Remkes: pak piekbelasters eerst aan

Bemiddelaar Johan Remkes wil een werkende kortetermijnaanpak om uit de stikstofcrisis te komen. Hij adviseert versneld en gericht piekbelasters te beëindigen om natuur te besparen, PAS-melders te vergunnen en belangrijke bouwprojecten ruimte te geven. Ook moet de kritische depositiewaarde op termijn uit de wet.

Remkes presenteert vandaag zijn aanbevelingen in het rapport 'Wat wel kan, uit de impasse en een aanzet voor perspectief'.

Het gaat om vijfhonderd tot zeshonderd piekbelasters. Volgens Remkes is dat 1 procent van de agrarische bedrijven. Met de gerichte en versnelde uitkoop worden zo min mogelijk ondernemingen geraakt, meent hij. Programma Aanpak Stikstof (PAS)-melders en interimmers zouden dan met voorrang op bouwprojecten vergund moeten worden. Stoppers moeten ruimhartig gecompenseerd worden en een garantie krijgen dat zij geen beter aanbod kunnen verwachten door te wachten.


Remkes adviseert een zogenaamde plusregeling. De voorgestelde uitkoop moet zoveel mogelijk vrijwillig gebeuren. 'Een deadline voor de keuze hoe gereduceerd wordt is wel noodzakelijk', schrijft hij. Remkes benadrukt dat de opkoop van piekbelasters alle sectoren zal raken. Hij verwacht wel dat de meeste piekbelasters agrarische bedrijven zijn. Met de kortetermijnaanpak moet ruimte komen voor de gebiedsprocessen.

De stikstofbemiddelaar adviseert verder om aan het huidige voorgestelde tijdsvak van een reductie van 50 procent in 2030 vast te houden. Wel vindt hij dat op weg naar 2030 herhaaldelijk geijkt moet worden of het tijdspad nog haalbaar is. Remkes stelt voor om dat in 2025 en 2028 te doen.


Stikstofkaartje van tafel

Het beruchte stikstofkaartje dat eerder dit jaar zoveel ophef veroorzaakte, moet van tafel als het aan Remkes ligt. Er moeten zo snel mogelijk regionale kaarten komen die minder gedetailleerd zijn. 'De kaart had niet op deze wijze gepresenteerd moeten worden. Hiervoor zijn excuses aangeboden. Omdat nuanceringen onvoldoende doorkomen zolang de kaart op tafel ligt en omdat de opgave breder is, vind ik het verstandig om de bestaande kaart van tafel te halen.'

De kritische depositiewaarde (KDW) moet wat Remkes betreft goed worden gebruikt, maar niet heilig worden verklaard. Zoals eerder gemeld, wordt samen met de sector gezocht naar een andere juridisch houdbare systematiek waarin de staat van de natuur centraal staat. Als die er is, dient dit alternatief de KDW wettelijk te vervangen.


Gebiedsprocessen en transitie

Behalve kortetermijnoplossingen komt Remkes ook met vijf aanbevelingen voor de langjarige landbouwtransitie. Hij benadrukt dat er behalve het behalen van de natuurdoelen ook beweging moet ontstaan naar langjarig perspectief voor zowel de sector als het gehele landelijk gebied. Als dat goed gebeurt, kunnen de ontwikkelingen elkaar versterken, stelt de bemiddelaar.

In zijn rapport schrijft Remkes dat provincies duidelijke integrale kaders en ruimte nodig hebben om de gebiedsprocessen goed vorm te geven. Binnen die kaders moeten provincies de ruimte krijgen om zaken zelf te kunnen regelen. Financiële en ruimtelijke instrumenten moeten daarom niet dichtgeregeld zijn en gebiedsplannen moeten worden beoordeeld op het realiseren van de doelstellingen en de samenhang, niet op de wijze waarop die worden bereikt.


Scharnierpunt van de transitie

Verder zijn er voorzieningen nodig om goed met grond en middelen om te gaan, die Remkes het scharnierpunt van de transitie noemt. Daarom moet er een grondbank komen waarin de overheid grond aankoopt, indien nodig afwaardeert en onder voorwaarden weer uitgeeft. Dat betekent ook dat de aankoop van grond meegenomen moet worden in de regelingen.

Een gevoelig punt voor de sector. Dus afspraken hierover moeten volgens Remkes met nauw overleg met de sector en provincies worden gemaakt. Daarbij moet het kabinet onderzoeken welke grond van terreinbeherende organisaties gebruikt kan worden voor 'perspectiefvolle' agrarische activiteiten. Daarnaast wil Remkes dat wordt uitgezocht of het mogelijk is om het overkopen van een boerderij buiten Natura 2000-gebied door een boer binnen Natura 2000-gebied te stimuleren.


Stabiliteit een vereiste

Remkes wil dat de overheid de stabiliteit van de gestelde kaders garandeert, omdat het cruciaal is dat boeren de gelegenheid krijgen om te bewegen richting de gewenste staat van de landbouw. 'Dat eist stabiliteit in wat waar langjarig wel kan. En er moet uitzicht zijn op een concreet verdienmodel. Als boeren die stabiliteit hebben, wordt het mogelijk om zelf een keuze te maken', aldus Remkes.

Op die manier loont het voor ondernemers ook niet om te wachten. Belangrijk voor Remkes is verder dat de rechtszekerheid van de ondernemer door de overheid expliciet wordt gemaakt en wordt gewaarborgd.

Als vierde aanbeveling op dit gebied wil Remkes dat er een goed functionerend landelijk procesteam komt. Dat team moet de provincies ondersteunen bij het opstellen en uitvoeren van de gebiedsplannen. Ten slotte moet de 'integrale governance' beter worden ingericht. Daarmee doelt Remkes op het samenkomen van opgaven in de landbouwtransitie. Daarin moet samenhang worden aangebracht.

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Dinsdag
    6° / 2°
    20 %
  • Woensdag
    5° / 2°
    75 %
  • Donderdag
    4° / 0°
    20 %
Meer weer