Broers zetten punt achter bollenteelt: 'Er is steeds meer weerstand'

Bart en Rudolf Arentsen zijn gestopt met de teelt van lelies en gladiolen. De broers willen het rustiger aan doen, hebben geen opvolging en de teeltrisico’s nemen toe. Ook de groeiende weerstand vanuit de maatschappij tegen de bollenteelt is een belangrijk argument voor dit besluit.

Broers+zetten+punt+achter+bollenteelt%3A+%27Er+is+steeds+meer+weerstand%27
© Job Hiddink

‘We lopen door de nattigheid bijna een maand achter, maar kijk eens hoe mooi de grond nu valt’, zei Rudolf Arentsen maandag 13 mei bij het zaaien van het eerste perceel eerstejaars plantuien in het Gelderse Lintelo. ‘Ons doel is altijd om de eerstejaars plantuien voor 1 mei in de grond te hebben. Dat is dit jaar dus bij lange na niet gelukt. Gelukkig is de eerste 10,5 hectare nu bijna gezaaid.’

Hij heeft samen met zijn broer Bart een bedrijf in Aalten. Naast 50 hectare eerstejaars plantuien telen de gebroeders als hoofdgewas ook 30 hectare koolzaad voor zaaizaadvermeerdering. Voor de vruchtwisseling verbouwt Arentsen ook wat mais en aardappelen omdat het bedrijf meedraait in ruilgronden van aardappeltelers en veehouders.


Rudolf Arentsen zaaide op maandag 13 mei het eerste perceel eerstejaars plantuien in het Gelderse Lintelo.
Rudolf Arentsen zaaide op maandag 13 mei het eerste perceel eerstejaars plantuien in het Gelderse Lintelo. © Job Hiddink

De ondernemers hebben een tijdje terug een ingrijpend besluit genomen. Na veertig jaar komt er een einde aan de bollenteelt op het bedrijf, nadat de vader van Bart en Rudolf Arentsen er begin jaren ’80 mee begon om het bedrijf beter te laten renderen en rustigere tijden op te vullen.

Ik snap best dat mensen er moeite mee hebben als er lelies naast hun huis worden verbouwd

Bart Arentsen, voormalig bollenteler in Aalten

Rudolf Arentsen: ‘Pa deed eerst alleen agrarisch loonwerk voor boeren. Maar als begin oktober de mais was geoogst, hield hij tijd over en daarom begon hij met de teelt van gladiolen. Later kwamen Bart en ik in het bedrijf en hebben we een tijdje wat tulpen, narcissen en krokussen geteeld. Uiteindelijk zijn we in de gladiolen- en lelieteelt blijven hangen.’

Speciaal voor deze gewassen bouwde het familiebedrijf een schuur voor het sorteren en spoelen van de bollen. Vanwege de specialisatie in de bollenteelt stootte Arentsen in 2010 de loonwerktak af. De machines en een deel van het personeel vertrok naar een loonwerker in de buurt.

In 2014 brandde de bollenschuur af en stapten de ondernemers over op contractteelt. Na de oogst werden de bollen gewassen en gingen ze meteen de deur uit. Een ander bedrijf zorgde voor de sortering. Voor de afgebrande schuur kwam een bewaring voor de eerstejaars plantuien in de plaats, een teelt die in die periode werd opgestart door de gebroeders Arentsen.


De schuur vooraan op het erf bij Arentsen in het Gelderse Aalten.
De schuur vooraan op het erf bij Arentsen in het Gelderse Aalten. © Job Hiddink

Vanaf dit jaar planten de Achterhoekse ondernemers geen gladiolen en lelies meer. Dit besluit namen ze na een optelsom van allerlei redenen. ‘We hebben allebei kinderen, maar geen van hen wil het bedrijf overnemen’, zegt Rudolf Arentsen. ‘Daarnaast kwam er een mooie kans voorbij om de bollenschuur te verhuren aan een bedrijf dat is gespecialiseerd in zaadbehandelingen.’

Verder droegen meerdere teelttechnische redenen bij aan het ingrijpende besluit: ‘We vonden de teelt van lelies en gladiolen steeds lastiger worden, onder meer door het wegvallen van belangrijke gewasbeschermingsmiddelen’, geeft de jongste van de twee broers aan.

