‘Kost voor de baat vinden kiwi’s lastig’

Helwi Tacoma vertrok in 1991 naar Nieuw-Zeeland. Nu is hij eigenaar van Intelact, een bureau voor advies omtrent grasteelt, veevoeding en financiën. Daarnaast is hij mede-eigenaar van een melkveebedrijf met 720 koeien.

Bijvoeren en stikstofgebruik stimuleren in Nieuw-Zeeland; een manier van werken die vijftien jaar geleden bij veel ‘kiwi-boeren’ ondenkbaar was. Het kostprijsdenken was heilig en extra input kost geld. Toch is dit onder andere wat Tacoma en zijn collega’s propageren.
Als consultant reist hij veel door Nieuw-Zeeland om melkveehouders van adviezen te voorzien. Hij moet hierbij opboksen tegen een diepgeworteld geloof van de kiwi-boeren dat kosten maken verkeerd is.
‘Als wij voorrekenen dat krachtvoer bijvoeren uit kan, dan stuit dat vaak op weerstand’, vertelt Tacoma. ‘De kiwi-boeren zijn erg terughoudend met investeren.’
Toch is dat beeld de laatste vijftien jaar duidelijk veranderd. Zeker ook onder invloed van Tacoma en zijn collega’s. ‘Goedkoop krachtvoer als palmpitschroot zorgt voor extra energie en daardoor extra melkproductie en gezondere koeien. Als de extra liters meer opbrengen dan dat het krachtvoer kost, moet je niet schromen om bij te voeren.’
Het punt is dat de Nieuw-Zeelandse boeren vaak denken dat meer bijvoeren minder goed grasmanagement betekent. Het kost Tacoma nog altijd moeite om de melkveehouders van het tegendeel te overtuigen.
‘Word je intensiever, dan kun je het hoge grasaanbod in het voorjaar beter benutten. Als het droog wordt in de zomer of kouder in de winter, dan voer je meer graskuil en krachtvoer bij. Wij denken meer in ‘de kost gaat voor de baat’ en dat vinden kiwi-boeren lastig.’
Tacoma klaagt echter niet. Het lukte hem door de jaren heen een grote klantenkring op te bouwen, vooral op het Zuidereiland. Tot zo’n twintig jaar geleden was dat deel van Nieuw-Zeeland bezet door schapen en vleesvee, maar dat is compleet veranderd.
Door de komst van goede irrigatiemogelijkheden zagen melkveehouders hun kans op Zuidereiland waar de grondprijzen toen nog laag waren. Die prijzen zijn sinds die tijd al een paar keer over de kop gegaan.

Voedingsaanbod

Tacoma zag diezelfde kansen en investeerde ook in een melkveebedrijf (zie kader). Op zijn eigen bedrijf en op de bedrijven die hij adviseert, propageert hij standaard een goed voedingsaanbod. ‘In Nederland worden koeien vaak te rijk gevoerd, met name in de droogstand. Hier is het juist andersom.’
Dat komt onder andere doordat bijna alle koeien in de winter twee maanden droog staan, wanneer de grasgroei op een laag niveau ligt. Veel boeren, ook Tacoma, scharen de dieren dan uit naar andere bedrijven op drogere gronden.
Het aanbod aan gras is echter veelal te laag in die periode. Gevolg is dat de koeien goed afkalven, maar later slecht tochtig worden. ‘Ook dat is hier anders dan in Nederland. Bij jullie worden koeien wel tochtig, maar moeilijk drachtig. Hier laten ze de tocht slecht zien, maar lukt dat wel, dan zijn ze ook bijna altijd na de eerste inseminatie drachtig.’
Over zijn ervaringen als consultant en zijn eigen melkveebedrijf schrijft Tacoma geregeld in de rubriek ‘Buitenlandpost’ in Nieuwe Oogst.

Weer

  • Woensdag
    10° / -2°
    30 %
  • Donderdag
    10° / 2°
    30 %
  • Vrijdag
    9° / 3°
    20 %
Meer weer