Droge+zomers+een+steeds+groter+probleem
Achtergrond
© Guus Queisen

Droge zomers een steeds groter probleem

Water vasthouden is noodzakelijk om het grondwaterpeil omhoog te stuwen. Op veel plekken in Limburg is nog flink wat water nodig voordat het grondwaterpeil op normaal niveau staat. Waterschap Limburg en LLTB roepen boeren op het water op de akkers deze wintermaanden vast te houden.

De droge zomers van de afgelopen jaren kunnen niemand ontgaan zijn. Als we de weerspecialisten mogen geloven, zijn dit signalen van een veranderend klimaat. Naast een stijging van de temperatuur, krijgen we te maken met meer neerslag in de winter en minder in de zomer. Bovendien zorgt de hogere temperatuur voor meer verdamping. In het ergste geval kan dit leiden tot een verdubbeling van het vochttekort.

Om dit te voorkomen, is het broodnodig het water dat in de wintermaanden op de percelen valt, zo veel en zo goed mogelijk op te slaan. Voor het waterschap is dit een relatief nieuwe taak. Het zorgen voor een goede waterafvoer vormde jarenlang de rode draad in het waterschapsbeleid. Nu richt Waterschap Limburg haar organisatie zodanig in dat ze bij calamiteiten snel kan omschakelen van water vasthouden naar water afvoeren.

Duidelijke daling

‘De laatste twee jaar vertoont het Limburgs grondwaterpeil een duidelijke daling. Concrete metingen onderbouwen dit. Om het grondwaterpeil weer op een normaal niveau te brengen, is op dit moment op sommige plekken circa 600 millimeter neerslag nodig. Met het oog hierop wordt het bufferen van water in de wintermaanden eerder regel dan uitzondering’, stelt Har Frenken, akkerbouwer in Neer en bestuurslid van Waterschap Limburg.

‘Het laten wegstromen van water dient tot het verleden te behoren’

Om boeren mee te krijgen in het ‘andere waterdenken’ hield het waterschap in Heythuysen en Ysselsteyn twee avonden voor de Noord- en Midden-Limburgse grondgebruikers. LLTB-bestuurslid Peter van Dijck was als gastspreker aanwezig. De boodschap tijdens deze avonden was duidelijk: iedereen, dus niet alleen boeren maar ook gemeenten, industrie en natuurbeheerders, moeten maatregelen nemen gericht op het meer bufferen van water op hun grond. ‘Boeren hebben er zelf ook profijt van. Zonder beregening is de teelt van veel gewassen op de Noord- en Midden-Limburgse zandgronden immers onmogelijk’, onderstreept Frenken.

Hij verwijst naar de klimaatscenario’s van het KNMI, die uitgaan van meer drogere zomers en nattere winters. ‘Het snel laten wegstromen van water in de winter, zoals dat al jaren min of meer gebruikelijk is, behoort tot het verleden.’

In zijn ogen is het noodzaak om water vast te houden. ‘De wintermaanden eigenen zich daartoe uitstekend. Dan valt meer neerslag, terwijl er bijna geen gewassen meer op de akkers staan. Het vasthouden van water levert daardoor geen schade. Het krijgt juist de kans om in de grond te infiltreren. Dit kan door bijvoorbeeld de stuwen de komende maanden in zomerstand te laten staan of het plaatsen van zandzakken of big bags in de sloten. Hiermee kun je water tot in de haarvaten van het systeem vasthouden.’

Omdenken

Frenken vindt daarbij Van Dijck aan zijn zij. ‘Het vasthouden van het water is van levensbelang. Hoe meer we in de winter vasthouden, over hoe meer beregeningsmogelijkheden we in de zomer beschikken’, vertelt de LLTB-bestuurder. ‘Daartoe is wel een omdenken nodig. Als boer moet je in de wintermaanden al bezig zijn met de beregening van je gewassen in de komende zomer. Door nu water vast te houden, hoef je in de zomer minder op te pompen. Mogelijk kun je zo een of twee beregeningsbeurten uitsparen. Dat scheelt een boer toch tussen de 200 en 400 euro per hectare.’

