Schouten+reageert+op+brandbrief+LTO+en+NAJK
Nieuws
© Nieuwe Oogst

Schouten reageert op brandbrief LTO en NAJK

Landbouwminister Carola Schouten heeft goede hoop dat er voor Nederland een uitzondering komt op de eis om bufferstroken van 3 meter aan te leggen rondom watergangen. Volgens de minister zal er anders van veel percelen in waterrijke gebieden maar weinig overblijven om nog gewas op te verbouwen.

Dat zei de bewindsvrouw woensdag in de Tweede Kamer tijdens een debat over de landbouwraad, de vergadering van Europese landbouwministers, die volgende week plaatsvindt. De Tweede Kamerleden Derk Boswijk (CDA) en Thom van Campen (VVD) stelden hier vragen over naar aanleiding van een brandbrief - zie pdf onderaan dit artikel - die LTO Nederland en het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) woensdag naar de minister stuurden.

Schouten: 'Nederland heeft er in een vroeg stadium op gewezen dat dit in onze situatie ingewikkeld kan worden. In waterrijke gebieden is het een probleem, als je 3 meter brede bufferstroken moet aanleggen, dat je soms geen akker meer over houdt. Wij willen dat er rekening gehouden wordt met gebieden met veel sloten, omdat er anders bijna geen boer meer kan meedoen in Nederland. Dat is een verschil met landen in bijvoorbeeld Oost-Europa waar je soms enorm grote akkers hebt. Wij pleiten ervoor dat wij die uitzondering kunnen krijgen. Tot nu toe lijkt daar begrip voor te zijn.'


Conditionaliteiten

De bufferstroken behoren tot de 'conditionaliteiten' voor het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Dat zijn vereisten voor boeren om in aanmerking te komen voor geld uit het toekomstige GLB. LTO Nederland en NAJK hebben grote moeite met sommige van die conditionaliteiten. Als basisvoorwaarde moet straks misschien een substantieel deel van de landbouwgrond uit productie worden gehaald. Naast de bufferstroken gaat het onder meer over eisen op het gebied van gewasrotatie en een percentage voor het oppervlakte aan landschapselementen op de grond van boeren en tuinders.



De twee boerenorganisaties vinden dat nieuwe en ambitieuzere normen en eisen, die kunnen bijdragen aan doelstellingen op het gebied van klimaat, milieu en/of dierenwelzijn, thuishoren in de ecoregelingen en het plattelandsbeleid. Ze horen niet in de basisvoorwaarden om aanspraak te kunnen maken op GLB-gelden. 'Op deze wijze is het voor boeren aantrekkelijk om deel te nemen aan het GLB en kunnen zij kiezen hoe zij een extra bijdrage leveren aan bijvoorbeeld klimaat en biodiversiteit', schrijven ze aan de minister. 'Zo kunnen boeren aanvullende maatregelen kiezen die goed aansluiten bij de regio en het bedrijf.'


Gewasrotatie

LTO Nederland en NAJK wijzen erop dat gewasrotatie door veel boeren in Nederland wordt toegepast, maar dat het niet voor alle bedrijven mogelijk is. Dat geldt bijvoorbeeld voor fruittelers of bedrijven met meer dan 75 procent grasland. Volgens Schouten is dit nog lang geen uitgemaakte zaak en moet dit nog besproken worden.

Ook de eis om minimaal 4 procent van bouwland in te vullen met niet-productieve elementen, kan niet op steun van LTO en NAJK rekenen. De mogelijkheid om een minimum van 7 procent van het bouwlandareaal met vanggewassen of stikstofbindende gewassen in te richten, die geteeld dienen te worden zonder gewasbescherming en bemesting, is volgens de partijen 'onbestaanbaar en onuitvoerbaar'.


Nederlandse situatie

Schouten denkt dat het in de Nederlandse situatie gemiddeld echter wel uitvoerbaar is. 'Veel boeren kunnen dit al invullen doordat gemiddeld 3 à 4 procent van het oppervlak uit sloten bestaat. Dus daar kom je al snel aan tegemoet door de unieke Nederlandse situatie. Dan ben je er al bijna. Maar we moeten kijken wat het precies betekent. Dat doen we in de onderhandelingen en daar zijn we scherp op.'

Tegelijkertijd noemt de landbouwminister het 'redelijk' dat er voorwaarden gesteld worden om deel te nemen aan het GLB. 'Zo kun je de stappen naar vergroening maken.'


Onderhandelingen

De onlangs vastgelopen onderhandelingen over het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) worden eind deze week in Brussel weer opgestart. 'De voorstellen die circuleren zetten nog meer druk op grond', stelt LTO Nederland-voorzitter Sjaak van der Tak. 'We hebben in Nederland een tekort aan ruimte, met de hoogste grondprijzen in Europa. Vruchtbare landbouwgrond uit productie halen, zet boereninkomens verder onder druk, raakt Nederlandse boeren harder dan Europese collega's en getuigt van weinig besef van het belang van de Nederlandse voedselproductie.'

In de brief aan minister Schouten vragen LTO en NAJK om namens Nederland steviger positie te nemen. Ze onderbouwen dat met cijfers. WUR-cijfers over 2015 laten volgens LTO en NAJK bijvoorbeeld zien dat 41 procent van de melkveehouderijbedrijven een negatief inkomen heeft wanneer er geen inkomensondersteuning is. Voor het GLB vanaf 2023 is ruim 9 procent minder budget beschikbaar. Nu volgens de landbouwministers en het Europees Parlement de basisvoorwaarden strenger moeten, vrezen LTO en NAJK dat met name jonge boeren minder financiële reserves kunnen aanleggen.


Maatschappelijke doelen

'Dan houdt het op', stelt Willem Voncken, portefeuillehouder internationaal bij NAJK. 'Tegelijkertijd zet je ook de maatschappelijke doelstellingen onder druk. Geen deelname aan het GLB betekent ook geen deelname aan ecoregelingen en dus geen stimulans voor en ondersteuning bij verdere verduurzaming.'

Van der Tak: 'De voorstellen die nu circuleren zijn te ingrijpend, zeker voor melkveehouders, akkerbouwers en vollegrondsgroentetelers. Zo kan het niet uit. We vragen de minister dus om haar positie optimaal te benutten om, in lijn met het eigen beleid, zich volledig in te zetten voor Nederlandse boeren en tuinders in Brussel.'

Weer

  • Maandag
    13° / 5°
    60 %
  • Dinsdag
    14° / 9°
    30 %
  • Woensdag
    15° / 9°
    10 %
Meer weer