De+Wolf%3A+%27Brongerichte+maatregelen+zijn+niet+genoeg%27
Interview
© Koos Groenewold

De Wolf: 'Brongerichte maatregelen zijn niet genoeg'

De veehouderij staat de komende decennia voor grote uitdagingen wat betreft beperking van de broeikasgasemissie. Bronaanpak lijkt het toverwoord. 'Voor de langere termijn ben je er daarmee alleen niet', zegt Ingeborg de Wolf. Zij is bij Wageningen Livestock Research belast met klimaatslimme veehouderij.

De Wolf is sinds april 2018 hoofd van de afdeling Veehouderij & Omgeving bij Wageningen Livestock Research. Samen met manager Gert van Duinkerken leidt zij het onderzoek naar een klimaatslimmere veehouderij. In Nederland komt 7 procent van de broeikasgassen voor rekening van de veehouderij.

Realtime meten wordt een belangrijk instrument om de veehouderij te verduurzamen

Ingrid de Wolf, afdelingshoofd Veehouderij & Omgeving bij Wageningen Livestock Research

Verder komt ongeveer 3 procent van alle CO2-equivalenten vrij door bemesten en het weiden van koeien. 'Het is een brede opdracht die we hebben', beaamt de onderzoeker. 'Maar ik denk dat die recht doet aan de complexiteit van de vraagstukken die we op te lossen hebben.'


Om de uitstoot te verkleinen, ligt de focus nu vooral op brongerichte maatregelen. Is dat terecht?

'Voor 2030 liggen er harde afspraken waaraan Nederland zich heeft gecommitteerd. Als je die doelstellingen wilt halen, dan ligt bronaanpak wel voor de hand. Het gaat om technische maatregelen die toepasbaar zijn binnen de huidige stalsystemen.

'Dat laat onverlet dat je wel naar het hele agrofoodsysteem moet kijken. Als we willen dat ons eten duurzaam wordt geproduceerd, moeten we niet alleen naar broeikasgassen kijken. Dan moeten we ons ook realiseren dat de boer het niet alleen kan. Daarvoor heeft hij ook andere partijen nodig: de overheid, de voerindustrie, slachterijen, de retail en dus ook de consument.'


Kunt u toelichten waarom ook andere partijen daarvoor nodig zijn?

'We staan voor de grote maatschappelijke opgave hoe we een groeiende wereldbevolking op een duurzame manier voeden. Tegelijkertijd moeten we een oplossing vinden voor uitdagingen als klimaatverandering, afname van de biodiversiteit en uitputting van natuurlijke hulpbronnen. En zet je op het ene terrein een stap, dan heeft dat vaak ook gevolgen op andere terreinen.

'De vraagstukken waarvoor wij met elkaar staan, zijn complex en grijpen op elkaar in. Ze vragen om een integrale benadering die moet leiden naar een systeemverandering. Ik denk niet dat er één oplossing is die alle boeren past en in alle situaties. Wat voor de een goed is, hoeft dat voor de ander niet te zijn.

'Dat wat op zandgronden in Noord-Brabant kan, hoeft niet automatisch ook op Groningse kleigronden goed uit te pakken en omgekeerd. We moeten stoppen met denken in oplossingen en veel meer denken in oplossingsrichtingen. Scenariodenken noem ik dat.

'Als kennis- en onderzoeksinstelling moeten wij inzichtelijk maken wat de consequenties zijn van verschillende scenario's. Zodat wij als Nederlandse samenleving met elkaar de beweging kunnen maken naar een integrale benadering van de vraagstukken en de thema's die daarbinnen spelen.

'Die transitie vraagt een andere manier van denken. Voor 2050 hebben wij daar stappen in gezet.'


Bronaanpak is dus begin van grotere transitie?

'Klopt. Wil je verdere stappen zetten in het verduurzamen, en dat moeten we, dan moet je bijvoorbeeld ook nadenken over hoe je kringlopen kunt sluiten. Maar ook wat je kunt doen om biodiversiteit te stimuleren. En dan moet je kijken wat oplossingsrichtingen betekenen voor de boer, maar ook voor bijvoorbeeld de regio of voor Nederland.

