Eindelijk geld voor natuur- en landbouwopgaven in regio

De provincies kunnen los met een uitgekleed Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG). Tenminste, als de Eerste Kamer akkoord gaat met de begroting van het ministerie van LNV. De Tweede Kamer gaf daar vorige week groen licht voor.

Eindelijk+geld+voor+natuur%2D+en+landbouwopgaven+in+regio
© Dirk Hol

Voor deze zogeheten koploperprojecten is 1,28 miljard euro beschikbaar. Toch zijn veel provincies allesbehalve tevreden. Ze hadden om 2,7 miljard euro gevraagd.

'Willekeur', zegt Noord-Hollands gedeputeerde Jelle Beemsterboer (BBB) over de 12 miljoen van de aangevraagde 80 miljoen euro die zijn provincie kreeg toegekend. 'Alleen de aanvragen voor de aanleg van bos en het verleggen van een fietspad in de duinen zijn meegenomen.'

Noord-Hollandse projecten voor duurzame innovaties in de landbouw zijn door tijdsdruk bij het ministerie niet beoordeeld. Volgens Beemsterboer is dat 'niet uit te leggen'. Het halen van de doelen is op deze manier 'schier onmogelijk'.

De 1,28 miljard euro voor koploperprojecten is een belangrijke stap voorwaarts, maar het is duidelijk dat er meer nodig is

Woordvoerder van het Interprovinciaal Overleg (IPO)

Andere provincies zijn ook teleurgesteld. Groningen krijgt 58 miljoen euro, terwijl ze 148 miljoen had gevraagd. 'Het is haast verdelen van de armoe', zegt gedeputeerde Henk Emmens (BBB). 'Slechts twee projecten zijn gehonoreerd. Jammer, want het gaat over integrale invoering. Alles hangt met alles samen.'

Ook Gelderland krijgt minder. 'Dit helpt niet om meters te maken en voortvarend aan de slag te gaan met alles wat er moet gebeuren', zegt BBB-gedeputeerde Harold Zoet.

De koploperprojecten kunnen worden gezien als het 'laaghangend fruit', relatief eenvoudige maatregelen die kunnen bijdragen aan natuurherstel, duurzame landbouw en stikstofreductie. Zo gaat Utrecht aan de slag met de aanleg van natuurvriendelijke oevers en ondersteuning van boeren bij het maken van toekomstbestendige keuzes. In Noord-Brabant gaat het onder meer om de aanleg van houtwallen, het verbeteren van natuur- en landbouwbodems en investeringen in een betere waterkwaliteit.


Als de Eerste Kamer ook akkoord gaat, kunnen provincies waarschijnlijk voor de zomer aan de slag met de eerste plannen. De afgelopen tijd zijn de ingediende plannen van de provincies stuk voor stuk beoordeeld door onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR), om te bepalen welke het meest kansrijk zijn.

In totaal zijn 285 voorstellen ingediend, waarvan er tot op heden 173 zijn beoordeeld. Daarvan zijn er 112 door de keuring gekomen, deze worden door de WUR-onderzoekers als voldoende concreet en doelgericht gezien.

De provinciale plannen zijn kritisch beoordeeld door WUR. Slechts 24 zijn 'direct verbonden met de NPLG-doelen, operationeel ontwikkeld, gesteund door beleidstheorieën en hebben systemen voor monitoring en evaluatie', schrijven de onderzoekers. Maar ook voor andere plannen is goedkeuring voorgesteld, omdat langer wachten niet als optie wordt gezien. 'Provincies hebben dringend behoefte aan (financiële) middelen om de maatregelen verder te ontwikkelen, op te starten of voort te zetten.'


Hete adem van Den Haag

De manier waarop de plannen worden beoordeeld, kon eerder op kritiek rekenen vanuit LTO-kringen. Provincies voelen de hete adem van Den Haag in de nek hijgen, stelde themahouder Ruimtelijke Ordening Jack Rijlaarsdam van LTO Noord recent. 'Als de provincie geld wil voor het PPLG, moet ze vooral opschrijven wat ze in Den Haag willen. Ook als het niet haalbaar is of niet de gewenste richting. En daarmee worden doelen niet realistisch.'

