nederland nu voeren. Bovendien ergeren ondernemers zich aan de verschillen tussen gemeenten. Vaak zien ze de logica daar niet van in.

Knelpunten

De organisaties brengen nu verder in beeld wat de knelpunten zijn en welk overheidsbeleid nodig is om de Brabantse bedrijven perspectief te bieden.

Nieuw provinciaal beleid nodig
ZLTO en Glastuinbouw Nederland stellen Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant voor om nieuw beleid te maken voor de glastuinbouw en tuinbouw met teeltondersteunende voorzieningen (TOV's). Veel bedrijven lopen nu tegen knelpunten aan. Noord-Brabant kent vestigingsgebieden, doorgroeigebieden en solitaire glastuinbouwlocaties. Zo zijn er vestigingsgebieden in de gemeenten Steenbergen, Drimmelen, Heusden, Asten en Someren. Daar mogen bedrijven in veel gevallen groter zijn dan in andere gebieden. De meeste bedrijven liggen in doorgroeigebieden of het zijn solitaire bedrijven. Solitaire bedrijven met een bestemming glastuinbouw mogen groeien tot 3 hectare. Bedrijven met TOV's mogen in gemengd agrarisch gebied groeien tot 5.000 vierkante meter. In een aantal gemeenten mogen ze groter zijn. In de doorgroeigebieden mogen bedrijven verder groeien dan 3 hectare, als de gemeente ermee instemt. Maar vaak lukt dat niet.

Bekijk meer over: