Hoge kosten van luchttransport duperen bloemenkwekers in Kenia

De verdubbeling van de luchttransportkosten door de oorlog in Iran heeft rampzalige gevolgen voor kwekers in Kenia. Sommigen zien zich genoodzaakt om een deel van hun oogst te vernietigen, omdat de exportmarkt de hoge kosten niet compenseert.

Rozen worden ingepakt bij rozenkwekerij Nini in Kenia voor luchttransport naar Nederland.
© Chris Morgan

In Kenia worden bijna wekelijks andere bedragen genoemd voor de transportkosten per kilo. Rozenkweker Joost Zuurbier van Bilashaka Flowers in de Naivasharegio zegt dat hij inmiddels rekent met minimaal 4 Amerikaanse dollar per kilo product. ‘Voor de coronacrisis was dat minder dan 2 dollar.’

Edwin Gakonyo van Royal FloraHolland bevestigt de berichten over de hoge prijzen voor luchtvracht. De algemeen directeur Afrika, die werkt vanuit de Keniaanse hoofdstad Nairobi, ziet de gevolgen. ‘Wij vermoeden dat bloemenkwekers hier op dit moment 30 tot 40 procent van hun potentiële oogst niet aanvoeren omdat de kosten hoger zijn dan de inkomsten.’

Gakonyo rekent voor dat de luchtvracht nu bijna 70 procent van de kostprijs voor bloemen bepaalt. Hij noemt de situatie zorgwekkend, omdat Keniaanse kwekers bijna alles verkopen naar Europa, het Midden-Oosten of Azië. Ze zijn volledig afhankelijk van transport door de lucht of eventueel over zee.

Geopolitieke spanningen

Zeetransport vanuit Afrika is in de afgelopen jaren onderzocht en toegepast. Maar ook hierbij zijn de gevolgen van de geopolitieke spanningen merkbaar. Procesmanager Carla Ulyate van rozenkwekerij Nini stelt dat de problemen met de Houthi’s, die schepen aanvallen in de Rode Zee, voor veel onzekerheid zorgen.

‘Wij laden wekelijks een zeecontainer om 350.000 rozen geconditioneerd te laten vervoeren naar Europa’, geeft Ulyate aan. ‘Liever zouden we dat dagelijks willen doen, zodat we minder afhankelijk zijn van luchttransport. Maar de huidige risico’s remmen deze ontwikkeling.’

Volgens Ulyate gaan nu soms scheepsladingen verloren of treedt ernstige vertraging op als omvaren via de Kaaproute noodzakelijk is. Dan duurt het transport soms tot wel zestig dagen. Dat is niet optimaal voor de kwaliteit van de rozen.

Lees ook: Keniaanse rozenkweker zet sterk in op groei op zeetransport naar Europa

De afhankelijkheid van export, en daarmee van transport over verre afstanden, maakt de teelt van snijbloemen in Kenia kwetsbaar. Aan de andere kant biedt het Oost-Afrikaanse land veel mogelijkheden en is het klimaat uitermate gunstig voor de jaarrondteelt van rozen en steeds meer andere bloemensoorten.

Voor een belangrijk deel hebben de bloemkwekerijen in Kenia Europese connecties, met name met Nederland en Groot-Brittannië. Voorzitter Clement Tulezi van belangenorganisatie Kenya Flower Council (KFC) schat dat 25 tot 30 procent van de hele rozenproductie in Kenia afkomstig is van ongeveer tien veelal grotere teeltbedrijven van Nederlandse ondernemers. 

Er zijn ook bedrijven met een sterke Afrikaanse basis. Een voorbeeld is Marginpar Group, met zeven eigen kwekerijen in Kenia en drie in Ethiopië. Daarnaast heeft het bedrijf drie partnerkwekerijen in Tanzania, drie in Zimbabwe en een vestiging in Nederland.

Het gunstige teeltklimaat heeft alles te maken met de ligging van Kenia op de evenaar. Het is daardoor altijd 12 uur licht en 12 uur donker in een etmaal en ook de dag- en nachttemperaturen zijn vrij constant. De tuinbouwgebieden bevinden zich op relatief grote hoogten van 1.800 tot zelfs boven 2.000 meter. Dat zorgt over het algemeen voor groeizame omstandigheden met op jaarbasis gemiddeld 800 tot 900 millimeter neerslag.

Europese retail

‘In onze rozenteelt halen we een productniveau van 240 tot 250 stelen per vierkante meter op jaarbasis. Verder kunnen we hier een goede kwaliteit telen die in ons geval geschikt is voor het Europese retailsegment’, vertelt Joost Zuurbier. Hij exploiteert samen met zijn zus Rosaline de kwekerij Bilashaka Flowers. Deze is gelegen aan het Naivasha-meer, op ruim twee uur rijden ten noordwesten van de hoofdstad Nairobi.