'Met scenario's kun je laten zien hoe een agrofoodsysteem kan verduurzamen en hoe dat dan ingrijpt op andere niveau's. Die afwentelingen betekenen keuzes maken: wat moet zwaarder wegen? Je kunt de emissies van de veehouderij bijvoorbeeld reduceren door stallen hermetisch af te sluiten en koeien niet meer te weiden. Maar de vraag is dan of we dat met elkaar willen.

'Daarover moeten we met elkaar in gesprek. Dat vraagt om een brede maatschappelijke dialoog, waaraan niet alleen ketenpartijen, maar ook andere stakeholders mee doen.'


Het Klimaatakkoord zorgde voor een accentverschuiving in het onderzoek. Kunt u dat toelichten?

'Voor het verduurzamen en innoveren van veehouderijbedrijven was via de Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen (Sbv) in eerste instantie 60 miljoen euro beschikbaar. Doordat de Sbv wordt gecombineerd met 112 miljoen euro uit het Klimaatakkoord, komt het totale budget uit op 172 miljoen euro. We kunnen zo met verschillende sectoren samenwerken om te komen tot verdere verduurzaming.

'Binnen de klimaatdoelstellingen ligt de focus sterk op 2030. We volgen daar vier sporen: het voerspoor, het dierspoor, het stalspoor en het spoor van de mestopslag. Het voerspoor en dierspoor betreffen de rundveehouderij. Tussen rassen en koeien zijn er grote verschillen in uitstoot, maar we onderzoeken bijvoorbeeld ook het effect van voeradditieven en de invloed van kruidenrijk grasland op emissies.

'Bij stal en opslag onderzoeken we onder andere het effect van mest koelen, beluchten, vroeg scheiden in een dunne en dikke fractie of het oxideren van methaan. We trekken in deze onderzoeken nauw op met de praktijk.'


Zitten er veelbelovende oplossingen bij de trajecten die in onderzoek zijn?

'De veelbelovende oplossingen zijn vaak technologisch niet zo hoogdravend: voer minder eiwit, verdun mest bij het uitrijden, haal mest zo snel mogelijk uit de stal. Belangrijk is vooral dat er niet één allesomvattende oplossing is of komt. Een combinatie van maatregelen moet zorgen voor de gewenste reductie.

'Realtime meten wordt een belangrijk instrument bij de transitie. Als je dat kunt en toont dat alles onder controle is, dan hoef je niet meer te werken met middelenvoorschriften, maar kun je volstaan met doelen. In technologische zin hebben we nog wel een paar obstakels te overwinnen, maar ik vind het belangrijk om die beweging te maken.'


'We zijn ons meer bewust van de eindigheid van bronnen'

In het regeerakkoord van 2017 is afgesproken dat voor landbouw en landgebruik in 2030 een reductie van 3,5 megaton CO2-equivalenten moet zijn gehaald. De veehouderij moet daaraan ook bijdragen. In 2019 maakte landbouwminister Carola Schouten daarom afspraken met de sector voor de transitie naar kringlooplandbouw. Ingeborg de Wolf van Wageningen Livestock Research noemt kringlooplandbouw een manier om invulling te geven aan duurzaamheid. 'Discussies daarover vind ik minder interessant dan de gedachtegang die circulair in gang heeft gezet. We zijn ons veel meer bewust geworden van de eindigheid van bronnen. En de gedachte heeft postgevat dat iets niet een afvalproduct is, maar het begin van iets nieuws.' Dat dwingt volgens De Wolf om kritisch te zijn op het doen en laten in de veehouderij. 'Een van de gevolgen van het anders denken is dat de waarde van dierlijke mest weer veel meer wordt gezien en de vraag actueel is hoe je die mest zo goed mogelijk kunt inzetten.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    18° / 15°
    70 %
  • Dinsdag
    17° / 8°
    60 %
  • Woensdag
    16° / 7°
    50 %
Meer weer