Kringloopboeren in Overijssel voeren meer eiwit uit gras

Project 'Vruchtbare Kringloop Overijssel' wordt na acht jaar afgesloten. Ruim 250 melkveehouders en akkerbouwers in die provincie werkten aan het verbeteren van hun bedrijfssysteem en het beperken van de verliezen.

In acht jaar 'Vruchtbare Kringloop Overijssel' (VKO) zijn meer deelnemers gaan beweiden, en vaak ook langer, waardoor ze meer eiwit van eigen land halen en minder eiwit hoeven aan te kopen. Uit de cijfers van de ingeleverde Kringloopwijzers blijkt dat het aandeel vers gras in het project gemiddeld met 33 procent is gestegen.

In 2021 haalde 42 procent van de deelnemers minimaal 65 procent van het benodigde eiwit van eigen land of betrekt het uit de omgeving.


Weidegang

Het aantal uren dat de koeien in de wei lopen, is in de afgelopen jaren met 15 procent gestegen van 840 naar 962 uur. Doordat het aantal weidedagen steeg van 136 naar 152 dagen, zagen ze die wei ook vaker. Daarnaast is het aantal deelnemers dat vers gras op stal voert, flink gestegen: van 5 procent in 2014 naar 28 procent in 2021.

Het vergt lef om als boer met je bedrijf de grenzen op te zoeken

Gerjan Hilhorst, onderzoeker Wageningen University & Research

Vers gras voeren geeft een hoge benutting van het eiwit dat in het gras zit omdat het zonder maai- en kuilverliezen de koe in gaat. Hierdoor kan worden bespaard op eiwitaanvoer van buiten het bedrijf en dus op kosten. Ook beter management en meer aandacht voor versgrasopname door de VKO-boer spelen mee bij de behaalde resultaten.


Financieel voordeel

Een hoog aandeel eiwit van eigen land is niet alleen veel eiwit oogsten, maar ook dat eiwit benutten. Dat kan door het aangekochte eiwit uit het rantsoen te drukken, adviseert Gerjan Hilhorst van Wageningen University & Research die ook is betrokken bij Agro-Innovatiecentrum De Marke. 'Dit heeft een financieel voordeel en geeft invulling aan kringlooplandbouw.'

Bedrijven met een hoog aandeel eiwit van eigen land hebben veel gras in het rantsoen en voeren relatief weinig eiwit uit bijproducten en krachtvoer.


Kringloopwijzers

'Als het lukt om voer en dierlijke mest beter te benutten en de emissies te verlagen, dan heb je minder input nodig', stelt Hilhorst, die de resultaten op verzoek van het project analyseerde. Dat deed hij op basis van Kringloopwijzers die 120 bedrijven inleverden in de periode tussen 2017 en 2021.


Uitleg over niet-kerende grondbewerking in mais door Matthijs Boomkamp van Kruse International.
Uitleg over niet-kerende grondbewerking in mais door Matthijs Boomkamp van Kruse International. © Joost de la Court

'Het waren al met al geen gemakkelijke jaren voor de boeren. In 2015 de afschaffing van de melkquotering, daarna de fosfaatreductie en in die periode maar liefst drie droge zomers. Dat heeft allemaal impact gehad op de bedrijfsvoering en dus de cijfers in de Kringloopwijzer', zegt de onderzoeker.


Onzekerheden

Ondanks de veranderende omstandigheden en de nodige onzekerheden wisten de deelnemende bedrijven toch te groeien, gemiddeld van 8 ton melk naar 1 miljoen kilo melk. De intensiteit bleef ongeveer hetzelfde, doordat het gemiddelde areaal met 5 hectare groeide tot 59 hectare. Door de grotere bedrijfsomvang is de stikstofuitstoot wel gestegen, maar is die gerekend per ton melk juist gedaald.

Hilhorst: 'Het is daarmee een mooi resultaat. De deelnemers hebben duidelijk hun best gedaan. Zonder het toegenomen bewustzijn over het beperken van de externe input zou de emissie hoger zijn geweest. Niet alle stikstof die op het bedrijf circuleert, gaat naar ammoniak.'


