Behoedzaam handelen in dekseizoen door blauwtongrisico

Besmette rammen en stieren kunnen de het blauwtongvirus overdragen op vatbare ooien en koeien. Dierenartsen René van der Brom en Piet Vellema raden aan om behoedzaam te zijn tijdens het dekseizoen.

Behoedzaam+handelen+in+dekseizoen+door+blauwtongrisico
© Marcel Berendsen

'Ik had de rammen al bij het koppel, toen blauwtong op ons bedrijf zijn intrede deed', zegt Bart Kemp, schapenhouder in het Gelderse Ede. 'Inmiddels zijn we drie weken verder en moet er een nieuw kleurtje op het dekblok. Dan pas kunnen we zien of er veel terugkomers zijn.'

Kemp heeft geen idee welke impact het blauwtongvirus heeft op de vruchtbaarheid en dracht van zijn dieren. 'Ik heb gehoord dat sommige schapenhouders afwijkingen zien bij lammeren, maar daar kan ik zelf geen zinnig woord over zeggen.'


Minder makkelijk drachtig

Bij de vorige blauwtonguitbraak in Nederland ruim elf jaar geleden, waarbij het ging om serotype 8, werden besmette runderen minder makkelijk drachtig.

Door spermaonderzoek weet je of een dier geschikt is als dekram

René van der Brom, dierenarts

Zowel bij het schaap als bij het rund zijn volgens Royal GD inderdaad vruchtbaarheidsproblemen beschreven. Daarbij gaat het om vroeg-embryonale sterfte en abortus. 'Voor runderen is beschreven dat een infectie met het blauwtongvirus tijdens de dracht onder bepaalde omstandigheden kan leiden tot aangeboren afwijkingen bij de vrucht', legt René van der Brom uit.

Van der Brom is dierenarts en manager van de afdeling kleine herkauwers bij Royal GD. Hij kan op dit moment niet zeggen of dit verschijnsel ook bij schapen optreedt. 'Maar bij de uitbraak in 2006 tot en met 2008 was dit geen groot risico.'


Goed opletten

Hoe ga je eigenlijk om met ooien in het dekseizoen? Volgens Van der Brom kunnen gezonde ooien gewoon bij de ram worden gelaten. 'Maar houd tijdens de dekperiode wel goed in de gaten of ze geen ziekteverschijnselen hebben.'

Of je dieren die het virus hebben doorgemaakt laat dekken, hangt af van de wijze waarop de ooi door het ziekteproces heen komt. Dieren die te mager of kreupel zijn, of stramheid door spiernecrose vertonen, laat je pas bij de ram nadat ze hersteld zijn. 'Ze moeten dus weer in conditie zijn en geen restverschijnselen meer vertonen.'

Bij ooien die blauwtong hebben gehad en volledig zijn hersteld, zijn geen nadelige consequenties voor de dracht te verwachten. Hetzelfde geldt voor worpgrootte en vitaliteit van de lammeren.


Dierbewegingen

Besmette rammen en stieren kunnen de besmetting overdragen op vatbare ooien en koeien. Piet Vellema, Europees dierenarts kleine herkauwers, adviseert om geen rammen aan te voeren van een bedrijf uit een regio waar het virus rondgaat.

'Dierbewegingen hebben bij deze uitbraak de situatie verslechterd', zegt Vellema. 'Als bij de start van de uitbraak dierbewegingen waren beperkt, bijvoorbeeld tot alleen afvoer voor de slacht, dan zou volgens hem veel tijd zijn gekocht en veel dierenleed zijn voorkomen.

De nakomelingen van besmette moederdieren krijgen via de biest antistoffen mee. Ze zijn dan waarschijnlijk enkele maanden goed beschermd, voorwaarde is wel dat ze tijdig voldoende biest van goede kwaliteit binnen krijgen.


Virus doorgeven

Een besmette moeder kan het virus via de placenta ook doorgeven aan de foetus. Deze lammeren en kalveren zijn vaak klinisch gezond, er is niets aan hen te zien en het virus verdwijnt vanzelf. Wel kunnen deze jonge dieren weer 'schone' knutten besmetten waardoor het virus zich verder verspreid.

Zieke rammen met hoge koorts kunnen zes tot acht weken lang onvruchtbaar of verminderd vruchtbaar zijn. Daarom raadt GD aan om deze dekrammen twee maanden niet in te zetten. Vellema gaat nog een stapje verder. 'De besmetting heeft zoveel ernstige effecten op een geïnfecteerd dier dat het niet raadzaam is om die rammen, dit jaar en misschien zelfs volgende jaren in te zetten als dekram.'

Wil de schapenhouder zekerheid, dan kan hij de vruchtbaarheid van het dier laten checken via een spermaonderzoek. Van der Brom: 'Je kijkt dan naar de aanwezigheid van antilichamen tegen het blauwtongvirus, de houder weet dan of het dier een infectie heeft doorgemaakt.'


In februari verwachten we de eerste lammeren

Mike van der Most heeft een schapenbedrijf met tweehonderd dieren in het Groningse Leek. Op 5 kilometer afstand van zijn boerderij heeft blauwtong flink om zich heen geslagen, maar zelf heeft hij geen besmette dieren. Zijn ooien zijn inmiddels gedekt en de eersten zullen begin februari lammeren, hopelijk blijft een besmetting hem bespaard. De schapenhouder houdt zijn dieren al lange tijd binnen en behandelde ze met een pour-on (spotinor). 'We zijn de dans ontsprongen en hebben echt mazzel gehad, ik leef enorm mee met iedereen die getroffen is.' Binnenkort gaan zijn dieren weer de wei in.

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zaterdag
    11° / 6°
    55 %
  • Zondag
    11° / 5°
    60 %
  • Maandag
    10° / 3°
    5 %
Meer weer