Van Dijck wijst ook op een mogelijk maatschappelijk probleem: ‘In droge perioden moeten boeren hun akkers beregenen. Dat ziet de burger. We moeten voorkomen dat ze zich daarover gaan beklagen en dat er zo een maatschappelijke discussie ontstaat. Ook al zijn de agrarische wateronttrekkingen aanzienlijk minder groot dan die van andere gebruikers, zoals de industrie. Die onttrekkingen zijn voor de buitenwacht niet zichtbaar. De beregeningshaspels zijn dat wel.’

Van Dijck pleit in dat kader ook voor systemen als subinfiltratie (water inlaten in een peilgestuurd drainagesysteem) op plekken die daarvoor geschikt zijn.


Bedrijfswaterplannen nieuw leven inblazen
Om sterk te staan in een mogelijke maatschappelijke discussie is het zaak te beschikken over genoeg onderbouwde feiten. In dat kader zou het goed zijn de bedrijfswaterplannen een nieuw leven in te blazen, vindt Har Frenken, bestuurslid Waterschap Limburg. ‘Een bedrijfswaterplan is een goede methode om te kunnen aantonen hoeveel water op de percelen wordt opgevangen en hoeveel wordt gesproeid.’ Waterschap Limburg heeft ook de gemeenten, die circa 11.000 kilometer sloten beheren, opgeroepen in hun sloten maatregelen te nemen gericht op het vasthouden van water. Bijvoorbeeld het plaatsen van zandzakken of big bags in de sloten. ‘Enkele zandzakken kunnen al veel betekenen om het water vast te houden. Bij veel regen zijn deze ook weer snel weg te halen.’ Bij het vasthouden van water moet het waterschap wel steeds de situatie in het veld in ogenschouw houden. LLTB-bestuurslid Peter van Dijck onderstreept hierbij dat het waterschap moet blijven zorgen voor een goed onderhouden watersysteem dat snel inspeelt op calamiteiten. ‘Percelen met gewassen die dan onder water staan, kunnen we niet accepteren.’ Het waterschap gaat investeren in een centrale regiekamer, zodat een groot deel van de stuwen vanuit een centraal punt aangestuurd kan worden.


Droogtemaatregelen Waterschap Limburg
De vele regen in de afgelopen weken is volgens Waterschap Limburg onvoldoende om de opgelopen watertekorten aan te vullen. Om de gevolgen van de aanhoudende droogte te bestrijden, neemt het waterschap extra maatregelen. Deze zijn erop gericht het water langer vast te houden, zodat de grondwaterstanden worden aangevuld. Zo staan de stuwen van Waterschap Limburg al vanaf 2018 in de hoge zomerstand. Dat betekent dat water langer in de beken wordt vastgehouden. Ook het maaibeleid van het groen in en naast de beken is aangepast. Op plekken waar dit zonder risico op wateroverlast kan, wordt niet gemaaid. Water stroomt daardoor minder snel weg en krijgt zo meer tijd om de bodem in te dringen. Waterschap Limburg zorgt daar waar dit kan voor een maximale waterinlaat in afstemming met haar partners. Zo is een waterinlaat in gebruik genomen waarmee zo’n 300 kuub water per uur in het beeksysteem van de Uffelse Beek wordt gelaten. Daarnaast heeft het waterschap een droogte-interventieteam in het leven geroepen, dat aanvullende droogtemaatregelen neemt. Daarbij valt te denken aan het gebruiken van buffers, bermsloten, waterinlaatsystemen, gronden en dergelijke. Alles erop gericht om water zo lang mogelijk vast te houden.

Weer

  • Maandag
    23° / 8°
    10 %
  • Dinsdag
    19° / 14°
    70 %
  • Woensdag
    18° / 14°
    50 %
Meer weer