CEO%2DAgrifirm%3A%27Bied+boeren+perspectief%2C+dan+willen+ze+wel%27
Interview
© Maarten Sprangh

CEO-Agrifirm:'Bied boeren perspectief, dan willen ze wel'

Agrifirm wil de consument bewust maken van de kosten die boeren moeten maken om aan alle regelgeving en maatschappelijke eisen te voldoen. ‘Als de Nederlandse boeren moeten concurreren met kip uit Brazilië dan is dat gewoon geen eerlijk spel’, zegt CEO Dick Hordijk van de Apeldoornse coöperatie.

Nieuwe Oogst sprak Hordijk in de Apeldoornse schouwburg Orpheus waar woensdag circa 650 jonge (aspirant) boeren en boerinnen samenkwamen voor de Agrifirm Jongerendag. Op het programma stonden masterclasses over opvolging, verdienmodellen en de verduurzaming van de voedselproductie.

‘Het is niet een grote groep die de kont tegen de duurzaamheids-krib gooit’

Agrifirm-CEO Dick Hordijk

U vroeg de zaal wie er over tien jaar boer is. Ruim driekwart stak de hand op. Maar toen u vroeg wie dat met plezier zal doen, was het aantal handen beduidend minder. Verontrust u dat?

‘Dat is een realtycheck van waar we vandaag staan. Of jongeren met minder plezier denken te gaan boeren? Ik vermoed dat dit een uitdrukking is van hun zorgen over waar de sector naartoe gaat.

‘Misschien is het wel naïef om te denken dat je met plezier kan boeren in Nederland de komende tien jaar. Daarom is het nodig dat we jonge boeren perspectief bieden. Ze kunnen dan zelf kiezen welke route ze nemen met hun bedrijf. Dan weten ze wat het punt op de horizon is.

‘Dat de helft zijn hand toch opsteekt, laat de diepe passie van die jonge boeren zien, want die willen gewoon per se door.’

Uit het de Staat van de boer-onderzoek van Trouw blijkt dat jonge boeren minder bereid zijn om te verduurzamen. Ziet u die beweging ook?

‘Die ervaring deel ik niet. Als je boer wordt in deze omstandigheden dan weet je gewoon wat de uitdagingen zijn. Mijn ervaring is niet dat er een grote groep is die de kont tegen de duurzaamheids-krib gooit. Misschien wel als statement van ‘houd nou eens op met die stapeling van regelgeving’. Uiteindelijk zien goed opgeleide jonge boeren welke uitdagingen er liggen en dat daarvoor nog mogelijkheden en oplossingen zijn.’

Agifirm gaat met een campagne consumenten bewuster te maken van de waarde van voedsel en de eisen die aan boeren gesteld worden. Waarom?

‘We stellen de vraag of consumenten weten waar hun voeding vandaan komt en aan welke voorwaarden en eisen het moet voldoen in Nederland. Weet je van een ei hoeveel van de prijs naar de boer gaat?

‘Moeten we onderscheid maken tussen producten van Nederlandse boeren die aan allerlei eisen voldoen en buitenlandse die dat niet doen? Ik vraag me echt af of de consument voldoende doorheeft wat het spanningsveld is. De interessante vraag is of de consument bereid is daar meer voor te betalen.

‘We willen dat consumenten hun boerenverstand gaan gebruiken. Wees je bewust dat door alle eisen die de boeren op hun bord krijgen de prijs niet zo laag kan zijn. Met de campagne willen het consumentengedrag veranderen. Het is de Dierenbescherming ook gelukt om Beter Leven in de benen te krijgen waar de consument meer voor betaalt. Het zou mooi zijn als andere partijen ook instappen in deze campagne, want dan krijgt het echt momentum. Daarover zijn al gesprekken gevoerd.’

Bij de verduurzaming van de landbouw legt minister Carola Schouten (LNV) ook nadrukkelijk de bal bij bedrijven als Agrifirm.

‘Veranderingen vragen om innovatie en kennis. Agrifirm is als eerste een kennisinstituut. Onze kennis is verpakt in de producten die wij leveren aan de landbouw en veehouderij. Ik word iedere keer weer optimistisch over hoe snel wij uitdagingen op het gebied van dierenwelzijn en milieu-impact doorvertalen naar oplossingen.

‘De enige twee grenzen waar wij als leveranciers en de boeren tegenaan lopen zijn het speelveld en de regelgeving. Het gaat daarbij om het spel in de hele kolom richting verwerkers en consument. Met onze campagne willen wij als Agrifirm de discussie in gang zetten. Want als Nederlandse boeren moeten concurreren met kip uit Brazilië is dat gewoon geen eerlijk spel.’

U zit zelf ook met de minister aan tafel. In welke fase van de veranderingen zitten we volgens u?

‘De boerenacties hebben ervoor gezorgd dat de maatschappij bewust is geworden welke druk er op de boeren staat. Is er voldoende bereikt? Nee, dat moet nog komen. Maar er is nu wel momentum in Den Haag en in de maatschappij. Het Landbouw Collectief moet dat gebruiken om samen met het ministerie van Landbouw nieuw perspectief voor de boeren te ontwikkelen.

‘Als het doel is om economie en ecologie met elkaar in balans te brengen dan moet je gezamenlijk kijken wat dat betekent, een tijdpad definiëren en in kaart brengen welke ondersteuning mogelijk is. Het moeten wel solide spelregels zijn waarmee boeren moeten werken. En het moet voor minimaal tien jaar perspectief bieden.’

U ziet een goede toekomst boeren die werken binnen concepten. Voor hoeveel is dat haalbaar?

‘Je praat bij concepten over centen extra op de melk- of vleesprijs. Maar dat kan al grote invloed hebben op het verdienmodel van de boer. Je praat niet over een karbonade die twee keer zo duur wordt en waarmee je alleen maar het hoge segment bedient. Want dat argument krijgen we wel eens terug vanuit de retail. Als je iets een merknaam geeft en exclusief weet te maken dan betaalt de consument daar meer voor.

‘Waarom hebben we zoveel producten naamloos in de winkel liggen in Nederland? Gouda is in het buitenland een merknaam, maar in eigen land niet? Parmakaas is dubbeltjes duurder en dat is een heel groot concept met duizenden boeren. We moeten niet te vroeg denken dat concepten alleen voor een klein groepje boeren geschikt zijn.

‘We moeten niet te bescheiden zijn en niet te veel naar onze tenen kijken.’

Bekijk meer over:

Weer

  • Zaterdag
    19° / 7°
    40 %
  • Zondag
    20° / 7°
    10 %
  • Maandag
    22° / 8°
    10 %
Meer weer