De teelt van rozen in ronde plastic kassen is de hoofdmoot van het 86 hectare grote bedrijf. Daarnaast vindt op kleinere schaal zaadproductie van tomaten en paprika’s plaats, stekkenteelt voor kalanchoë en afgelopen jaar is ook gestart met de teelt van chrysanten.

De rozen in Kenia worden vooral geteeld in ronde plastic kassen.
De rozen in Kenia worden vooral geteeld in ronde plastic kassen. © Chris Morgan

Bloemen behoren met thee en koffie tot de belangrijkste exportproducten van Kenia. Hoewel vrijwel alle snijbloemen voor de verkoop naar verre bestemmingen zijn, is de sector van groot economisch en sociaal belang voor het Afrikaanse land.

Deze belangen worden benadrukt door Liz Kiamba, medewerker van de Nederlandse ambassade in Nairobi. Zij geeft samen met Tulezi een toelichting op de sierteelt in Kenia, tijdens een persreis voor Nederlandse journalisten, georganiseerd door Royal FloraHolland (RFH) en Plants & Flowers Foundation Holland.

Lees ook: Rabo ziet groeikansen bloementeelt in Oost-Afrika

Van de Keniaanse bloemenproductie is 70 tot 80 procent rozenteelt in kassen. Het totale bloemenareaal is zo’n 5.000 hectare. Naast rozen worden er jaarrond zomerbloemen geteeld. Dit betreft veelal buitenteelten. Volgens Tulezi is 70 procent van de bloemenexport bestemd voor de Europese Unie. Het grootste deel daarvan wordt via RFH of rechtstreekse handel verkocht in Nederland.

Uit CBS-cijfers blijkt dat de exportwaarde van bloemen, groenten en fruit vanuit Kenia naar Nederland in 2024 521 miljoen euro bedroeg. ‘Met onze bloemenexport vertegenwoordigen wij 1,5 procent van het bruto binnenlands product in Kenia’, geeft Tulezi aan.

De bloemenexport is goed voor in totaal 1,5 procent van het bruto binnenlands product in Kenia

Clement Tulezi, voorzitter Kenya Flower Council

Het sociale aspect betreft de naar schatting 200.000 Kenianen die werkzaam zijn in de bloementeelt en dus evenzoveel gezinnen die daarvan afhankelijk zijn. Kiamba vertelt dat in Kenia vooral onder jongeren de werkloosheid hoog is. Daarom is een arbeidsintensieve sector zeer welkom. ‘Meer dan de helft van de werknemers in de bloementeelt is vrouw. Dit draagt bij aan de verbetering van de maatschappelijke positie van vrouwen en hun economische zelfstandigheid.’

De lonen in de bloementeelt liggen veelal boven het minimumloon in Kenia. Samen met allerlei secundaire arbeidsvoorwaarden zorgt dit voor een substantiële bijdrage aan het levensonderhoud van veel gezinnen. Denk daarbij aan bijdragen aan opleidingen van kinderen van medewerkers, het opzetten van klinieken voor medische zorg van personeel en het bieden van dagelijkse maaltijden.

Naast werkgelegenheid leveren veel tuinbouwbedrijven ook bijdragen aan regionale leefgemeenschappen. Dat kan zijn in de vorm van projecten om te zorgen voor beter water of een betere infrastructuur.

Verduurzaming

Een van de doelen van de persreis was om de verduurzaming van de tuinbouw in Kenia onder de aandacht te brengen. Nederlandse berichtgeving, onder meer van de NVWA, over te veel residu van pesticiden op importbloemen, heeft in Kenia veel stof doen opwaaien.

Volgens Edwin Gakonyo van RFH worden dergelijke berichten vaak gekoppeld aan bloemen uit Kenia, terwijl dat niet terecht is. ‘De suggestie dat kwekers hier niet-toegelaten middelen gebruiken, zijn onjuist en de berichten daarover zijn onverantwoord.’

Chris Kulei, mede-eigenaar van bloemenkwekerij Sian-Flowers en tevens voorzitter van belangenorganisatie KFC, valt Gakonyo bij: ‘Let wel, wij zijn voor onze afzet voor een belangrijk deel afhankelijk van de Europese retail, de eisen die zij stelt zijn heilig. Wij kunnen het ons niet veroorloven om te veel of verkeerde middelen toe te passen.’

Integrated Crop Management

Kulei legt uit dat ook in Kenia de gewasbescherming wordt uitgevoerd volgens de principes van Integrated Crop Management (ICM). ‘Wij zoeken eerst biologische oplossingen. Chemie houden we achter de hand als correctie nodig is.’

In tegenstelling tot in Nederland is er bij Keniaanse bloemenkwekers weinig discussie over het nut van certificeren. Directeur Tulezi meldt dat KFC dertig jaar geleden al een certificatieschema ontwikkelde dat past binnen de internationale standaarden van het Floriculture Sustainability Initiative (FSI).

Tulezi: ‘Kwekers moeten zijn gecertificeerd om te mogen exporteren. Via KFC Gold en KFC Silver voldoen zij aan de eisen die FSI stelt voor goede landbouwpraktijk, voor impact op het milieu en de sociale aspecten van de bedrijfsvoering.’

