Dreiging+vogelgriep+niet+verontrustend
Achtergrond
© Tony Tati

Dreiging vogelgriep niet verontrustend

In vergelijking met voorgaande jaren is de vogelgriepdreiging niet verontrustend. Dat concluderen deskundigen van Wageningen Bioveterinary Research.

Sinds enige jaren vormen wilde watervogels wereldwijd een reservoir van ernstige, ofwel hoogpathogene, varianten van vogelgriep. Daarmee is de dreiging van vogelgriep op pluimveebedrijven fors toegenomen. Naast veel wilde vogels raken pluimveebedrijven zo nu en dan besmet met de ziekte.

Vogelgriep (AI) komt over de hele wereld veel voor. Virussen verspreiden zich door vogeltrek vanuit Azië, via broedplaatsen in Rusland, naar Noordwest Europa. Daardoor is er een continue stroom van (nieuwe) virussen en typen.

De virusdruk is het hoogst in de vogeltrekperiode. Globaal zijn dat de maanden november tot en met maart. De mate van virusdruk en de variatie in virustypen is moeilijk vooraf te voorspellen.

Trekvogels gearriveerd

Dit jaar lijkt de vogelgriepdreiging vooralsnog beperkt te zijn. 'Veel vogels die vanuit Siberië naar onze streken komen, zijn inmiddels gearriveerd. Constateringen van besmettingen van hoogpathogene vogelgriep hebben we nog niet gedaan', zegt Nancy Beerens van Wageningen Bioveterinary Research. In haar laboratorium komen dagelijks monsters binnen die op AI worden onderzocht.

'In voorgaande jaren zagen we voorafgaand aan het opduiken van vogelgriepvirussen in Nederland vaak een spoor van uitbraken op de route van trekvogels, in Wit-Rusland, Polen en Duitsland. Dat hebben we de afgelopen maanden niet gezien. Ook is er nog geen sprake van vondsten van grote aantallen dode watervogels', aldus Beerens. 'Al met al schatten we de huidige situatie niet in als verontrustend.'

Opmerkelijk veel H6

Dit jaar zijn er veel meldingen van besmettingen met laagpathogene vogelgriep van het type H6. Het H6-virustype kan niet muteren naar een hoogpathogene virusvariant en is daarom niet bestrijdingsplichtig.

'Tot nu toe zijn er dit jaar al 38 introducties van vogelgriep H6 gevonden', meldt Beerens. 'Dat is veel, maar niet geheel uitzonderlijk. In andere jaren komen we over het hele jaar ook vaak wel aan zo'n veertig nieuwe besmettingen van laagpathogene vogelgriep. Het is wel opmerkelijk dat we dit jaar vooral H6-virussen vinden.'

Pluimveehouderijorganisatie Avined meldde onlangs dat op meerdere leghennen- en kalkoenbedrijven in de provincies Overijssel, Flevoland, Gelderland, Friesland, Groningen en Noord-Brabant laagpathogene H6-vogelgriep is vastgesteld.

Piek H6 in maart

Beerens nuanceert: 'Het is niet zo dat de H6-besmettingen allemaal recent op pluimveebedrijven zijn ontstaan. In de meeste gevallen gebeurde dat eerder in het jaar. De piek van H6-introducties was in maart. Toen vonden we op elf pluimveebedrijven een besmetting. Als bedrijven eenmaal besmet zijn, blijf je iedere keer dat je monitort antistoffen vinden, tot het moment dat een besmet koppel van het bedrijf verdwijnt.'

Volgens Beerens lijkt in bijna alle gevallen sprake te zijn van overdracht van het H6-virus van wilde vogels op pluimvee. Vrijwel alle besmette pluimveebedrijven zijn bedrijven met uitloop. Uitwerpselen van wilde vogels in de uitloop zijn de belangrijkste risicofactor. Kippen kunnen besmet raken door opname van vervuilde grond of water met vogelpoep.

• Lees meer over vogelgriep


'De kans dat het H6-virus zich van een pluimveebedrijf naar een ander bedrijf heeft verplaatst, schatten we in als heel klein', zegt Beerens. Overigens zijn niet alle bedrijven waar laagpathogene vogelgriep is gevonden, besmet met hetzelfde H6-virus. Wageningen Bioveterinary Research vond antistoffen tegen H6N1, H6N2 en H6N8.

Goede controle

Vogelgriep is volgens Beerens nergens ter wereld zo goed gecontroleerd als in Nederland. Dat komt onder meer door uitgebreide monitoring en een goed early-warning-systeem. 'Ook zijn we heel snel als het gaat om diagnostiek. Wat dat betreft is er op alle fronten veel vooruitgang geboekt sinds de grote uitbraak van vogelgriep in 2003', stelt ze.

'De kans op verspreiding van het AI-virus van het ene naar het andere pluimveebedrijf is ook flink afgenomen, door een verbetering van de contactstructuur en veel betere bedrijfshygiëne', laat Beerens weten. Met surveillance en vroege detectie kan het risico volgens Beerens beheersbaar worden houden. 'Ondanks het feit dat er sprake is van een constante AI-dreiging, omdat wilde vogels de laatste jaren regelmatig hoogpathogene virusvarianten bij zich blijken te dragen.'

Avined en Wageningen Bioveterinary Research benadrukken dat goede bedrijfshygiëne en het streven naar een strikte bioveiligheid van het grootste belang blijven om vogelgriep buiten de stal te houden.

Roadmap strategische aanpak vogelgriep
Avined, het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de Dierenbescherming hebben de 'Roadmap strategische aanpak vogelgriep' opgesteld. Doel: het verkleinen van de risico's op uitbraken van hoogpathogene Aviaire Influenza/vogelgriep (HPAI) en de gevolgen hiervan. Met de roadmap is alle beschikbare kennis over HPAI bijeengebracht. Er staan 28 concrete acties in, voor de korte en de lange termijn. Van verbeteringen rondom biosecurity en onderzoek naar de bruikbaarheid van bijvoorbeeld windbreekgaas om insleeprisico's te verkleinen, tot de ontwikkeling van vaccinatiestrategieën en de mogelijkheid om via planologie risico's te beheersen in waterrijke gebieden.

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    4° / 1°
    10 %
  • Zaterdag
    2° / 0°
    10 %
  • Zondag
    7° / 1°
    20 %
Meer weer