Weinig+animo+pilot+%27Kleine+Landschapselementen%27
Achtergrond
© Ulco Wesselink

Weinig animo pilot 'Kleine Landschapselementen'

De pilot 'Kleine Landschapselementen' krijgt een vervolg. Provincie Utrecht noemt de pilot succesvol en trekt er een half miljoen euro extra voor uit. Toch valt de animo onder boeren in Stichtse Vecht tot nu toe wat tegen. Aanleg van landschapselementen kost landbouwgrond en die grond is een kostbaar goed.'

Een herstelde houtwal van 500 vierkante meter, een windvang bestaande uit elf bomen, tien knotwilgen die een historische situatie nieuw leven inblazen, 320 vierkante meter bosje met een ringsloot eromheen.

Het zijn enkele aanvragen, die José van Miltenburg, coördinator van agrarisch collectief Rijn, Vecht en Venen, al voorbij heeft zien komen. 'Er zijn twee aanvragen gerealiseerd', vertelt ze. 'Andere zitten nog in de vergunningsprocedure of moeten nog worden aangelegd. Al met al valt de animo tot nu toe wat tegen.'

Biodiversiteit

Het collectief doet mee met de pilot 'Kleine Landschapselementen' van provincie Utrecht. Doel is het landschap in het buitengebied fraaier te maken met nieuwe kleine landschapselementen, waardoor het landschap meer karakter krijgt en de biodiversiteit wordt vergroot.

De maatregelen moeten elkaar wel versterken

Gerda Kool, LTO Noord

De partijen die betrokken zijn bij de pilot, gemeenten Stichtse Vecht, De Bilt, Soest en Leusden, agrarisch collectieven Rijn, Vecht en Venen en Utrecht Oost, Landschap Erfgoed Utrecht, Utrechts Particulier Grondbezit en provincie Utrecht, zijn verenigd in het Platform Kleine Landschapselementen.

Taak van provincie

'De provincie heeft een belangrijke taak bij het behouden en ontwikkelen van natuur en het herstel van de biodiversiteit. Realisatie van kleine landschapselementen is een van de manieren waarop provincie Utrecht deze taak uitvoert', zegt woordvoerder Rik van Druten. 'Kleine landschapselementen zorgen voor een mooier landschap dat aantrekkelijk is voor de mensen die er wonen en recreëren.'

Belangrijk is ook de rol van kleine landschapselementen voor de biodiversiteit, benadrukt Van Druten.

Beschutting

'Poelen herbergen kikkers, padden en salamanders. Kleine bosjes en houtwallen bieden beschutting aan zangvogels en luwte aan libellen en vlinders. Lanen zijn van belang als verbindingsroute voor vleermuizen. In natuurvriendelijke slootkanten wemelt het van opgroeiende visjes en vinden weidevogels voedsel en schuilplekken.'

De provincie stelde voor de pilot in eerste instantie 200.000 euro beschikbaar. Agrarisch collectief Rijn, Vecht en Venen kreeg een vierde daarvan.

Landschapstafel

Het begon eind 2017 met een landschapstafel. Partijen die iets met landschapsbeheer van doen hadden, werden hiervoor uitgenodigd. Doel was om locaties te vinden waar deze elementen gerealiseerd zouden kunnen worden.

'De opkomst was matig, waardoor er weinig ideeën op tafel kwamen waar de nieuwe landschapselementen ingepast zouden kunnen worden', zegt Van Miltenburg. 'We zijn toen in samenwerking met Landschap Erfgoed Utrecht en de gemeente ieder onze eigen achterban persoonlijk gaan benaderen.'

Subsidie overgebleven

Het collectief kreeg veertien aanvragen binnen, waarvan acht locaties geschikt bleken voor deelname aan de pilot. Daarvan zijn of worden er zeven gerealiseerd. Lager dan verwacht: de 50.000 euro aan subsidie is nog niet op.

'De boeren die meedoen, willen graag een bepaalde historische situatie herstellen of de biodiversiteit in hun gebied versterken', zegt Van Miltenburg. 'Maar ik snap ook dat anderen ervan afzien. Aanleg van zo'n landschapselement kost landbouwgrond. Zeker in deze tijden is die grond een kostbaar goed.'

Haken en ogen

Ook de provinciale LTO Noord-afdeling ziet haken en ogen. 'Met natuurvriendelijke oevers zijn we natuurlijk blij. Dat versterkt de natuur en de waterkwaliteit, maar de aanleg van deze kleine landschapselementen moet wel passen bij het agrarisch natuurbeheer op het bedrijf, zodat het inkomen niet onder druk komt te staan', zegt bestuurslid Gerda Kool.

'Daarnaast is een goede samenwerking met andere partijen in het gebied noodzakelijk. We moeten namelijk niet het ene natuurdoel gaan vervangen voor het andere. Nieuw aangelegde bosjes die roofdieren aantrekken, zijn natuurlijk funest voor de weidevogel. De maatregelen moeten elkaar wel versterken.'

Succesvol

Provincie Utrecht is enthousiast en noemt de pilot succesvol. Er zijn ruim twintig poelen aangelegd of hersteld en 220 laanbomen en 330 knotbomen aangeplant. Verder zijn er heggen en hagen, elzensingels en struwelen, houtsingels en houtwallen en natuurvriendelijke oevers gerealiseerd.

De provincie schaalt de pilot daarom op. Het Platform Kleine Landschapselementen wordt uitgebreid met de gemeenten Bunnik, Houten, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Woudenberg en Zeist. Daarnaast maakt de provincie 500.000 euro extra vrij dat vanaf het najaar tot 2021 beschikbaar komt (zie kader).

Meer tijd nodig

'Wie weet', besluit Van Miltenburg. 'Misschien hebben boeren wat meer tijd nodig om aan het idee te wennen. Misschien veranderen hun omstandigheden, waardoor ze het wel zien zitten.'

Het collectief regelt in ieder geval het ANLb-contract (Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer), zorgt voor plantmateriaal en schakelt zo nodig een hovenier in om het landschapselement aan te leggen.

Goede hoop

Van Miltenburg heeft goede hoop: 'Boeren worden zich steeds bewuster van biodiversiteit, denk aan kruidenrijk grasland en bloemrijke slootkanten, dus het zal me niets verbazen als er op termijn meer interesse voor komt.'

Aanleg van landschapselementen kost landbouwgrond.
Aanleg van landschapselementen kost landbouwgrond. © Ulco Wesselink

Experimenteren met landschapsherstel
De afgelopen twee jaar is geëxperimenteerd met de aanleg van kleine landschapselementen in de gemeenten Soest, De Bilt, Leusden en Stichtse Vecht en binnen de agrarische collectieven Rijn, Vecht en Venen en Utrecht Oost. Provincie Utrecht stelde hiervoor 2 ton beschikbaar. De provincie noemt de pilot 'Kleine Landschapselementen' succesvol en schaalt deze op. Onlangs vond de ondertekening plaats van de Samenwerkingsovereenkomst Platform Kleine Landschapselementen Vervolg. Het platform is uitgebreid met de gemeenten Bunnik, Houten, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Woudenberg en Zeist. Samen zetten zij zich in voor landschapsherstel. Zij delen kennis en ervaringen en maken gebruik van elkaars netwerken. Vanaf dit najaar tot 2021 komt er 500.000 euro extra vrij voor het project. De deelnemende gemeenten hebben zelf ook middelen om kleine landschapselementen aan te leggen.

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    26° / 8°
    10 %
  • Zaterdag
    28° / 11°
    10 %
  • Zondag
    29° / 14°
    10 %
Meer weer