Utrecht komt er het best van af. Volgens verantwoordelijk gedeputeerde Mirjam Sterk (CDA) is de 284 miljoen euro die de provincie van het Rijk tegemoet kan zien 'cruciaal' om door te kunnen gaan met de plannen voor het landelijk gebied. 'We hopen nu snel, samen met onze gebiedspartners, verder te werken aan het herstel van de natuur, een duurzame landbouw en een goede toekomst voor onze boeren', aldus Sterk.

Toch is de nu vrijkomende 1,28 miljard euro maar een schijntje van het totale bedrag van 24,3 miljard dat het demissionaire kabinet met het stikstoffonds van minister Christianne van der Wal (Natuur en Stikstof) wil vrijmaken voor het NPLG en de provinciale uitwerkingen daarvan.


Minister Van der Wal op werkbezoek. Hoewel haar stikstofwet nog allerminst zeker is, wordt nu wel gestart met koploperprojecten.
Minister Van der Wal op werkbezoek. Hoewel haar stikstofwet nog allerminst zeker is, wordt nu wel gestart met koploperprojecten. © ANP/Hollandse Hoogte

In vergelijking met de 58 miljard euro die de provincies hebben gevraagd, is het helemaal duidelijk dat dit slechts het begin is. Doordat de wet voor het stikstoffonds controversieel is verklaard, is het maar de vraag of de Eerste Kamer instemt met de 24,3 miljard.

'Het is een belangrijke stap voorwaarts', zegt een woordvoerder van de provinciale belangenbehartiger IPO. 'Provincies vragen al geruime tijd om middelen. Als die er nu komen, kunnen we voortgang boeken. Maar het is duidelijk dat er meer nodig is.'

In een propositie die IPO in aanloop naar de begrotingsbehandeling van LNV naar de Tweede Kamer stuurde, stelde de organisatie al dat er veel projecten klaarstaan waar provincies en gebiedspartners mee aan de slag willen. 'Er zit energie in de gebieden, die willen we behouden. Zonder deze gelden dreigt stilstand.'


Concrete resultaten boeken

De Friese gedeputeerde Femke Wiersma (BBB), binnen IPO portefeuillehouder op het gebied van de PPLG's, zegt dat met de toekenning van het geld concrete resultaten kunnen worden geboekt. 'Er liggen allerlei plannen klaar, van het versneld doorvoeren van innovaties in de veehouderij tot het versterken van bestaande bossen. Ik hoop dat ook de Eerste Kamer straks akkoord gaat, zodat de lopende processen door kunnen gaan.'

Volgens LNV is het overigens geen punt dat er in de PPLG's nu al gebiedsplannen worden gemaakt, ondanks de onzekerheid over het stikstoffonds. Tijdens een recent webinar over het NPLG kregen ambtenaren van het ministerie de vraag of het niet gek is dat er nu al provinciale uitwerkingen worden gemaakt van een plan waar wellicht nog veel aan verandert, zodra er een nieuw kabinet zit dat andere accenten kan leggen.


'De opgave is zo urgent dat we toch nu al aan de slag willen', zegt beleidsmedewerker Duncan van den Hoek, die vanuit LNV meeschreef aan het ontwerp-NPLG. 'Mensen die meedoen hoeven niet bang te zijn dat ze iets afspreken wat totaal de andere kant op gaat, er is geen risico dat het 180 graden draait.'

Marieke Mossink, programmadirecteur voor de gebiedsaanpak bij LNV, zegt dat er in de gebieden ook veel energie is om met de aanpak van start te gaan. 'Wij horen overal het ongeduld: 'Schiet nou op met de kaders, wij willen aan de slag.' Daarnaast horen we zorgen over de toekomst: 'Kan ik door met mijn bedrijf?' Dat vraagt lef van provinciale bestuurders, er moeten besluiten worden genomen.'


Te weinig tijd en geld

Die provinciale bestuurders spreken al tijden lang hun zorgen uit over de voortgang van de gebiedsplannen. Diverse provincies, waaronder Zuid-Holland, Noord-Holland en Overijssel, gaven de afgelopen maanden meermaals aan dat er te weinig tijd, geld en mensen zijn om de plannen goed te kunnen uitvoeren.