Beetje bureaucratisch

Over de voor- en nadelen van het leven en werken in Kenia zegt Jurjen Ilsink van veredelingsbedrijf Interplant Roses dat hij zich als Nederlander prima thuis voelt in het Afrikaanse land. ‘Hier is een fijn klimaat en dat geldt ook voor de mensen met wie wij werken. Met de overheid heb ik weinig problemen. Zolang we ons aan de regels houden, hebben we geen last. Het is wel een beetje bureaucratisch, maar dat heb je ook in andere landen.’

Andere ondernemers reageren vergelijkbaar. Zuurbier ervaart soms dat regels omslachtig zijn en waarschuwt voor moeilijkheden met de belastingdienst. Gakonyo beschouwt zijn land als politiek stabiel, zeker in vergelijking met Ethiopië, waar het in aanloop naar de presidentsverkiezingen nu onrustig is. ‘Net zoals jullie dat kunnen over jullie koning, mogen wij hier gewoon grappen maken over onze president’, zegt hij om de politieke situatie te duiden.


Jurjen Ilsink van Interplant
Jurjen Ilsink van Interplant © Haijo Dodde

Bloementeelt in Kenia is meer dan alleen rozen

De aanvoer van snijbloemen vanuit Kenia bestaat voor 70 tot 80 procent uit rozen. Maar er zijn steeds meer initiatieven om naast de buitenteelt van zomerbloemen ook andere soorten te telen. De bloemensector in het Afrikaanse land streeft uiteindelijk naar een verdeling van 50 procent rozen en 50 procent overige soorten.

Joost Zuurbier laat bij Bilashaka Flowers een kas met zowel tros- als pluischrysanten zien. ‘We zijn hier eind vorig jaar mee begonnen om te kijken of we ook in Kenia chrysanten van een goede kwaliteit kunnen telen. Dit doen we samen met de Nederlandse chrysantenkweker VHC. De eerste indrukken zijn positief.’

Interplant Roses is zelf gespecialiseerd in de veredeling van vooral trosrozen maar bekijkt ook opties voor verbreding van het assortiment in Kenia. Op de veredelingslocatie in het tuinbouwgebied vlakbij de stad Naivasha is, naast de rozenkassen, een showtuin ingericht met verschillende soorten zomerbloemen en sierheesters, variërend van lavendel tot delphinium, hypericum tot limonium.

Voor deze soorten vertegenwoordigt Interplant in Afrika Nederlandse veredelingsbedrijven als Royal Van Zanten en Kolster, vertelt locatiemanager Jurjen Ilsink. ‘De gedachte erachter is dat we ook vanuit Kenia boeketten met meerdere soorten moeten kunnen samenstellen. We beoordelen vooral in hoeverre de genoemde soorten hier perspectief hebben. Tot dusver is onze conclusie dat we ons zeker niet hoeven te beperken tot alleen rozen.’


Teeltmanager Peter Mureithi geeft uitleg over de beheersing van FCM.
Teeltmanager Peter Mureithi geeft uitleg over de beheersing van FCM. © Haijo Dodde

Afrikaanse fruitmot zonder chemie onder controle

In de Keniaanse bloementeelt ontstonden enkele jaren geleden grote problemen met de Afrikaanse fruitmot ofwel de ‘false codling moth’ (FCM). Dit plaaginsect heeft een quarantainestatus in de EU. Bij vondsten lopen rozenkwekers het risico dat zij voor een periode van minimaal twee weken worden uitgesloten van export.

Volgens rozenkweker Joost Zuurbier verwarren volwassen fruitmotten de knoppen van rozen met vruchten en leggen ze daarin hun eitjes. ‘De problemen zijn ontstaan vanaf het moment dat het gebruik van neonicotinoïden verboden is. Contactmiddelen zijn onvoldoende effectief en dat zorgde vanaf ongeveer 2020 voor serieuze belemmeringen in de export op veel bedrijven in Kenia.’

Voor de beheersing van FCM heeft de Keniaanse tuinbouwsector vervolgens een protocol ontwikkeld op basis van intensief scouten, feromoonverwarring en toepassen van insectengaas in beluchtingsramen, vertelt teeltmanager Peter Mureithi van rozenkwekerij Nini. Bij veel bloemenkwekerijen in het land hangen informatieborden met afbeeldingen van FCM in verschillende stadia.

Deze zijn er volgens Mureithi om medewerkers alert te houden en melding te laten maken van motten, eitjes of larven. ‘Het lukt inmiddels om FCM vrijwel zonder chemie onder controle te houden. Bij de verwerking voor export voeren we extra controles uit om er zeker van te zijn dat de rozen schoon naar hun eindbestemming gaan.’

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zaterdag
    20° / 7°
    5 %
  • Zondag
    18° / 8°
    10 %
  • Maandag
    12° / 6°
    30 %
Meer weer