LTO+Noord%3A+%27Puntjes+op+de+i+in+Omgevingsverordening+Noord%2DHolland%27
Nieuws
© Mike Schellart

LTO Noord: 'Puntjes op de i in Omgevingsverordening Noord-Holland'

Economische activiteiten mogelijk houden in het landelijk gebied van Noord-Holland. Dat is de insteek van de inspraakreactie van LTO Noord op de ontwerp-Omgevingsverordening NH2022. 'Er is al veel vastgelegd in die van 2020, nu is het zaak de puntjes op de i te zetten', zegt LTO Noord-beleidsadviseur Ard Mooij.

Provinciale Staten stelden eind vorig jaar de Omgevingsverordening NH2020 vast. Daarin zijn de regels en wetten omgezet naar de nieuwe eisen die de Omgevingswet stelt. Het gaat met name over landbouw, natuur, fauna en energie. LTO Noord doet in een reactie nog enkele voorstellen voor aanpassingen en dringt aan op het beter borgen van sommige activiteiten.

Gevoelig thema blijft de aanwijzing tot Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) van sommige gebieden. 'We zitten hier als landbouw wat dubbel in', geeft Mooij aan. 'We vinden het belangrijk dat de agrarische ontwikkeling binnen BPL is geborgd. Voor verschillende regio's betekent een BPL-begrenzing een drempel voor functieverandering. Maar we willen voorkomen dat iedere gemeente ook nog eens een eigen sausje over het gebied gaat gieten en met extra regels komt.'


Extra beperkingen voorkomen

Extra beperkingen binnen het BPL moeten worden voorkomen, vult voorzitter Nico Verduin van LTO Noord West aan. 'Het is goed om rekening te houden met het landschap, maar het landelijk gebied is geen museum. Economische, agrarische activiteiten moeten mogelijk blijven.'

Een voor LTO Noord belangrijke afspraak die nu in de Omgevingsverordening wordt vastgelegd, is het gegeven dat agrarische bedrijvigheid kan worden voortgezet binnen het Natuurnetwerk Nederland, totdat de grond wordt verkocht voor natuurontwikkeling.


Verdienmodel

Onder voorwaarden wordt ook ruimte geboden aan nieuwe niet-agrarische activiteiten die zijn gekoppeld aan een agrarisch bedrijf, als dat het verdienmodel van dat agrarische bedrijf bevordert. LTO Noord wil dat deze mogelijkheid ook concreet wordt vastgelegd in de Omgevingsverordening.

Nieuw aandachtspunt in de zienswijze is de uitzondering die nodig is voor het gebruik van jachtgeweren in stiltegebieden. Jacht, populatiebeheer en schadebestrijding in die gebieden moeten altijd mogelijk blijven.

Voor de omzetting van agrarische percelen naar een woonbestemming wil LTO Noord meer maatwerk. 'Het moet ook mogelijk zijn om buiten het voormalige agrarische bouwperceel te compenseren. Bijvoorbeeld in lintbebouwing', zegt Mooij.

Voor wat betreft windenergie pleit LTO Noord voor een opschalingsmogelijkheid tot een masthoogte van 25 tot 30 meter voor grote bedrijven. ‘We zijn blij dat het voor agrarische bedrijven mogelijk is geworden om kleine windmolens te plaatsen voor de eigen energiebehoefte, maar dat is voor grote bedrijven niet altijd genoeg. Daarom pleiten we voor deze bedrijven met een bouwperceel van meer dan een hectare voor de mogelijkheid tot een hogere windmolen met meer capaciteit.’


Zonnepark

In de concept-Omgevingsverordening staat dat maximaal 25 jaar na de oprichting van een zonnepark, de bestaande toestand hersteld moet zijn. LTO Noord wil hier graag aan toevoegen dat de (agrarische) bestemming dan ook weer van toepassing is. Ook vraagt LTO Noord in haar zienswijze om een uitzondering van reguliere graslandvernieuwing op het verbod op scheuren van grasland in veenpolderlandschappen. Daarnaast wordt gewezen op de bestaande wens om een Leidraad Multifunctionele Landbouw op te stellen.

De geitenstop moet van tafel zodra uit onderzoek duidelijk is geworden dat er geen gezondheidsrisico’s zijn of dat deze met maatregelen opgeheven kunnen worden. Tenslotte wil LTO Noord dat bij grote ingrepen, zoals koelwater voor datacentra en het vergroten van zeesluizen, het verziltingsrisico wordt meegenomen.

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    11° / 7°
    70 %
  • Zaterdag
    12° / 7°
    10 %
  • Zondag
    12° / 6°
    10 %
Meer weer