Eiwit beter benutten

Volgens de onderzoeker zouden meer boeren op hun kosten kunnen besparen door het eiwit uit eigen bron beter te gebruiken. 'Je bent een dief van je eigen portemonnee als je daar niet kien mee omgaat. Een betere eiwitbenutting en minder krachtvoer zijn, zeker nu eiwit duur is, cruciaal. Het gaat alleen niet vanzelf. Diergezondheid is dan belangrijk.'

Dat bevestigt melkveehouder Els Uijterlinde uit Deurningen, waar de eerste van drie regionale resultatenbijeenkomsten werd gehouden. Samen met haar man Gerard voert zij veel proeven uit om het eiwitrendement op het bedrijf te verbeteren. Zoals een combinatie van stokbonenteelt en mais, de teelt van voederbieten en het stalvoeren van vers gras in de zomer. 'Je probeert wat uit, maar het gaat niet altijd goed. Het mooie van dit project is dat we gezamenlijk tot mooie dingen zijn gekomen', vindt Uijterlinde.


Ruwvoerspecialist Robert ter Maat van Limagrain toont vier rassen voederbieten.
Ruwvoerspecialist Robert ter Maat van Limagrain toont vier rassen voederbieten. © Joost de la Court

Hilhorst heeft nog wel wat tips. Bijvoorbeeld als bedrijf de eigen doelen en een strategie vaststellen, dus niet zomaar wat doen. 'Kijk niet wat je buurman doet, maar trek je eigen plan en beoordeel je eigen resultaten. Je moet iedere dag sterk zijn om emissies te verlagen. Dus houd goed bij wat wel en wat niet werkt. Doe dus aan monitoring.'


Extreem droge jaren

Terugkijkend constateert VKO-projectleider Michaela van Leeuwen van LTO Noord dat de deelnemers een stijgende lijn laten zien op het gebied van kringlooplandbouw. 'Dat is een compliment waard, want ze hebben te maken met onzeker beleid en extreem droge jaren. Hoe daarop is ingespeeld door onder andere minder kunstmestgebruik, niet-kerende grondbewerking en samenwerking tussen akkerbouwers en melkveehouders, vind ik prijzenswaardig.'


De teelt van stokbonen in een maisperceel beperkt de bodemverliezen.
De teelt van stokbonen in een maisperceel beperkt de bodemverliezen. © Joost de la Court

'Het vergt lef om met je bedrijf de grens op te zoeken', stelt Hilhorst. 'Maar het lukt zo wel om meer eiwit met het gras te voeren.' Zowel de klei- als de zandboeren doen het daarbij goed, stelt hij vast. 'Ze halen een betere stikstofbenutting in de bodem en daardoor ook lagere nitraatnormen.'

Om hun strategie te kunnen bepalen en om perspectief te kunnen houden, moeten boeren meer zekerheid krijgen, benadrukt de onderzoeker. 'Wat we nu nodig hebben, is een meerjarenbeleid, zodat ze daar hun bedrijfsvoering op kunnen afstemmen. Anders wordt het moeilijk om koers te houden.'


Over het project 'Vruchtbare Kringloop Overijssel'

In het project 'Vruchtbare Kringloop Overijssel' (VKO) werkten acht jaar ruim 250 melkveehouders en akkerbouwers aan het verbeteren van de vruchtbaarheid van hun bodem en aan het sluiten van de kringloop. Het project inspireert en faciliteert de deelnemers om efficiënter met de mineralen op hun bedrijf om te gaan. Naast studiegroepen voor melkveehouders is VKO voor de kruisbestuiving een studiegroep voor akkerbouwers en een studiegroep voor loonwerkers gestart. In het project wordt samengewerkt met LTO Noord-afdelingen, gemeenten, het onderwijs en andere projecten in Overijssel, zoals Mineral Valley Twente, het project 'Boeren voor Drinkwater', Zone.college en Landstede. Hoewel het project dit jaar eindigt, nodigde regiobestuurder Martin Immink van LTO Noord in zijn afsluiting van de bijeenkomst boeren van harte uit om te komen met ideeën voor een vervolgtraject.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Donderdag
    14° / 5°
    40 %
  • Vrijdag
    16° / 5°
    20 %
  • Zaterdag
    16° / 10°
    60 %
Meer weer