Landschapsbeheer Zuidoost-Friesland slaat aan

Het landschapsbeheer werpt zijn vruchten af in Zuidoost-Friesland. Het aantal deelnemende boeren steeg van 119 in 2016 naar 278 in 2017.

'In het eerste jaar waren mensen vrij sceptisch', vertelt Sander Zonderland van gebiedscollectief Elan. 'Onderhoud van houtwallen en elzensingels was in Zuidoost-Friesland heel nieuw. Maar twijfelaars van het eerste jaar merken dat er in vrij korte tijd resultaat kan worden geboekt.'

Zeven doelsoorten

Waar vorig jaar ruim 950 landschapselementen als houtwallen en elzensingels onder contract stonden, gaat het dit jaar om een kleine 2.300 landschapselementen. Daarbij komt dat boeren dit jaar ook een vergoeding kunnen krijgen voor botanische waardevolle graslanden. Het gaat in totaal om 53 hectare. Voor het leefgebied heeft Elan jaarlijks een kleine 800.000 euro ter beschikking.

Voor het eerst vindt een monitoring plaats. Landschapsbeheer Friesland telde zeven van de acht doelsoorten die in het leefgebied moeten voorkomen.
De vergoeding voor deze vorm van agrarisch natuurbeheer varieert enorm per landschapselement. Voor 1 hectare houtwallen in de hoogste bedekkingsklasse met jaarlijks onderhoud krijgt een boer een jaarlijkse vergoeding van 2.700 euro, voor 1 hectare botanisch beheer grasland is 1.150 euro beschikbaar.

Mannetjessperwer

Het is vijf uur 's ochtends, de zon komt op boven de houtwallen rond De Hoeve bij Wolvega. Een haas schiet voorbij. Een jagende mannetjessperwer laat van zich horen.

Gerrit Tuinstra van Landschapsbeheer Friesland - laarzen aan, verrekijker en tablet in de hand?- luistert vanaf een uur voor zonsopgang tot 11 uur naar de geluiden van vogels. Vijf keer inspecteert hij voor gebiedscollectief Elan van april tot juli zeventig houtwallen en hun omgeving. Met name het aantal broedvogels brengt hij in kaart. Het is dit jaar voor het eerst dat dat gebeurt. Hiermee moeten de collectieven kunnen aantonen in hoeverre het onderhoud effect heeft op de ontwikkeling van broedvogels.

Dat onderhoud bestaat uit een jaarlijks onderhoud, door het maaien van bijvoorbeeld braamstruiken of het weghalen van overhangende takken, een tussenkap die bestaat uit een snoeibeurt.
Bovendien moeten de houtsingels een keer in de 25 jaar een eindkap krijgen. Alleen de mooie bomen blijven dan staan. Dat lijkt een rigoureuze kap, stelt Tuinstra, maar is noodzakelijk voor het voortbestaan van de houtwallen. 'De stobben kunnen dan weer uitgroeien.'

Houtvoorziening

De houtwallen hadden in het gebied ooit de functie van perceelsafscheiding en houtvoorziening. Na de ruilverkaveling in de jaren zestig van de vorige eeuw verminderde het aantal houtwallen drastisch.
Nu telt Zuidoost-Friesland nog zo'n 1.220 houtwallen onder beheer, in totaal gaat het om 79 hectare. De meeste houtwallen staan er goed voor, een deel is in slechtere staat met minder vitale bomen en minder ondergroei.

Om boeren te prikkelen de houtwallen goed te onderhouden, startte collectief Elan in 2016 met het leefgebied droge dooradering. Hieronder valt onder andere het onderhoud van poelen, elzensingels en houtwallen. Dat liep eerst nog geen storm. Boeren keken de kat uit de boom, verklaart Tuinstra.
'Als de buurman het niet doet, staan zij ook niet te springen om het doen. Daarbij komt dat als ze aan onderhoud doen, burgers vaak over hun schouder mee kijken. Maar het collectief geeft het door wanneer onderhoud wordt gepleegd. En de Boswet staat het toe.'

Kachel

De knop gaat nu om, merkt hij. 'Men ziet de waarde er meer van in en krijgt er geld voor. Zoveel dat ze het veelal door particulieren uit het dorp laten onderhouden of door een aannemer. Deze mensen gebruiken het hout voor hun kachel.'

'Het onderhoud kan echter nog beter. Er is nog te weinig kennis.' Dat erkent Sander Zonderland van het gebiedscollectief Elan. 'Er is verbetering mogelijk. Soms zijn de draden voor het vee aan een boom gespijkerd. Dat mag niet, de afrastering moet verder van de bomen afstaan. Binnenkort houden we bijeenkomsten om boeren hierop te attenderen.'

Melkveehouder Jaap van der Bijl uit Oldeberkoop is een van de boeren die sinds 2016 een vergoeding krijgt voor het beheer van houtwallen. Hoewel hij er ook weleens hinder van ondervindt, doordat de takken voor de spiegel komen en er soms wat schaduw is op de percelen, horen houtwallen bij het landschap, stelt hij. 'Het onderhoud is vrij arbeidsintensief. Maar ik vind houtwallen wel heel mooi. Er komen vogels op af, dat geeft variëteit in het landschap.'

Kinderschoenen

Daar waar het onderhoud in Zuidoost-Friesland nog in de kinderschoenen staat, beheren boeren sinds de jaren tachtig in de Noardlike Fryske Wâlden zo'n 2.300 kilometer elzensingels en houtwallen. Het kleinschalige landschap kost hen zo'n 2 tot 4 cent per liter melk, stelt Ernst Oosterveld van ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga.

'Bij NFW-boeren zit het onderhoud in de genen. Dat komt door hun eigenzinnigheid. Ondanks de druk van schaalvergroting is een groot deel van de landschapselementen in stand gehouden.'
De boer kan er volgens Oosterveld nog wel meer inkomen uithalen. 'Consumenten zijn erg gevoelig voor streekproducten. Net als weidevogelzuivel kunnen boeren zuivel uit het coulisselandschap verzilveren op de markt met een goed verhaal. Dat doen ze nog te weinig.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    20° / 15°
    70 %
  • Dinsdag
    17° / 10°
    20 %
  • Woensdag
    16° / 11°
    50 %
Meer weer