Goed+kijken+naar+afwijkende+data+helpt+varkenshouder+vooruit
Achtergrond
© Twan Wiermans

Goed kijken naar afwijkende data helpt varkenshouder vooruit

Met alle data die een varkenshouder op zijn bedrijf zelf bijhoudt en automatisch binnenkrijgt, kan hij veel meer doen dan achteraf analyseren hoe het draaide. Varkenshouders die vooruitgang willen boeken, kunnen hun data gebruiken om dagelijks de gang van zaken te monitoren en snel bij te sturen.

Tijdens meerdere webinars lichtte directeur Marc Cox van Agrisyst het belang van data toe. 'Dan kun je de resultaten voortdurend verbeteren en zo het rendement en de toekomst van je bedrijf waarborgen', zegt hij.

'Met data kun je bijvoorbeeld aantonen dat je weinig of geen antibiotica gebruikt, dat de dieren over afleidingsmateriaal beschikken, dat ze altijd kunnen drinken. De supermarkt, foodservice en consument zijn steeds kritischer en willen inzicht in dergelijke gegevens.'


Bedrijfsresultaten verbeteren

Data blijven op de eerste plaats essentieel voor het verbeteren van de bedrijfsresultaten. 'Zonder data bijhouden en interpreteren blijf je doen wat je altijd hebt gedaan', zegt Theo van Grunsven, productmanager bij Agrovision. 'Maar houd je data wel consequent bij en analyseer ze goed, dan zie je waar sterktes, zwaktes en kansen liggen en worden resultaten voorspelbaar.'

Je ziet waar sterktes, zwaktes en kansen liggen en resultaten worden voorspelbaar

Theo van Grunsven, productmanager bij Agrovision

Om het analyseren en monitoren van data gemakkelijker te maken, komt Agrovision na de zomer met de Operationele Monitor. Daarmee kunnen varkenshouders voortdurend hun analyses bekijken. De Operationele Monitor biedt bijvoorbeeld zicht op de prestaties van de zeugen van verschillende worpnummers of het verloop van doodgeboren en levend geboren biggen.


In één oogopslag

Van Grunsven: 'Je ziet dan in één oogopslag waar verbeteringen mogelijk zijn. Bijvoorbeeld dat de zeugen die je na dag 35 speent, de volgende ronde altijd slecht presteren. Of dat de eersteworpszeugen wel veel levend geboren biggen hebben, maar de tweedeworpszeugen niet. De Operationele Monitor laat de trend zien. Daardoor zie je waar het goed gaat en waar het beter kan en kun je snel bijsturen.'

Voor de juiste interpretatie van de data heeft Agrisyst onder andere de Technische Monitor. 'Let daarbij vooral op afwijkingen. Een gemiddelde van één doodgeboren big per worp is goed. Maar als blijkt dat veel zeugen nul doodgeboren hebben, een aantal één doodgeboren big, maar er ook een flinke groep zeugen is met twee of meer doodgeboren biggen, dan vraagt dat toch de aandacht', zegt Cox.


Wekelijks overzicht

'Welke zeugen hebben veel doodgeboren biggen? Wat is de mogelijke oorzaak? Zorg dat je wekelijks een overzicht hebt van de belangrijkste kengetallen voor je bedrijf.'

'Voor het zoeken naar een mogelijke oorzaak is het van belang om alles vast te leggen in je managementsysteem', stelt Van Grunsven. 'Stel dat er een paar dagen een stalinrichter in de stal is geweest. Als de zeugen een tijd later slechter presteren, dan kan dat zomaar de oorzaak zijn geweest. Maar dan moet je dat wel hebben vastgelegd, anders weet je het niet', zegt de productmanager.

'Je kunt alles analyseren, als je het maar invoert. Met de mogelijkheden die er tegenwoordig zijn van het lezen van oormerken of zeugenkaarten via de smartphone kan het gemakkelijker.'


Aflevergewicht

Ook bij vleesvarkens is het volgens Cox en Van Grunsven vooral zaak om op de uitersten te letten. Bijvoorbeeld bij het afleveren. Een goed gemiddeld aflevergewicht zegt niet alles. Een paar varkens die veel te licht of te zwaar zijn, kosten de varkenshouder veel geld. Het kan gaan om kortingen van meer dan 20 euro per afgeleverd varken, blijkt uit de Slachtmonitor.

Zorgen dat de volgende levering beter binnen de gewichtsgrenzen blijft, helpt dan flink. 'En de varkenshouder zou eens moeten vergelijken wat de verschillende concepten opleveren met zijn varkens', zegt Cox. 'Dat kan variëren van een korting van 1,50 euro tot een toeslag van 2 euro per varken.'


Brijvoercomputer

Belangrijker is het om al tijdens de ronde van de vleesvarkens bij te sturen, zodat de varkenshouder aan het einde uniforme varkens aflevert die op groei en voerconversie goed scoren. Dat kan door data te gebruiken die beschikbaar komen vanuit de brijvoercomputer of de computergestuurde droogvoerinstallatie.

'De Voermonitor laat zien wanneer de opname afwijkt van de gewenste voercurve. Blijft de voeropname in de eerste weken achter, dan kun je uitzoeken waarom dat gebeurt en bijsturen, voordat de groeiachterstand te groot is', zegt de directeur van Agrisyst.

'Datzelfde geldt voor de voeropname van zeugen in de kraamstal. Zie je daar bijvoorbeeld een dip bij de eersteworpszeugen, dan weet je dat dit gevolgen gaat hebben voor de volgende dracht. Direct maatregelen nemen helpt dan.'


Watermeting

Een instrument waar varkenshouders volgens Cox te weinig gebruik van maken, is de watermeting. 'Veel bedrijven hebben watermeters, maar houden de gegevens niet automatisch bij en dan gebeurt er niet veel mee. Terwijl veranderingen in de wateropname eerder zichtbaar zijn dan veranderingen in voeropname of groei', stelt hij.

'Een daling van de wateropname met 30 procent of een daling drie dagen achtereen betekent dat er zeker gezondheidsproblemen zijn.'

Ook Van Grunsven vindt het jammer dat varkenshouders de watermeting niet beter gebruiken. 'Daarmee kun je afwijkingen snel zien en maatregelen nemen, zoals ander voer inzetten of maatregelen nemen voor een beter klimaat.'


Faalkosten en opbrengsten bij zeugen

Op ieder zeugenbedrijf is te berekenen wat de faalkosten zijn als de kengetallen slechter worden of wat het extra oplevert bij een verbetering. Eén big meer totaal geboren biggen per zeug levert bij 2,35 worpen per jaar en uitgaande van 80 procent overleving 1,88 extra gespeende biggen per jaar op. Bij een marginale waarde van 35 euro per big is dat dan 65,80 euro per totaal geboren big extra. Eén big minder doodgeboren levert volgens deze berekening ook 65,80 euro per zeug per jaar extra op. Een verbetering van de bigoverleving met 1 procent levert bij 15,4 levend geboren biggen en 2,35 worpen per jaar 0,36 extra gespeende biggen per jaar op. Bij 35 euro voor een extra gespeende big is dat 12,60 euro per zeug per jaar extra. Een dag cycluslengte minder betekent 0,016 worp per zeug per jaar meer. Bij 13,3 gespeende biggen per zeug is dat jaarlijks 0,21 gespeende big per zeug, oftewel 7,35 euro per zeug per jaar meer.

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    20° / 15°
    70 %
  • Dinsdag
    17° / 10°
    20 %
  • Woensdag
    15° / 11°
    50 %
Meer weer