Voerwinst+zet+veehouder+aan+het+denken
Achtergrond
© twan wiermans

Voerwinst zet veehouder aan het denken

In de varkenshouderij leggen banken en financiële adviseurs al jarenlang een grote nadruk op de voerwinst van het bedrijf. DLV Advies introduceerde het kengetal twee jaar geleden in de melkveehouderij. 'Je ziet in één oogopslag hoe het bedrijf financieel technisch draait', aldus DLV'er Niek Groot Wassink.

De voerwinst is de basis voor het rendement van een bedrijf. Dat weten ze in de varkenshouderij al langer. Banken en financiële adviseurs beschouwen het kengetal als een belangrijke indicator voor de technische prestaties van het bedrijf. De voerwinst heeft dus invloed op de financieringsmogelijkheden.

Twee jaar geleden introduceerde DLV Advies de voerwinst in de melkveehouderij. Het kengetal is simpel te berekenen. Je telt het melkgeld en de omzet en aanwas bij elkaar op, en haalt daar de voerkosten vanaf. De voerwinst wordt uitgedrukt in euro's per kilo melk. De voerkosten bestaan uit krachtvoer, mineralen, ruwvoer, bijproducten en melkproducten.

Alledaagse kosten

'Bij dit kengetal kijk je dus naar het voer dat je in je dieren stopt en je berekent wat je daarvoor terugkrijgt', aldus Niek Groot Wassink, adviseur financieel management bij DLV Advies. Melkveehouders krijgen hiermee een goed inzicht in hun voerkosten. 'Het zijn de alledaagse, variabele kosten. De voerwinst geeft je handvatten om snel bij te sturen', vervolgt Groot Wassink.

Er valt nog heel veel te halen op ruwvoerproductie

Niek Groot Wassink, adviseur financieel management bij DLV Advies

'Wil een melkveehouder bij zijn bank financiering krijgen voor groeiplannen, dan moet hij bij de betere bedrijven van Nederland horen', aldus de adviseur. 'Je moet dus technisch goed draaien. We willen ernaartoe dat de voerwinst, net als in de varkenshouderij, een kengetal met gewicht wordt. Want het cijfer is een goede indicator voor hoe een bedrijf er saldotechnisch voor staat.'

Vier standaard melkveebedrijven

De voerwinst melkveehouderij is gebaseerd op vier standaard melkveebedrijven van DLV Advies, die verschillen in melkproductie per hectare. Iedere veehouder kan zich maandelijks meten met een van deze standaardbedrijven.

'Die onderverdeling was nodig, omdat een intensief bedrijf niet te vergelijken is met een extensief bedrijf, op dit onderdeel. Intensieve veehouders kopen vaak meer voer aan en daardoor is hun voerwinst lager dan die van extensieve boeren', legt Groot Wassink uit.

Wanneer de veehouder zijn eigen bedrijf vergelijkt met het standaardbedrijf, gebeurt dit op een schaal van 100 procent. Waarbij 100 procent het gemiddelde is van de boeren in de betreffende categorie.

Ruwvoerproductie blijft achter

'In onze studiegroepen wordt het kengetal steeds belangrijker. Deelnemers bespreken elkaars voerwinst en zoeken samen naar mogelijkheden om die te verhogen', zegt Groot Wassink. Een hogere voerwinst kun je behalen door het verhogen van de melkprijs, een hogere omzet en aanwas en lagere voerkosten. 'We zien vaak dat de ruwvoerproductie op bedrijven achterblijft. Daar valt nog veel te halen.'

Het verscherpen van de krachtvoerkosten is ook een optie. 'Neem je ruwvoerpositie als uitgangspunt. Hoeveel liter melk kun je daarmee produceren? Vul dit vervolgens aan met krachtvoer. Draai dit principe niet om, laat dus niet altijd de hoogte van de melkproductie per koe leidend zijn.'

Met het realiseren van een hogere melkprijs is de voerwinst ook te verhogen. 'De melkprijs bepaalt 85 tot 95 procent van het inkomen. Als je een paar procent kan winnen, is dat al heel veel. Soms denken boeren dat ze niet kunnen tornen aan de melkprijs. Maar dat is niet waar', zegt de DLV-adviseur.

Soort melk en afzet

'Denk goed na over welk soort melk je wilt leveren en aan wie je het wilt afzetten. Er zijn veel duurzame melkstromen, zoals VLOG-, A2A2- en weidemelk. Je kunt de melk ook indikken of regionaal afzetten. En de melkprijs vastzetten op de termijnmarkt is ook een laagdrempelige manier om meer voor je melk te vangen.'

