Doorrekening+voerplan+sector+eind+augustus
Nieuws
© Dirk Hol

Doorrekening voerplan sector eind augustus

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) verwacht eind augustus de doorrekening klaar te hebben van het alternatieve plan van de melkveesector voor de reductie van stikstofemissie via voer. Dat schrijft landbouwminister Carola Schouten donderdagavond 9 juli aan de Tweede Kamer.

Schouten is ook in gesprek met de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) over mogelijke gezondheidsrisico's van haar eigen voerspoorvoorstel.

Met de doorrekening geeft de minister gevolg aan de motie van Jaco Geurts (CDA) en Mark Harbers (VVD) om het sectorvoorstel door het PBL door te laten rekenen. Met dit voorstel verwacht de melkveehouderij 3 procent reductie van het ruweiwitgehalte te kunnen realiseren ten opzichte van 2018.

Het PBL rekent daarnaast ook het voorstel van de minister door. En een combinatie van beide voorstellen, in het geval melkveehouders de keuze gaan krijgen.


Anticiperen op voermaatregel

De minister wijst melkveehouders erop dat er in alle gevallen een voermaatregel komt. Het is volgens haar raadzaam om daar nu al op te anticiperen in het voerregime, de voeraankopen en het voorraadbeheer.


Schouten zegt dat ze de zorgen van melkveehouders over de mogelijke gezondheidsrisico's die kleven aan haar voermaatregel begrijpt. De maatregel is bedoeld om stikstof te reduceren en daarmee de vergunningverlening voor de bouw weer vlot te trekken. Melkveehouders zijn boos over de regeling die ze invoert. Dat leidde tot de protestacties deze week.


Te veel eiwit in voer

De minister benadrukt dat in de melkveehouderij over het algemeen meer eiwit wordt gevoerd dan nodig is. 'Het teveel aan eiwit wordt niet opgenomen door het dier, maar in de vorm van ammoniak uitgestoten', schrijft ze.

In haar voorstel houdt Schouten rekening met diergezondheid via een uitzonderingsclausule. Als het totale rantsoen onder de 155 gram per kilo droge stof dreigt uit te komen, kan een melkveehouder daar een beroep op doen. Doordat dit een bedrijfsgemiddelde is, kunnen melkveehouders volgens Schouten variëren met krachtvoer en ruwvoer om zo te voorzien in verschillende eiwitbehoeften, afhankelijk van lactatiestadium, droogstand en seizoen.


Toch is de landbouwminister in gesprek met deskundigen, onder meer van de KNMvD. 'Mocht hieruit naar voren komen dat aanvullende diergezondheidsrisico's te verwachten zijn, dan zal ik de regeling hierop aanpassen.' Ze zal de Tweede Kamer hierover gelijktijdig met de doorrekeningen van het PBL informeren.


Uitvoerbaarheid

Eerder noemde Schouten de uitvoerbaarheid van het sectorvoorstel het grootste probleem. 'Het behelst dat de krachtvoerregulering van het kabinet in werking zou treden en dat iedere melkveehouder die zou kiezen voor het alternatief van de sector, een ontheffing van de krachtvoerregulering zou moeten krijgen', schreef ze daarover.

Deze melkveehouders zouden volgens haar dan een privaatrechtelijk contract moeten afsluiten met de overheid, waarmee zij zich verbinden aan het reductiedoel op bedrijfsniveau. Inclusief de borging daarvan. Bij zowel de overheid als de sector zou dit volgens haar een te grote uitvoeringslast betekenen.

Bekijk meer over:

Weer

  • Zondag
    35° / 20°
    10 %
  • Maandag
    35° / 21°
    10 %
  • Dinsdag
    33° / 21°
    10 %
Meer weer