‘We zoeken naar rozen die op transport niet zeeziek worden’

De Keniaanse rozenkwekerij Nini wil tot 2030 haar CO2-voetafdruk met meer dan 90 procent terugdringen. Dat moet gebeuren door het transport van de rozen naar Europa vooral per schip te laten plaatsvinden. Verder is het doel om tegen die tijd ook de gewasbescherming volledig zonder chemie uit te voeren.

Na het verwerken en opbossen worden de rozen op water gezet en gaan ze de koeling in.
© Chris Morgan

Het is niet vreemd als bij rozenkwekerij Nini, gelegen nabij het grote Naivasha-meer in Kenia, over een heg rondom de ronde kassen ineens een giraffe zijn lange nek uitsteekt. Het dier kijkt even geïnteresseerd naar de bezoekers, maar draait zich daarna weer om en gaat onverstoorbaar verder met grazen in een aangrenzende natuurstrook met laag struikgewas. ‘Er loopt veel wild rond in de buurt van onze teeltlocaties’, vertelt duurzaamheidsmanager Iris de Waal. ‘In principe hebben we daar weinig last van en voor het beheer werken we samen met de organisatie Kenya Wildlife Service, die daarin is gespecialiseerd.’

De Waal werkt voor Nini en voor het zusterbedrijf Herburg Roses in Ethiopië. Ze ondersteunt deze bedrijven met een aantal collega’s vanuit de Nederlandse vestiging in Honselersdijk bij diverse sociale projecten en met de verduurzaming van de productiesystemen. ‘Ongeveer vier keer per jaar bezoek ik de kwekerijen in Afrika. Dan heb ik contact met de bedrijfsleiders en teeltmanagers over onze duurzaamheidsdoelen, maar ook over het personeelsbeleid en de begeleiding en opleiding van onze medewerkers.’

Nini is gevestigd in het tuinbouwgebied Naivasha, aan de zuidelijke oever van het Naivasha-meer. Dit is in Kenia een van de belangrijkste productieregio’s voor rozen en zomerbloemen. De ligging op een hoogte tot 2.100 meter vlak bij de evenaar zorgt voor een optimaal groeiklimaat met elke dag twaalf uur licht en twaalf uur duisternis. Op 60 hectare oppervlakte aan ronde kassen teelt Nini op jaarbasis 125 miljoen rozen. Voor de afzet van de stelen naar voornamelijk bestemmingen in Nederland en het Verenigd Koninkrijk is Nini, net als Herburg Roses, aangesloten bij de grote handelsorganisatie Dutch Flower Group.

Een giraffe steekt zijn nek uit in de buurt van de rozenkassen bij Nini.
Een giraffe steekt zijn nek uit in de buurt van de rozenkassen bij Nini. © Chris Morgan

De kwekerij heeft zo’n 1.450 medewerkers, waarvan iets meer dan twee derde vrouw is. De meeste medewerkers hebben een vast arbeidscontract en blijven vaak vele jaren in dienst bij Nini. ‘We hebben dames in de teeltkassen en op onze verwerkingsafdeling die al bijna dertig jaar hier werkzaam zijn’, zegt De Waal niet zonder trots. ‘Dat is een goed teken. Via interne trainingen geven we de medewerkers ook de mogelijkheid om zich verder te kunnen ontwikkelen. De meeste teeltmanagers hebben we zelf opgeleid.’

Als werkgever heeft Nini voor het personeel een eigen kinderdagverblijf en een eigen kliniek voor gezondheidszorg. De lonen van de medewerkers zijn volgens De Waal in overeenstemming met een eigen cao voor de tuinbouwsector, die voor een bepaalde periode is afgesproken met de vakbonden in Kenia. ‘Veelal betalen we meer dan de minimumlonen in andere sectoren. Voor de gemiddelde medewerker is het voldoende om te kunnen voorzien in zijn levensonderhoud.’

Fairtrade Premium

Aanvullend op hun salaris hebben de medewerkers van Nini de beschikking over een budget vanuit het Fairtrade Premium-keurmerk. Dit kan worden besteed aan projecten naar eigen keuze. De Waal vertelt dat bijna 20 procent van de rozen van Nini onder dit keurmerk verkocht wordt. De afnemers betalen daarvoor een premie van 10 procent bovenop de reguliere prijs. In 2025 leverde dit een bedrag op van ruim 180.000 euro.

Volgens De Waal heeft een comité met vertegenwoordigers van het personeel besloten om een deel van dit geld te besteden aan bijvoorbeeld uitbreiding van het aantal klaslokalen voor een lokale school. ‘Een deel van het budget wordt besteed aan het schoolgeld voor kinderen van onze collega’s. Dit doen we al jaren. Inmiddels hebben meer dan vijfduizend kinderen hiervan gebruik kunnen maken voor hun hele opleiding.’

Een deel van het Fairtrade-budget wordt besteed aan schoolgeld voor kinderen van onze collega’s

Iris de Waal, duurzaamheidsmanager bij Nini

Naast het sociale aspect heeft Nini zichzelf voor de komende jaren vooral ook ambitieuze duurzaamheidsdoelen opgelegd. Bij de bedrijfspresentatie tijdens een bezoek van Nederlandse journalisten vertelt De Waal dat het doel is om in 2030 de rozen volledig zonder chemische toepassingen te kunnen telen. ‘Onze teelttechnische mensen denken zelfs dat dit in 2028 al mogelijk moet zijn, omdat we jaarlijks grote stappen zetten.’

