5+vragen+over+biostimulanten
5 vragen
© Koppert Biological Systems

5 vragen over biostimulanten

Biostimulanten vallen onder de nieuwe Europese meststoffenverordening. Het aantal producten dat tot biostimulanten wordt gerekend, is groot. Ook de claims die aan de producten hangen, zijn gevarieerd. Over de specifieke werking bestaat nog veel onduidelijkheid onder telers.


Wat zijn biostimulanten?

In de Europese meststoffenverordening wordt een biostimulant gedefinieerd als een bemestingsproduct. Het bestaat uit bepaalde stoffen, mengsels en micro-organismen en heeft tot doel de natuurlijke voedingsprocessen van de plant te stimuleren, onafhankelijk van het gehalte nutriënten in het product. Biostimulanten dragen bij aan verbeterde groei en alternatieve bemestingsregimes en groeisystemen in de land- en glastuinbouw met minder schadelijke effecten op mens en milieu.


Welke categorieën zijn er?

Biostimulanten worden gecategoriseerd als microbieel en niet-microbieel. Microbiële biostimulanten bestaan uit een micro-organisme of een consortium van micro-organismen. Voorbeelden zijn mycorrhiza (symbiotische schimmels) en bacteriën. Voorbeelden van niet-microbiële biostimulanten zijn plant- en zeewierextracten, compost, zoals humus- en fulvinezuren, digestaten uit verse gewassen, bijproducten uit de voedselindustrie, chitine, anorganische verbindingen en zouten.


Wat zijn de waargenomen gunstige effecten van biostimulanten?

Biostimulanten kunnen bijdragen aan een betere groei van wortels, bloemen, bladeren en vruchten en daarbij aan een hogere opbrengst. Ze zorgen voor weerbaarheid tegen abiotische en biotische stress. Ook verhogen ze de houdbaarheid en kwaliteit van gewassen. Het werkingsmechanisme van biostimulanten is vooral gericht op het veranderen van planthormonen. Dit heeft een effect op de weerbaarheid tegen ziekten en plagen. Sommige biostimulanten hebben een directe werking op ziekten en plagen.



Welke uitdagingen zijn er?

De efficiëntie van de middelen is sterk afhankelijk van de toepassingsomstandigheden. Denk aan abiotische randvoorwaarden, zoals bodem- of substraatvochtigheid, lucht- en bodemtemperatuur en zuurgraad. De werking van biostimulanten verschilt ook sterk per gewas of ras. Waarom dit zo is, is niet bekend. Ook het gewasstadium en het seizoen waarin biostimulanten worden gebruikt, kunnen van invloed zijn op de werking, net als de samenstelling van de biostimulanten.


Hoe kunnen deze middelen worden gebruikt?

Biostimulanten worden vaak gebruikt als zaadcoating. Hierbij worden de zaden ondergedompeld in het middel. Andere manieren van toediening zijn via bladbespuiting, toevoeging aan substraat of toevoeging aan het irrigatiesysteem in de kas.

Weer

  • Vrijdag
    4° / 2°
    50 %
  • Zaterdag
    7° / 2°
    40 %
  • Zondag
    10° / 4°
    70 %
Meer weer