Verontruste+boeren+bellen+Gebiedscommissie+Utrecht%2DWest+over+PAS
Achtergrond
© Koen van Wijk

Verontruste boeren bellen Gebiedscommissie Utrecht-West over PAS

De Gebiedscommissie Utrecht-West is de vooruitgeschoven post van de provincie in het landelijk gebied. Sinds de stikstofcrisis zich in volle hevigheid manifesteert, krijgt de organisatie vaker telefoontjes van ongeruste boeren dan anders. Dat kan de aanleiding zijn voor actie.

'Er is duidelijk veel onzekerheid over de toekomst', zegt Job van Amerom, directeur van het programmabureau dat het werk van de Gebiedscommissie Utrecht-West uitvoert en tevens secretaris van de Gebiedscommissie.

Volgens Van Amerom worden medewerkers van het programmabureau sinds de uitspraak over het Programma Aanpak Stikstof (PAS) van de Raad van State vaker gebeld door boeren uit het gebied met vragen als: Wat betekent dit voor mijn bedrijf? Zijn er middelen bij de overheid voor maatregelen of stoppende bedrijven? Is bedrijfsverplaatsing mogelijk?

Geen opvolger

'Het gaat bijvoorbeeld om boeren zonder opvolger of boeren wiens bedrijf nadelig ligt ten opzichte van natuurgebieden, terwijl ze toch willen doorontwikkelen.'

Er is duidelijk veel onzekerheid over de toekomst

Job van Amerom, directeur programmabureau Utrecht-West

Soms is het niet wenselijk dat de bezorgde boerenbedrijven dicht bij de natuurgebieden gaan stoppen, meent de directeur van het programmabureau. 'Dit soort boeren werkt bijvoorbeeld al natuurinclusief. Zij zijn juist waardevol op die locatie. Stoppen is vaak niet echt hun wens, maar ze zitten te veel klem om toekomst voor hun bedrijf te zien.'

Vitaal platteland

De Gebiedscommissie Utrecht-West is ingesteld door provincie Utrecht om vanuit een adviserende rol bij te dragen aan een vitaal platteland. In de commissie wordt bestuurlijk samengewerkt, waarbij alle gebiedsbelangen zijn vertegenwoordigd. De opdrachten liggen bij het remmen van bodemdaling, verduurzaming van de landbouw en realisatie van de natuuropgave.

Gebiedscommissie Utrecht-West heeft een intermediaire rol tussen overheden en gebiedspartijen. Van Amerom: 'Dit wordt gedaan door een persoonlijke en gebiedsgerichte aanpak. Hierin proberen we naar kansen te zoeken waarin meerdere thema's bij elkaar komen.'

Signaal

Bij een signaal uit een gebied gaan medewerkers van het programmabureau eerst in gesprek met de eigenaar. 'Zo'n signaal kan een aankomende stopper zijn, maar ook een voorloper op kringlooplandbouw met vragen of ideeën. Dan bespreken we de huidige bedrijfsvoering, de toekomstplannen, hoe het zit met de opvolging en meer relevante zaken.'

Parallel aan dergelijke keukentafelgesprekken wordt bij de lokale overheden nagegaan welke maatschappelijke doelen in de betreffende polder gerealiseerd moeten of kunnen worden.

Maatschappelijke doelen

Vervolgens wordt in dialoog gekeken welke gebiedsontwikkelingen bijdragen aan maatschappelijke doelen en welke beter aangepast kunnen worden, legt de directeur van het programmabureau uit.

'Extensiveren met behoud van verdiencapaciteit is de uitdaging voor zowel overheden als boerenbedrijven. Met de energietransitie, de landbouwtransitie en het verwaarden van CO2 uit veen zijn er financiële mogelijkheden om dit te realiseren.'