Teeltmanager Peter Mureithi bevestigt dit even later bij een rondgang door de kassen. Hij geeft daar een toelichting op de bestrijding van de Afrikaanse fruitmot, ofwel de False Codling Moth (FCM). ‘Het plaaginsect heeft in Kenia in het laatste decennium voor grote problemen gezorgd, vooral bij de export. Inmiddels hebben we FCM volledig onder controle zonder chemie. De basis daarvoor is feromoonverwarring in combinatie met insectengaas in de beluchtingsramen.’

Mureithi laat de zakjes met feromonen zien die worden opgehangen in de kassen. Deze methode zorgt ervoor dat de mannetjesfruitmotten geen vrouwtjes kunnen vinden en dat er dus geen nieuwe generaties komen van het plaaginsect.

Kleine ronde kassen

De rozen bij Nini worden geteeld in relatief kleine ronde kassen, met een oppervlakte van ongeveer 0,5 hectare. Een vaste groep van zo’n vijf medewerkers is verantwoordelijk voor de werkzaamheden per kas. Deze opzet is een erfenis uit het verleden, maar heeft wel het voordeel dat ziekten en plagen beter beheersbaar zijn vanwege de kleinere compartimenten en de mogelijkheid tot precisiebehandeling, mocht er een aantasting zijn. Bovendien worden de rozen intensief gescout tijdens de teelt en ook gecontroleerd bij de verwerking voor de export. Voor eventuele bestrijdingen zijn ook in Kenia steeds meer groene gewasbeschermingsmiddelen beschikbaar.

Belangrijk in het streven van Nini om de CO2-voetafdruk in de periode tot 2030 met ruim 90 procent terug te dringen, is de focus op uitbreiding van het aandeel zeetransport. Nu wordt iets meer dan 20 procent van de rozen naar Europa per containerschip vervoerd. Dat aandeel moet 75 tot 80 procent worden, vertelt manager systeemontwikkeling Carla Ulyate. ‘We laden nu wekelijks één geconditioneerde zeecontainer met 350.000 rozen. In de ideale situatie zouden we dat dagelijks willen doen, om daarmee minder afhankelijk te zijn van het duurdere luchttransport.’

Nieuwe rozenselecties

Ulyate legt uit dat de rozen die Nini teelt, bestand moeten zijn tegen een zeereis van minimaal dertig dagen onder geconditioneerde omstandigheden. De rassenkeuze speelt daarbij een doorslaggevende rol. In een testkas staan enkele honderden nieuwe selecties van verschillende veredelaars. ‘Op ons bedrijf telen we ruim dertig rassen commercieel en zijn we continu bezig met het vervangen van variëteiten die niet meer aan onze eisen voldoen. Naast alle visuele eigenschappen en kwaliteitsnormen zijn we vooral op zoek naar rozen die niet zeeziek worden’, zegt Ulyate met een knipoog. ‘We doen daarbij zelfs concessies aan het productieniveau.’

De stap naar meer zeetransport bij Nini wordt momenteel nog afgeremd door geopolitieke onzekerheden. Die worden vooral veroorzaakt door de Houthi’s, die schepen aanvallen bij de doorgang van de Golf van Aden naar de Rode Zee. Ulyate vertelt dat soms scheepsladingen verloren gaan of dat vertraging optreedt als omvaren via de Kaaproute noodzakelijk is. ‘Dan duurt de reis soms tot wel zestig dagen en dat is niet bepaald gunstig voor de kwaliteit van de rozen.’

De rozen worden geteeld in relatief kleine compartimenten.
De rozen worden geteeld in relatief kleine compartimenten. © Chris Morgan

In een grote verwerkingsruimte staan enkele tientallen, vooral vrouwelijke medewerkers van Nini met kenmerkende gele hoofddoeken de rozen op maat te sorteren en op te bossen. Met een bos rozen in haar hand legt Ulyate uit dat alle rozen voor zowel lucht- als zeetransport voor het grootste deel hetzelfde behandeld worden. Na het opbossen worden de rozen voor twaalf uur in water gezet en gaan ze meteen ook de koelcel in.

Voor het verpakken in dozen en volladen van de containers worden de bloemen teruggekoeld tot zo’n 2 graden Celsius. Met de luchtvracht duurt het twee tot drie dagen voordat de bloemen in Europa op de plaats van bestemming zijn. Met zeetransport is dit meestal ruim dertig dagen.

Ulyate: ‘We zoeken het optimaliseren van het transport met zeecontainers in betere variëteiten, maar we bekijken ook of we in de teelt en verwerking stappen kunnen zetten. Nu testen we bijvoorbeeld voedingsproducten die we kort voor het inpakken aan de bloemen kunnen meegeven als ze op water staan. Er valt voor ons wat dat betreft nog genoeg te leren. Overigens geldt voor zowel lucht- als zeetransport dat wij maximaal een uitvalpercentage accepteren van 3 procent.’

Managers Carla Ulyate en Peter Mureithi van rozenkwekerij Nini in Kenia.
Managers Carla Ulyate en Peter Mureithi van rozenkwekerij Nini in Kenia. © Chris Morgan

Bedrijfsgegevens
Carla Ulyate en Peter Mureithi runnen rozenkwekerij Nini in tuinbouwgebied Naivasha in Kenia. Het bedrijf beschikt over 60 hectare ronde kassen voor een jaarproductie van 125 miljoen rozen. Samen met zusterbedrijf Herburg Roses in Ethiopië is Nini onderdeel van de Dutch Flower Group, die zorgt voor afzet naar vooral Europese afnemers. Bij de rozenkwekerij werken 1.450 medewerkers, van wie bijna 70 procent vrouw is.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zaterdag
    19° / 13°
    0 %
  • Zondag
    22° / 11°
    5 %
  • Maandag
    25° / 14°
    20 %
Meer weer