‘In de grotten ben ik alleen en in totale stilte aan het werk’

Aardedonker, koel en muisstil. Zo’n 50 meter onder de top van de Tiendeberg heeft Dirk Jackers in de grotten van Kanne 4 kilometer aan teeltoppervlak tot zijn beschikking. ‘Dit is de laatste bezoekbare kwekerij van grotchampignons in de Benelux.’

Dirk Jackers bij de tien stalen bakken vol met kastanjechampignons.
© David Hilberink

‘Zijn we compleet?’, telt een gids de toeristen die staan te wachten voor de ijzeren toegangspoort van de grotten van Kanne. ‘Oh, we missen er nog drie?’ Terwijl de grotbezoekers nog even geduld moeten hebben, begeleidt Dirk Jackers zijn gasten van Nieuwe Oogst door de eerste bochten van het grottenstelsel. ‘Zie je die zwartgeblakerde vlekken op de zijkanten? Daaraan kun je zien dat er vroeger petroleumlampjes hingen. Elke keer als ze een mergelblok uitgezaagd hadden, verplaatsten ze het lampje om bij te kunnen schijnen. Je moet je voorstellen dat het hier anders aardedonker is.’

Na een paar honderd meter arriveren we bij een aantal zij-uitsparingen. Jackers loopt naar een paar schakelaars en plots staan tien stalen bakken vol met kastanjechampignons in het licht. Een prachtig en ietwat vreemd aandoend schouwspel op deze toch al niet alledaagse locatie. ‘Zie hier, de laatste bezoekbare grotchampignonkwekerij van de Benelux’, beschrijft de ondernemer met gevoel voor drama en humor zijn bedrijf.

Omdat het in de grotten altijd zo koel is, groeien deze champignons ongeveer 50 procent trager

Dirk Jackers, champignonteler in het Belgische Riemst

De goedlachse Vlaming begint als hij 24 jaar is met het kweken van champignons in het kerkdorp Riemst, op een steenworp afstand van Maastricht. Een doodnormale en gangbare kwekerij. Bovengronds wel te verstaan. Maar na ongeveer dertig jaar komt daar een einde aan. ‘Er kwam op een bepaald moment een soort moeheid op het bedrijf’, vertelt Jackers. ‘Ik stond voor de keuze om flink te investeren, maar dat heb ik uiteindelijk niet gedaan. Ik had geen zin meer om met zoveel personeel te werken. Ik was meer dan de helft van mijn tijd kwijt aan administratie en ander gedoe. En daarvoor had ik het vak van champignonkweker niet gekozen.’

Het Vlaamse Riemst lig vlak bij Maastricht.
Het Vlaamse Riemst lig vlak bij Maastricht. © David Hilberink

Jackers richt zijn pijlen al snel op een ondergronds avontuur. En wel in de grotten van Kanne, een toeristische trekpleister in het gelijknamige grensdorp, dat zowel door het Koning Albertkanaal als de Vlaams-Waalse grens doorsneden wordt. Hier, onder de rook van de ENCI-groeve bij de Sint Pietersberg, zaagden en hakten boeren zich al vanaf de zestiende eeuw vanaf hun eigen erven op de heuvels een weg naar beneden. Dit deden ze om mergelblokken te winnen voor de bouw van huizen, boerderijen en schuren. Een welkome en broodnodige bijverdienste in de rustige maanden van het jaar.

Grillig gangenstelsel

Het loeizware en tijdrovende werk mondde uit in een grillig gangenstelsel onder de dorpjes. Als kind struinde Jackers al door het donkere labyrint. ‘Mijn grootouders hadden een boerderij en daaronder hadden ze een eigen ingang naar de mergelgrotten. Daar werden toentertijd ook al champignons geteeld, want dat is in de Belgische en Nederlandse grotten rond 1900 begonnen op een heel kleine schaal. Dat keken ze af van de teelt in de mergelgrotten in en om Parijs.’

Het Duitse leger benutte de grotten van Kanne tijdens de Tweede Wereldoorlog voor de productie van onder andere Messerschmitt-vliegtuigmotoren en V2-raketten. Ze vergrootten en verstevigden daarvoor het gangenstelsel. Na de oorlog keerden de champignons weer terug naar hun thuisbasis, totdat eind jaren vijftig de eerste bovengrondse teeltmethodes voor champignons werden ontwikkeld. Dat betekende de ondergang van de ondergrondse champignonteelt.