Vervolgens maakt de Gebiedscommissie Utrecht-West samen met gebiedspartners en de betrokken ondernemers een gedragen voorstel op polderniveau. 'Bij de uitvoering is de energie van iedereen nodig', verklaart Van Amerom. Hij noemt als voorbeeld de uitvoering van het innovatieprogramma 'Aanpak Veenweiden'.

Grondschaarste

Een knelpunt bij deze trajecten is de lage grondmobiliteit in Utrecht-West. 'Die is slechts zo'n 2 procent per jaar. Dat betekent dat er weinig mogelijkheden zijn voor het starten van kavelruiltrajecten, terwijl die nodig zijn om dingen in beweging te brengen.'

Een grondbank zou kunnen helpen, oppert de directeur van het programmabureau. 'In een grondbank kan de overheid tijdelijk gronden van stoppende boeren inbrengen om die later onder voorwaarden in te brengen in bijvoorbeeld een kavelruil. Van belang is dat de grond die vrijkomt, beschikbaar blijft in het gebied.'

Actiever oppakken

De overheid kan het strategisch verwerven van grond actiever oppakken door dit vanuit een maatschappelijk doel te doen, vindt Van Amerom. 'Verduurzaming van de landbouw en bescherming van natuurgebieden vallen daar ook onder.'

De Gebiedscommissie Utrecht-West werkt met publieke, private en maatschappelijke partijen waaronder LTO Noord aan de vitaliteit en kwaliteit van het landelijk gebied, met onder meer de thema's bodem en water, programma 'Aanpak Veenweiden' en landbouw en energie.

Het programma 'Aanpak Veenweiden' startte in 2015 en heeft als doel het afremmen van bodemdaling en het realiseren van een duurzaam watersysteem. Hoewel het programma officieel eindigt na dit jaar, lopen veel projecten door. Maandag vergadert de stuurgroep over enkele nieuwe ideeën.

Living lab

Een nieuw project in de categorie 'het nieuwe melkveebedrijf' is het living lab 'Boeren bij hoogwater' bij KTC Zegveld. Het living lab is een scenariostudie naar een extreem hoog grondwaterpeil in combinatie met een melkveebedrijf.

Een ander project is de proef met het aanbrengen van klei op veen. He idee is dat de klei zich vermengt met de bovenste veenlaag. Daardoor wordt organische stof gebonden, daalt het verlies van mineralen als ammoniak, fosfor en nitraat en wordt bodemdaling beperkt.

In de categorie 'nieuwe verdienmodellen' wordt gewerkt aan een proef met cranberryteelt en de off-gridboerderij was een experiment om anders te bouwen op de slappe veenbodem.

Cranberryteelt als nieuw verdienmodel is nog geen vruchtbaar concept.
Cranberryteelt als nieuw verdienmodel is nog geen vruchtbaar concept. © Koen van Wijk

'Boeren bij hoogwater' nieuw project Veenweiden
Een nieuw project uit het programma 'Aanpak Veenweiden' in de categorie 'het nieuwe melkveebedrijf' is het living lab 'Boeren bij hoogwater'. Het project is begin oktober gestart bij KTC Zegveld en loopt door tot en met 2022. Het living lab is een scenariostudie naar een extreem hoog grondwaterpeil in combinatie met een melkveebedrijf onder het motto: je weet pas waar de grens ligt, als je eroverheen gaat. Uitgangspunt is een grondwaterpeil van 20 centimeter onder maaiveld, als het lukt dat te realiseren. Bij de proefboerderij in Zegveld wordt hiervoor geprobeerd om een of meer systemen te ontwikkelen en uit te voeren die een rendabele bedrijfsvoering combineren met minimale bodemdaling en emissie van broeikasgassen. In het living lab wordt gekeken naar welk koeienras hier het meest geschikt voor is. Ook zijn slimme beweidingssystemen en andere grassoorten en gewassen uitproberen onderdeel van het experiment.

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    6° / -3°
    20 %
  • Dinsdag
    9° / 4°
    20 %
  • Woensdag
    7° / 3°
    10 %
Meer weer