‘Verder constateren we dat door de toenemende weersextremen de teeltrisico’s steeds groter worden. Zo is er dit jaar vanwege de nattigheid bijna 9 hectare gladiolen en 4 hectare lelies blijven zitten. Dat is een flinke kostenpost.’


Weerstand vanuit maatschappij

Volgens Arentsen is ook de groeiende weerstand vanuit de maatschappij richting de bollenteelt een belangrijk argument geweest om lelies en gladiolen te schrappen uit het bouwplan. In bollen worden vergeleken met andere gewassen relatief veel gewasbeschermingsmiddelen toegepast.


‘Een rechter heeft onlangs een Limburgse lelieteler verboden om door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) toegelaten gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken in de buurt van een woonwijk, vanwege een kans op gezondheidsschade bij omwonenden’, weet Bart Arentsen.

‘Daarmee schuift de rechter de toelating door het Ctgb aan de kant. Dat kan niet en is oneerlijk tegenover de teler. Hoe pijnlijk dat ook is, we hebben er als sector wel steeds meer mee van doen. De kans is groot dat dergelijke besluiten in de toekomst vaker worden genomen. Daar zijn wij ook bang voor. Vroeger waren mensen blij als je bollen kwam telen naast hun huis, maar dat is tegenwoordig wel anders.’


Toch heeft Arentsen begrip voor deze mensen. ‘Als zij horen van een mogelijke link tussen het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en het ontstaan van de hersenziekte parkinson, dan snap ik best dat ze er moeite mee hebben als er lelies naast hun huis worden verbouwd’, geeft hij aan. ‘Het is niet keihard bewezen dat door gewasbeschermingsmiddelen parkinson meer voorkomt, maar de aanwijzingen zijn er blijkbaar wel.’


Andersom op de fiets

Rudolf Arentsen, die verantwoordelijk is voor het meeste spuitwerk op het bedrijf, ziet ook steeds vaker dat voorbijkomende fietsers met hun hoofd de andere kant op draaien als hij langskomt met de veldspuit. ‘Dat is ook onwetendheid, want zij kunnen niet zien wat ik over het gewas spuit. Dat kan net zo goed kunstmest zijn of een groen middel waardoor je vaker op hetzelfde perceel moet terugkomen’, legt hij uit.

Nu de broers zich volledig gaan richten op de teelt van eerstejaars plantuien en het koolzaad voor zaaizaadvermeerdering, kunnen ze het wat rustiger aan doen. ‘Met de bollenteelt erbij waren we altijd druk en hadden we een hoop mensen aan het werk’, zegt Bart Arentsen. ‘Nu kunnen we het werk aan samen met hulp van twee medewerkers.’

De gebroeders Arentsen veilen alle machines omtrent de bloembollenteelt via de digitale veiling Troostwijk Auctions. Op vrijdag 17 mei startte de veiling. Zo is het de bedoeling om drie van de in totaal zeven regenhaspels te verkopen. Rudolf Arentsen: ‘Zaterdag 8 juni is de kijkdag, dan kunnen geïnteresseerden de machines bekijken. Maandag 10 juni sluit de veiling.’


Het is de bedoeling om drie van de in totaal zeven regenhaspels te verkopen.
Het is de bedoeling om drie van de in totaal zeven regenhaspels te verkopen. © Job Hiddink

Eerstejaars plantuien passen goed in de rotatie van het bedrijf. Rudolf Arentsen noemt het een mooi gewas. ‘We rooien de uien in augustus, waardoor je daarna nog goed een groenbemester kunt zaaien. In onze bewaarschuur kunnen we zo’n 950 ton opslaan. De meeste plantuien worden in januari en februari uitgeleverd aan uienverwerkers elders in Nederland.

De opbrengsten van eerstejaars plantuien variëren in Nederland van 35 tot 55 ton per hectare. Het streven is om 15 tot 25 miljoen planten per hectare te telen. Volgens Arentsen gaat er wel voor 3.000 tot 10.000 euro per hectare aan zaaizaad in de grond.