Ondergronds avontuur

Althans, totdat Jackers hier neerstreek. ‘Ik wist van de geschiedenis van de champignonteelt in de grotten, en ik had natuurlijk al een groot netwerk in en kennis van de branche. Toen ik mijn kwekerij in Riemst stopte, heb ik de puzzelstukjes bij elkaar gelegd.’ Omdat de eigenaar van de bovengrond automatisch eigenaar is van de daaronder liggende grotten, betaalt Jackers huur aan vier verhuurders. Compost koopt hij kant-en-klaar aan. Per teeltronde benut de kweker slechts enkele tientallen vierkante meters.

Personeel heeft Jackers niet. ‘Ik ben hier zeven dagen per week een halve dag in stilte aan het werk. Dat is echt gas geven. Het grootste voordeel is dat ik niet meer gestoord wordt op mijn mobieltje, want die heeft geen bereik. Dat is een zegen, echt waar’, vertelt hij met een lach. Op het hoogtepunt van zijn productie, enkele jaren geleden, haalde hij jaarlijks 80 ton champignons uit de grotten. Op dit moment is de opbrengst 800 kilo per week.

Dirk Jackers teelt 800 kilo grotchampignons per week.
Dirk Jackers teelt 800 kilo grotchampignons per week. © David Hilberink

In de gangen van 8 meter hoog is het altijd 11,5 graden Celsius, met een luchtvochtigheid van 96 procent. De luchtverversing gebeurt op natuurlijke wijze via de luchtkokers, legt Jackers uit. ‘Ik heb verder alleen stroom nodig voor de verlichting en die wek ik op met zonnepanelen. Voor de rest is het energieverbruik voor de teelt nul. Duurzamer dan dit wordt het dus niet.’

Na de pluk rijdt de ondernemer de champignons met zijn bus de grotten uit. Bovengronds worden ze vervolgens in Hoogstraten verpakt en vervoerd naar de winkels van supermarktketen Carrefour. Een klein deel belandt bij restaurants in de buurt. ‘Maar niet in Nederland’, benadrukt Jackers daarbij. ‘Ik zie wel regelmatig bij restaurants in Maastricht grotchampignons uit Kanne op de menukaart staan. Hoe dat kan, is mij ook een raadsel. Want ik ben toch echt de enige in deze regio die dit doet.’

Zomerserie Boeren op een unieke plek
Geen twee boerenbedrijven zijn hetzelfde. Niet alleen de ondernemer, maar ook de plek maakt het verschil. In deze zomerserie bezoeken we agrarische bedrijven op bijzondere locaties: van eiland tot natuurgebied en van grensgeval tot de rand van de stad. Hoe beïnvloedt de omgeving de keuzes op het erf? En welke kansen en uitdagingen brengt zo’n plek met zich mee? Bekijk ook de videoreportages van onze zomerserie.

De grotchampignon onderscheidt zich volgens Jackers door een vollere smaak en de vastere structuur. ‘Het is precies dezelfde kastanjechampignon zoals we die allemaal kennen, maar door de lage temperatuur groeien ze zo’n 50 procent trager. Dat zorgt voor een hoog drogestofgehalte. Grotchampignons bevatten veel minder vocht en krimpen dus ook veel minder bij het bakken. En ze hebben ook meer bite en smaak.’

Als het interview bijna ten einde is, horen we stemmen dichterbij komen. ‘Ah, dat is de eerste groep met toeristen’, weet Jackers. Een paar minuten later geeft de gids een korte uitleg over de teelt en de historie van de grotchampignon. Voor 5 euro mogen ze twee bakjes met champignons meenemen. ‘Lichtjes afspoelen en droogdeppen. En zeker niet schoonborstelen’, geeft de teler een bereidingstip mee. ‘Gewoon puur zijn ze het lekkerst.’

Dirk Jackers (61),champignonteler in het Belgische Riemst
Dirk Jackers (61),champignonteler in het Belgische Riemst © David Hilberink

Bedrijfsgegevens
Dirk Jackers (61) is champignonteler in het Belgische Riemst. Hij heeft 4 kilometer aan teeltoppervlak. De kwekerij van Jackers bevindt zich in de grotten van Kanne, een Vlaams grensdorp ten zuidwesten van Maastricht. Hier teelt de ondernemer momenteel 800 kilo grotchampignons per week. Hij levert aan supermarktketen Carrefour en diverse lokale restaurants.

Bekijk ook de video die we opnamen op Jackers' bijzondere bedrijf:


Bekijk meer over:

Lees ook

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zaterdag
    22° / 15°
    85 %
  • Zondag
    22° / 17°
    60 %
  • Maandag
    20° / 15°
    70 %
Meer weer