De Wageningse onderzoekers die de plannen beoordeelden herkennen deze zorg ook. Zij adviseren een realiteitscheck te doen op de beschikbare capaciteit bij provincies voor de NPLG-maatregelen. 'De capaciteit is beperkend en moeilijk op te lossen.'

Nu er eindelijk wat geld beschikbaar is, blijft de zorg overheersen. Al noemt provincie Overijssel de beweging die nu komt positief. 'We streven naar een evenwichtige benadering, waarin leefbaarheid op het platteland, perspectief voor de agrarische sector en het behalen van natuur-, water- en klimaatdoelen samenkomen', aldus een woordvoerder van de provincie.

'Maar het toegekende bedrag is niet genoeg. Het dekt maar een deel van wat we nodig hebben voor al onze plannen. We moeten dus gerichte keuzes maken', benadrukt de Overijsselse woordvoerder.


Eerste Kamer laatste hobbel voor geld koploperprojecten

De laatste hobbel die moet worden genomen alvorens de 1,28 miljard euro daadwerkelijk beschikbaar komt voor provincies, is de Eerste Kamer. Op dit moment is nog onbekend wanneer deze gaat stemmen over het onderwerp. Wel staat voor 27 februari een commissievergadering van de senaat over het NPLG op het programma. Onduidelijk is ook of het voorstel de Eerste Kamer doorkomt. BBB, met zestien zetels de grootste fractie in de Eerste Kamer, liet bij de stemming in de Tweede Kamer optekenen dat de partij weliswaar voor de begroting van LNV stemde, maar tegen het geld voor de koploperprojecten is. ‘Mijn fractie vindt dat het niet aan een demissionair kabinet is om een verplichting van 1,28 miljard euro aan te gaan, maar aan een volgend kabinet’, aldus fractievoorzitter Caroline van der Plas. ‘Wij vrezen dat dit de opmaat is naar het uitgeven van veel meer geld uit het transitiefonds.’


Weinig vertrouwen in gebiedsprocessen


Boeren en tuinders hebben er maar weinig vertrouwen in dat de gebiedsprocessen de oplossing zijn voor het behalen van de doelen voor klimaat, stikstof en waterkwaliteit.

In het trendonderzoek van Nieuwe Oogst van december 2023 geeft maar 6 procent van de ondervraagden aan vertrouwen te hebben in de gebiedsprocessen, 60 procent heeft dat niet en 34 procent weet het niet. Dit betekent een verdere afname van het vertrouwen ten opzichte van een jaar eerder, toen 10 procent de gebiedsprocessen nog als oplossing zag voor het bereiken van de doelen. Destijds had 50 procent daar al geen vertrouwen in en zei 40 procent het niet te weten.

De lage betrokkenheid van boeren bij de gebiedsprocessen blijkt ook als wordt doorgevraagd naar de eigen situatie. Slecht 34 procent volgt de gebiedsprocessen in de eigen omgeving. 24 procent doet dat juist niet. 26 procent zegt dat er geen gebiedsprogramma’s zijn in de eigen regio, bij 16 procent moet dat proces nog opstarten. De uitkomsten komen overeen met het trendonderzoek uit 2022.



Een laag vertrouwen in de gebiedsprocessen gaat vaak samen met een laag vertrouwen in de overheid, blijkt uit reacties op de vragen. De opmerking van een Gelderse melkveehouder is daarvoor illustratief: ‘De overheidswensen worden gewoon vrijwillig verplicht. Dus overleg in een gebiedsproces heeft weinig zin.’

De groep die de gebiedsprocessen wel volgt, ziet hierin vaak de enige manier om tot werkbare oplossingen te komen. ‘Er zijn geen standaardoplossingen, elk gebied heeft andere mogelijkheden en bedreigingen. Gebiedsprocessen zijn de enige mogelijkheid om het proces te laten slagen’, aldus een plantenteler uit Zuid-Holland.

Een zoogkoeienhouder uit Overijssel deelt die mening. ‘Vanwege de toekomstbestendige integrale aanpak is een gebiedsproces de enige juiste manier om de vele uitdagingen vorm te geven. Uitdagingen waar overigens in mijn gebied niet alleen landbouw voor staat.’

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Dinsdag
    11° / 4°
    50 %
  • Woensdag
    10° / 4°
    50 %
  • Donderdag
    10° / 3°
    40 %
Meer weer