Volgens Rudolf Arentsen gaat er wel voor 3.000 tot 10.000 euro per hectare aan zaaizaad in de grond.
Volgens Rudolf Arentsen gaat er wel voor 3.000 tot 10.000 euro per hectare aan zaaizaad in de grond. © Job Hiddink

Omdat er elders in de Achterhoek niet of nauwelijks eerstejaars plantuien worden geteeld, is er volgens de teler voldoende maagdelijke en schone grond voor deze teelt beschikbaar. ‘Het perceel moet door keuringsdienst NAK vrij worden verklaard van aardappelmoeheid, witrot, stengelaaltjes en knolcyperus.’ Als grootste uitdaging in de teelt noemt de akkerbouwer de bestrijding van de uienvlieg, zeker doordat sinds vorig jaar het middel Vydate niet meer is toegelaten.


De zandgrond in het Achterhoekse Lintelo valt mooi bij het zaaien van de eerstejaars plantuien op 13 mei.
De zandgrond in het Achterhoekse Lintelo valt mooi bij het zaaien van de eerstejaars plantuien op 13 mei. © Job Hiddink

‘We gebruiken nu Nemguard, een biologisch middel op basis van een knoflookextract dat bescherming moet bieden tegen larven van de uienvlieg. Dat kun je hier ook wel ruiken’, zei Rudolf Arentsen bij het zaaien. ‘Daarnaast doen we wel monitoring van de uienvlieg, maar werken we niet met de steriele insectentechniek. Daarvoor zijn er te weinig uientelers in de buurt om voldoende dekking te hebben.’


Rudolf Arentsen vult het vat bij met Nemguard, een biologisch middel op basis van een knoflookextract. Dat moet bescherming bieden tegen larven van de uienvlieg.
Rudolf Arentsen vult het vat bij met Nemguard, een biologisch middel op basis van een knoflookextract. Dat moet bescherming bieden tegen larven van de uienvlieg. © Job Hiddink

Ook koolzaad is een gewas dat je relatief weinig terugvindt in Achterhoekse bouwplannen. Van de 30 hectare koolzaad wat Arentsen in de nazomer van 2023 zaaide, is 25 hectare verzopen. 5 hectare is oogstbaar.

Een dergelijk gewas kenmerkt zich door het in stroken op het perceel afwisselend inzaaien van de steriele moederlijn, een scheiding door een teeltvrije zone en de vaderlijn, die na de bloei wordt geklepeld. Dit bevordert ook de bestuiving. Voor een nog betere bestuiving plaatsen de broers Arentsen ook bijenkasten.

Volgens Rudolf Arentsen vraagt de teelt van koolzaad voor zaaizaadvermeerdering vooral veel selectiewerk. ‘Goed selecteren is belangrijk, want het geproduceerde zaaizaad moet raszuiver zijn. Zodra de vrouwelijke bloemen gaan bloeien moeten we hierin controleren of er geen mannelijke planten tussen staan.’

Mannelijke en vrouwelijke planten zijn goed van elkaar te onderscheiden. Mannelijke planten bloeien eerder, hebben gladde bloemblaadjes en meeldraden. Het vrouwelijke bloemenhoofd is fijner en de bloemblaadjes zijn gekreukt. Ook is de stamper duidelijk te zien.


De broers Bart (links) en Rudolf Arentsen, agrarisch ondernemers in Aalten.
De broers Bart (links) en Rudolf Arentsen, agrarisch ondernemers in Aalten. © Job Hiddink


Bedrijfsgegevens

Bart (55) en Rudolf (52) Arentsen telen in het Gelderse Aalten 50 hectare eerstejaars plantuien en 30 hectare koolzaad voor zaaizaadvermeerdering. Het bedrijf heeft een deel van de grond in eigendom. Daarnaast ruilen de ondernemers grond met aardappeltelers en veehouders in de buurt. Momenteel zijn er twee vaste medewerkers in dienst. Zo'n drie jaar geleden begon het bedrijf met het installeren van zonnepanelen. Inmiddels liggen er 3.300 zonnepanelen op de daken met in totaal een vermogen van 1,2 Megawatt. Met slimme energiemanagementprogramma's handelen de ondernemers nu zelf op de elektriciteitsmarkt.

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zaterdag
    20° / 11°
    25 %
  • Zondag
    23° / 11°
    10 %
  • Maandag
    23° / 11°
    10 %
Meer weer