De hoogte van de melkgift per koe zegt niets over de voerwinst. 'Er zijn veehouders die 13.000 liter melk per koe realiseren, maar heel hoge voerkosten hebben en een lage melkprijs ontvangen, doordat de gehaltes laag zijn. Daarentegen kennen we ook boeren die met veel en goed ruwvoer 9.000 liter per koe produceren met 3,60 eiwit en weinig krachtvoer aankopen. Regelmatig blijkt deze laatste groep een hoge voerwinst te realiseren.'

Boekhouding

Ook Countus accountants + adviseurs werkt met het kengetal voerwinst. Jaap Gielen, specialist melkveehouderij bij Countus: 'We gebruiken het op verschillende manieren. Zeker bij grote bedrijven is het een handige parameter. Je brengt de voerefficiency in beeld en koppelt dat aan euro's.'

Het kengetal wordt door Countus standaard berekend in de bedrijfseconomische boekhouding van melkveebedrijven. Het bedrijf drukt de voerwinst uit per hectare, per kilo melk, per kilo fosfaat en per melkkoe.

'Neem nou de voerwinst per hectare. Die geeft aan hoe goed je in staat bent om ruwvoer te produceren en dat weer om te zetten in melk. Het laat zien hoe efficiënt de grond is. Produceer je veel ruwvoer en melk je daar goed van zonder dat je veel voer aanvoert, dan is je voerwinst per hectare hoog.'

Fosfaat

Countus drukt de voerwinst ook uit in kilo's fosfaat. Gielen: 'Fosfaat is je limiet wat betreft de melkproductie. Je moet binnen die grens blijven. Je creëert een hoge voerwinst per kilo fosfaat als je dikke melk levert tegen een hoge melkprijs en met lage voerkosten.'

Volgens Gielen gebruiken banken het kengetal nog nauwelijks bij het verstrekken van financieringen. 'Die kijken vooral naar saldo, reserveringscapaciteit en andere indicatoren die iets zeggen over het vakmanschap. De voerwinst is daarvoor nog te weinig ingeburgerd.'

 

Intensieve melkveebedrijven kunnen hoge voerwinst halen
In de grafiek zijn tien boeren uit een DLV-studiegroep weergegeven. Ze staan op volgorde van extensief naar intensief (van 14.000 tot 34.000 kilo melk per hectare). In deze staafdiagram is te zien dat zelfs intensieve bedrijven een zeer hoge voerwinst kunnen realiseren. Ook is te zien dat bedrijven met hoge voerkosten vaak een lage voerwinst realiseren. Boer 6 en 9 hebben beiden een melkproductie van 9.500 kilo melk per koe.
De voerwinst geeft aan hoe een melkveebedrijf technisch draait. 'Haalt een veehouder een hoge voerwinst, dan is zijn saldo meestal ook hoog, omdat je de grootste variabele kosten al hebt', zegt Niek Groot Wassink, adviseur financieel management bij DLV Advies. Het valt Groot Wassink op dat het gros van de intensieve bedrijven uit de DLV-database (met meer dan 30.000 liter melk per hectare) relatief lage voerkosten heeft, maximaal 15 cent per liter melk. 'Ze zijn vaak in staat om grote hoeveelheden hoogwaardig voer scherp in te kopen en dit om te zetten in veel melk. Daarmee is intensief boeren vaak erg lonend. Maatschappelijk gezien is een hoge intensiteit een minder gewenst systeem', vertelt de adviseur financieel management.
De voerwinst is gebaseerd op vier standaard melkveebedrijven waarmee de boer zich kan meten:
• Bedrijf A produceert minder dan 15.000 kilo melk per hectare;
• bedrijf B produceert tussen de 15.000 en 20.000 kilo melk per hectare;
• bedrijf C produceert tussen de 20.000 en 25.000 kilo melk per hectare;
• bedrijf D produceert meer dan 25.000 kilo melk per hectare.
DLV Advies maakt elk kwartaal per categorie een prognose en kijkt een jaar vooruit. Veehouders zijn daardoor voorbereid op eventuele (prijs)schommelingen.

Bekijk meer over:

Weer

  • Dinsdag
    21° / 13°
    10 %
  • Woensdag
    23° / 12°
    10 %
  • Donderdag
    24° / 13°
    30 %
Meer weer